De VVD pronkt ermee op billboards door heel het land: de hypotheekrenteaftrek blijft overeind, hoezeer D66 en CDA er ook tegen waren. Toch zit er nog een adder onder het gras.
De VVD is door tegenvallende verkiezingsuitslagen in het post-Rutte-tijdperk en een afkalvend ledenbestand tegenwoordig een armlastige partij. Afgelopen vrijdag moest de partijafdeling in Den Haag nog via een veiling in Hotel Des Indes geld inzamelen voor de komende gemeenteraadsverkiezingen. Onder de hamer gingen onder meer de oude All Stars van Mark Rutte (opbrengst 2.200 euro) en een ooit door China geschonken porseleinen bord en vingerhoed met het hoofd van oud-minister Henk Kamp erop (400 euro).
Zo is de afdeling Den Haag 27 duizend euro rijker, maar de landelijke VVD heeft in de tussentijd alweer flink geld gespendeerd. De partij huurde tweehonderd billboards langs de snelwegen af. Onder de slogan ‘afspraak is afspraak’ wordt de automobilist ingepeperd wat de VVD allemaal heeft binnengehaald tijdens de formatie, van het openen van vliegveld Lelystad tot het ‘doorpakken’ met streng asielbeleid. Helemaal bovenaan de afgevinkte lijst: ‘Hypotheekrenteaftrek blijft’.
Politiek redacteur Frank Hendrickx bericht wekelijks over de mechanismen achter de politieke gebeurtenissen.
Het is de ultieme politieke scalp. In tal van adviezen van experts en ambtenaren wordt al jaren gepleit voor een versnelde afbouw en een meerderheid in de Tweede Kamer én de coalitiepartijen D66 en CDA willen dat ook. Maar de VVD is tegen en heeft haar zin.
De billboards verraden de jubelstemming. Zelfs sceptische liberalen zien in het gepresenteerde regeringsprogramma van het minderheidskabinet ‘een echt VVD-akkoord’. Dat kan gunstig uitpakken bij de komende gemeenteraadsverkiezingen. Of alle plannen een meerderheid halen, is nog ongewis, maar voor de verkiezingen van 18 maart zal er sowieso niks meer veranderen.
GroenLinks-PvdA is daarna vastbesloten om het kabinet-Jetten alsnog naar links te trekken – als voorwaarde voor steun in de Eerste Kamer. Om de bezuinigingen op de zorg en sociale zekerheid deels terug te draaien, zijn volgens de grootste oppositiepartij hogere belastingen op winst en vermogen nodig.
Kan dan ook de afschaffing van de hypotheekrenteaftrek weer op tafel komen? Bij GroenLinks-PvdA hebben ze er een hard hoofd in. De VVD zal dat ‘politieke symbool’ waarschijnlijk niet meer opofferen, zo valt te horen.
Curieus genoeg klinkt er uit de boezem van een van de coalitiepartijen wel een voorbehoud: het ongemoeid laten van de hypotheekrenteaftrek kan eigenlijk niet, al staat het dan nog zo stellig op de VVD-billboards langs de snelwegen.
Dat heeft te maken met een uitvoeringsprobleem dat opdoemt in 2031. In dat jaar komen alle hypotheken die vóór 2001 zijn afgesloten niet meer in aanmerking voor renteaftrek. Sinds 2001 is er immers een maximumduur van dertig jaar ingevoerd.
Er is alleen een probleem: de Belastingdienst weet niet wie (aflossingsvrije) hypotheken heeft van dertig jaar of ouder. De hypotheekhouders zijn ook niet verplicht om dat zelf bij te houden. Het gevolg is dat iemand die in 2031 niet vrijwillig aangeeft dat zijn hypotheek de maximale looptijd heeft bereikt, nog tot 2043 kan blijven aftrekken (in dat jaar is het probleem opgelost, omdat er sinds 2013 alleen nog hypotheken zijn die moeten worden afgelost).
Ambtelijk wordt daar al lang voor gewaarschuwd. ‘De dertigjaarstermijn is vanaf 2031 niet goed uit te voeren en vraagt echt om een beleidsaanpassing’, staat er in een advies uit 2024. Ook de extra kosten voor de schatkist zijn in kaart gebracht: zo’n 976 miljoen euro per jaar. Een bedrag dat niet is opgenomen in de ramingen en dus ergens vandaan moet worden gehaald.
De formerende partijen zijn op de hoogte van het probeem, maar hebben er niets mee gedaan. Een eerder door het ministerie van Financiën toegezegd stuk met ‘beleidsopties’ is uitgesteld tot maart. Niemand wilde tijdens de formatie de aandacht vestigen op de pijnlijke kwestie.
Volgens de Amsterdamse hoogleraar bestuur en economie aan de Vrije Universiteit, Raymond Gradus, zijn er maar twee mogelijke oplossingen voor het probleem. Óf het kabinet-Jetten gaat alsnog op korte termijn de hypotheekrenteaftrek versoberen. Dan worden de extra kosten die in 2031 ontstaan verdeeld over alle huizenbezitters en kunnen starters via de inkomstenbelasting worden gecompenseerd. Óf het kabinet-Jetten doet niets. Dan kan een oude generatie huizenbezitters, die via aflossingsvrije hypotheken vaak al maximaal heeft geprofiteerd van de regeling, jaren langer blijven aftrekken. De extra kosten van bijna 1 miljard euro per jaar zullen ten koste gaan van de algemene middelen. Gradus noemt die optie ‘zeer onrechtvaardig’.
Toch valt rond Financiën te horen dat de kwestie waarschijnlijk op de lange baan wordt geschoven en uiteindelijk ‘verdwijnt in de techniek’. Door voorzichtig te draaien aan het tarief van de eerste belastingschijf, te ‘spelen met de heffingskortingen’ en andere fiscale regelingen kunnen de kosten van de hypotheekrenteaftrek alsnog worden getemperd voor de schatkist. Zo kunnen ook de extra kosten vanaf 2031 enigszins worden gecompenseerd. ‘Dat gebeurt vaker’, aldus een ingewijde. ‘Maar het valt niemand op. Veel te technisch.’
Formeel gaat er dan alsnog gerommeld worden aan het VVD-stokpaardjes. Maar de billboards kunnen gewoon blijven hangen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant