Reportage Drie comedians kijken de nieuwe film van Bradley Cooper over de gescheiden Alex die stand-upcomedy ontdekt als uitlaatklep. Een geslaagde film, al vinden ze Alex’ natuurtalent onwaarschijnlijk: élke comedian gaat in zijn beginfase zo nu en dan „dood op het podium”.
Alex (Will Arnett) stapt een comedybar binnen en komt erachter dat hij stand-up leuk vindt, in ‘Is This Thing On?’
Een pas gescheiden man slentert high door de New Yorkse avond, belandt toevallig in een comedycafé met een open-mic en schrijft impulsief zijn naam op de inschrijvingslijst. Eenmaal op het podium vertelt hij maar gewoon openhartig over de put waar hij zich op dat moment in bevindt. Ervaring heeft hij niet, maar het gaat en bevalt onverwachts goed.
Is This Thing on?, geregisseerd door Bradley Cooper, volgt hoe Alex Novak (Will Arnett) na zijn scheiding stand-upcomedy ontdekt als uitlaatklep. De film is losjes gebaseerd op de eerste comedymeters van de Brit John Bishop (59). In gezelschap van drie Nederlandse comedians bekeek NRC deze film over het opmerkelijke verloop van een ontluikende comedycarrière.
Bob Koomen (aangesloten bij comedyclub Comedytrain), Finn Visser en Wina Ricardo (beiden vaste spelers in Club Haug) zijn eensgezind: een geslaagde film. Milde teleurstelling is er ook: zou de film zich niet nog wat meer in comedyclubs zelf kunnen afspelen? Toch is het te verdedigen dat er ruim aandacht is voor Alex’ post-scheidingsperikelen. Die vormen immers de voedingsbodem van zijn intieme comedymateriaal.
Koomen is blij met de manier waarop stand-upcomedy wordt neergezet: als uiting van iemand die iets oprechts en echts uit zijn leven wil delen. „Niet dat typische beeld van stand-upcomedians die vooral grapjes maken over seks of zo.” Goede stand-upcomedy heeft altijd een persoonlijke grondslag, vinden ze gedrieën. Het moet meer zijn dan een reeks goed gebrachte grappen; er moet altijd wat onder zitten. Dat hoeft niet per se zo waarheidsgetrouw als Alex het aanpakt. Ook een verzonnen verhaal kan werken. Visser: „Als dat verzonnen verhaal maar van jóú is.” Koomen: „Er moet dan iets uit spreken van hoe je als mens in elkaar zit. Als dat ontbreekt, is het opeens alleen nog maar onzin.”
In de film lijkt Alex zijn gevoelens te verwerken op het podium. Ricardo herkent hier wel wat in: „Toen ik net begon met comedy en nog een gewone baan had, had ik niet zo’n leuke leidinggevende. ’s Avonds op het podium vertelde ik dan gewoon over mijn dag. Dat werkte heel goed.” Grote persoonlijke drama’s vragen volgens Visser wel om enige afstand: „Anders wordt het trauma dumping. Dan leg je je eigen issues gewoon bij het publiek neer. Dat is echt kut om naar te kijken. Dan kijk je namelijk alleen naar andermans pijn.” Koomen voegt toe: „In eerste instantie treed je voor jezelf op.” Comedy is voor comedians zeker ook een manier om dingen te verwerken, volgens hem. „En als je goed bent, heeft het publiek daar vervolgens ook iets aan.”
Na zijn spontane debuut begint Alex fanatiek ideeën te noteren voor volgende optredens. Hij schrikt zich een rotberoerte wanneer zijn jonge zoons zo’n notitieboekje vinden en lezen. De drie comedians kunnen het zich goed voorstellen. Ricardo blijkt voor de zekerheid ‘comedy Wina’ boven haar schriften te noteren: „Stel dat iemand het leest, weet hij ten minste dat het comedy is.” Koomen blijkt een andere strategie te hanteren: hij noteert zaken die hij bij grote voorkeur exclusief voor zichzelf houdt in een dusdanig handschrift dat alleen hijzelf het nog („net”) kan ontcijferen.
Sterk getroffen vinden ze de behulpzame houding van collega-comedians tegenover nieuwkomers. Alex wordt snel en op amicale wijze wegwijs gemaakt in het comedycircuit. Visser herkent dat: „Dat gaat in Nederland net zo. In het begin snap je helemaal niks van hoe het werkt.” Het is nogal een informeel netwerk, zo blijkt: „Dan zegt iemand die al langer meedraait: ‘Je moet even met die en die praten. Of even naar dit mailadres mailen en dit zeggen.’”
Het abrupte natuurtalent van Alex wordt minder waarschijnlijk gevonden. Koomen: „Je ziet eigenlijk nooit dat iemand de eerste keer zó naturel op het podium staat.” Wat volgens het trio ook ontbrak: elke comedian gaat in zijn beginfase zo nu en dan „dood op het podium”. Het hoort er volgens hen onlosmakelijk bij. Na afloop van dat soort slechte optredens hoor je dingen als „je hebt ten minste wel gezegd wat je wilde zeggen” (Ricardo) of „je stond er maar wel mooi” (Visser). Koomen herinnert zich hoe hij in een van zijn eerste comedyoptredens grappend zei dat hij niet zo veel met comedy had. „Toen riep iemand uit het publiek: ‘Nou, je hebt in ieder geval wel zelfkennis’.” Koomen, concluderend: „Als je deze film bekijkt, krijg je een wat vertekend beeld van hoe het is om als comedian te beginnen.”
Ditzelfde geldt voor de ambiance van speelplekken uit het open-miccircuit, in Nederland net als in de film het begin van menig comedycarrière. Het brengt je op uiteenlopende plekken: in een tent voor een school (Visser: „Mensen liepen gewoon voorbij, ik moest ze naar binnen zien te spelen”) of voor een bushalte waar elke vijf minuten een bus arriveert (Ricardo). Koomen memoreert ervaringen van twee uur in de trein zitten voor een paar minuten speeltijd: „Vervolgens ga je zes minuten op je bek in Brabant. En dan weer naar huis.”
Alex komt in Is This Thing On? aan zijn eerste speelplek door doodleuk de beroemde comedyclub Cellar (Visser: „de meest lijpe van New York”) binnen te lopen. Nogal onrealistisch, aldus Ricardo: „Zo gewoon alleen binnenlopen, je naam opschrijven en meteen spelen? In Amerika?” Ricardo vertelt: om daar als onbekende naam op het podium te eindigen moet je een aanzienlijke schare vrienden meenemen. Die stuwen dan de baromzet op. „Vervolgens krijg je vijf minuten speeltijd.” En niet prime time in de avond, zoals in de film. Maar gewoon ergens in de middag.
Is This Thing On? Regie: Bradley Cooper. Met: Laura Dern, Will Arnett, Bradley Cooper, Andra Day. Lengte: 124 min.
Na een huwelijk van ruim twee decennia gaan Alex (Will Arnett) en Tess (Laura Dern) in goed overleg uit elkaar. Als Alex op een avond high is, stapt hij impulsief een comedyclub binnen. Tijdens zijn stand-up act put hij uit de recente gebeurtenissen in zijn eigen leven. Alex ontdekt dat hij stand-upcomedy leuk vindt, daarnaast werkt het als gratis therapie: hij verwerkt op deze manier zijn breuk met Tess.
Is This Thing On?, de derde regie van acteur Bradley Cooper, is op zijn best in de scènes rond de New Yorkse comedyclub waar Alex regelmatig acte de présence geeft. Het is mooi om te zien hoe Alex zichzelf op het podium hervindt of zelfs opnieuw uitvindt. Ook de onderlinge verhoudingen tussen de optredende komieken zijn goed getroffen. Als komedie is Is This Thing On? dus geslaagd.
Als dramafilm over falende relaties overtuigt hij al minder. Het valt bovendien op dat Alex veel meer aandacht krijgt dan Tess, een voormalig volleybalster die ook bezig is haar leven een nieuwe richting te geven. Hier wreekt zich dat het scenario door drie mannen is geschreven, onder wie regisseur Cooper en hoofdrolspeler Will Arnett. De door Cooper gespeelde bijfiguur is zelfs ronduit ergerlijk. Het meest teleurstellend is nog wel de regie van Cooper, dit is zijn minste film tot nu toe. Het ritme sleept en hij filmt veel in genadeloze close-up, met name de optredens. We zien vooral het gezicht van Arnett van heel dichtbij als hij zijn act doet, een beetje afwisseling van de shots had deze scènes meer energie, ritme en vooral leven gegeven.André Waardenburg
Source: NRC