De Russische droneaanval van afgelopen zondag op een bus met Oekraïense mijnwerkers staat niet op zichzelf. Rusland schiet nauwelijks meer op energiedoelen, maar in plaats daarvan neemt het spoorlijnen en snelwegen onder vuur. Oekraïne zucht onder deze nieuwe tactiek.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Eerder was hij correspondent in Oost-Europa en Zuidoost-Azië.
De Oekraïense president Volodymyr Zelensky noemt ze ‘puur terrorisme’, de aanvallen op een bus even buiten de stad Dnipro en die op een passagierstrein in het oosten van het land. Aanslagen die niet tegen militairen zijn gericht, maar tegen burgers. En waarbij volgens The Financial Times Rusland gebruikmaakt van een ‘tweetrapstactiek’: de eerste drone richt zo veel mogelijk schade aan, en als hulpverleners toestromen volgt de tweede aanval, waarbij zo veel mogelijk slachtoffers worden gemaakt. Het is een tactiek die vaak wordt toegepast bij terroristische aanslagen in bijvoorbeeld Pakistan en Afghanistan.
De aanslag op de bus in Zuidoost-Oekraïne kostte afgelopen zondag op die manier aan twaalf mijnwerkers het leven. Achttien anderen raakten gewond. Volgens Serhi Beskrestov, de adviseur van de Oekraïense minister van Defensie, werd de bus aangevallen door twee in Iran ontwikkelde drones. Door de eerste explosie verloor de chauffeur de macht over het stuur en botste tegen een hek. Toen de gewonden de bus uit kwamen, werd de tweede drone op ze afgestuurd.
Het was de tweede grote aanval in een week tijd: drie dagen eerder was een passagierstrein in het oosten van Oekraïne door Russische drones aangevallen. Daarbij vielen minstens vijf doden. Volgens Zelensky zaten er tweehonderd passagiers in de trein. Achttien van hen bevonden zich in de coupé die in brand werd geschoten.
De trein was onderweg op de drukke spoorlijn tussen het westelijke stadje Chop, aan de grens met Hongarije en Slowakije, en Kramatorsk in het oosten. Omdat de situatie in Kramatorsk te gevaarlijk is geworden, rijdt de trein al niet verder dan het dorp Barvinkove. Ook dat bleek afgelopen zondag niet meer veilig te zijn.
De Oekraïense premier Joelia Svyrydenko reageerde woedend op deze ‘terreur’. Zij zei dat de droneaanslag op de trein al de zevende was in 24 uur. Drones hadden treinstellen geraakt, locomotieven, rails, de stroomvoorziening van het spoor en gebouwen. Bovendien waren er tientallen andere drone-aanvallen geweest op tankauto’s met brandstof en op bussen met burgers. Ook de getroffen trein werd achter elkaar door meerdere drones geraakt.
Het goede nieuws zondag was dat Rusland een paar dagen lang geen aanvallen had uitgevoerd op energiedoelen. De Russische president Vladimir Poetin had dat telefonisch beloofd aan zijn Amerikaanse collega Donald Trump, en hield woord. Zelensky zei maandag dat er nauwelijks Russische aanvallen op infrastructuur van stroom en water in de omgeving van de hoofdstad Kyiv waren geweest.
In plaats daarvan richt Rusland zijn drones volgens Zelensky steeds meer op ‘logistieke doelen’ als spoorlijnen en snelwegen. Oekraïne vreest dat de aanvallen van de afgelopen dagen de toon hebben gezet voor een nieuwe droneterreur. Oekraïne kan zich daartegen niet afdoende verdedigen: de Russische drones kunnen verder vliegen dan voorheen, zijn sneller en dodelijker geworden, en ze zijn steeds beter in staat de elektronische afweer van Oekraïne te omzeilen.
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant