Met zijn aansporing aan ‘middelgrote machten’ te stoppen met het paaien van Trump, was de Canadese premier Mark Carney de ster van Davos. Maar zijn strategie is voor hemzelf en voor zijn land een aanzienlijk risico.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over Noord-Amerika, het Caribisch gebied en Suriname.
Voor het luisterend oor van de rijksten en machtigsten der aarde, citeerde hij in Davos uit De macht der machtelozen, het beroemde essay waarin Václav Havel, de Tsjechoslowaakse dissident, in 1978 afrekende met wat hij ‘de levensleugen’ van het communistische Oost-Europa noemde. De Canadese premier Mark Carney (60) wilde vorige week tijdens het World Economic Forum afrekenen met een, in zijn ogen, andere leugen: het voortbestaan van een op democratische idealen, internationale wetgeving en instituties gebaseerde wereldorde, na een jaar sloopwerkzaamheden onder leiding van Donald Trump.
Carneys rede, waarin hij Donald Trump niet bij naam noemde, maar wel sprak over de tijd van ‘Amerikaanse hegemonie’, bevatte een reeks ferme oneliners zoals: ‘Dit is geen transformatie, maar een scheuring.’ En ‘nostalgie is geen strategie, de oude wereldorde komt niet terug, we hoeven er niet om te rouwen.’ Maar de kern zat in een zin die rechtstreeks gericht leek aan leiders van EU-landen en Navo-baas Mark Rutte: ‘Met elkaar wedijveren wie het meest meegaand is, dat is geen soevereiniteit. Dat is het veinzen van soevereiniteit terwijl men ondergeschiktheid accepteert.’
Nu het vertrouwen in de Verenigde Staten als bondgenoot en handelspartner daalt, moet de rest van het Westen op eigen benen staan. In de serie Zonder Amerika onderzoekt de Volkskrant wat dit betekent.
In plaats van Trump te paaien moeten ‘middle powers’, middelgrote machten zoals Canada en veel Europese landen, pragmatischer en economisch wendbaarder worden, minder redeneren vanuit vastomlijnde diepgaande bondgenootschappen, maar vanuit ‘een web van connecties in handel, investeringen en cultuur waarop we kunnen terugvallen bij toekomstige uitdagingen en mogelijkheden’.
En zo werd de relatief onbekende premier van Canada, een land dat lang gold als grijze muis van de westerse wereldorde, niet alleen de onverwachte superster van het World Economic Forum, maar ook de vaandeldrager van de post-pax-Americana-wereldorde in aanbouw.
Volgens de eminente Financial Times-commentator Gideon Rachman, die Carney in Davos interviewde, maakte de premier nooit eerder zo’n staande ovatie mee na een toespraak. The Washington Post noemde Carneys verhaal de Vijfde Symfonie van Beethoven, in een vergelijking met ‘de monotone klanken van Trumps opschepperige wijsje’ een dag later.
In de week die volgde, diende Carneys speech – volgens Canadese media zonder hulp van spindoctoren geschreven – als ondertiteling bij de handelsdeal tussen de EU en India. Zelf sloot Carney eerder in januari tot verbazing van vriend en vijand een ‘strategisch partnerschap’ met de Chinese leider Xi Jinping. En in maart vliegt ook hij met een handelsdelegatie naar India. Met beide landen waren de Canadese diplomatieke betrekkingen tot voor kort stijf bevroren als gevolg van ontvoeringsincidenten en spionagebeschuldigingen in het recente verleden.
Carneys speech en strategie zijn riskant. In de eerste plaats omdat Trump zelden een kans op vergelding onbenut laat. Maar vooral omdat de handelsovereenkomst tussen Canada, de VS en Mexico dit jaar toe is aan haar zesjaarlijkse update. Voorheen een routinekwestie, nu een mogelijk breekpunt. Deze USMCA vervlecht de drie grote Noord-Amerikaanse economieën nauw met elkaar en beschermt een aantal belangrijke sectoren van de Canadese economie (met name het grootschalig door de VS gekochte olie en gas) tegen Trumps tarievengeweld. Overigens zei Carney vrijdag dat het ‘niet vanzelfsprekend’ is dat Canada zich tijdens die onderhandelingen onderwerpt aan Trumps wensen.
Ondanks de risico’s is het niet verrassend dat het uitgerekend een Canadees is die in woord en daad voorgaat in geopolitiek nieuwland. Als één land het afgelopen jaar ervaren heeft hoe het is om noodgedwongen te moeten meedeinen op de golven van Trumps stemmingswisselingen en annexatiedreigingen (Canada als ‘51ste Amerikaanse staat’ was een terugkomend thema in de eerste maanden van Trumps presidentschap), dan zijn het de noorderburen van de VS.
Er is geen land afhankelijker van de Verenigde Staten dan Canada: door de gedeelde langste landsgrens ter wereld en de vergaande militaire vervlechting, met name in het geopolitiek steeds relevantere Arctische gebied, maar vooral economisch. In de eerste tien maanden van 2025 ging 73 procent van de Canadese export naar de zuiderburen.
Als gevolg van deze decennialange eenzijdige economische oriëntatie loopt de Canadese economische hardware van pijpleidingen, snelwegen en spoorverbindingen vooral in zuidelijke richting. Routes naar de west- en oostkust, richting de Europese en de Aziatische afzetmarkten, zijn minder goed ontwikkeld.
Carney won vorig voorjaar de Canadese verkiezingen, namens de gematigde progressieve Canadese Liberals, met de belofte zijn land economisch diverser en geopolitiek onafhankelijker te maken. Een hoofdrol in dat voornemen spelen grote, en voor de belastingbetaler dure investeringen in pijpleidingen en havens, en de winning van het grote, deels onbenutte Canadese grondstoffenpotentieel.
Mark Carney is een politieke zij-instromer. De zoon van twee onderwijzers uit de provincie Alberta werkte in een vorig leven dertien jaar als analist en bestuurder voor Goldman Sachs en gaf leiding aan de centrale banken van Canada en Groot-Brittannië. Vóór zijn verkiezingsoverwinning werd hij ingeschat als realistischer maar ook saaier dan zijn idealistische, frivole en in zijn nadagen ook zeer omstreden voorganger Justin Trudeau. Dat tweede maakte hij tot nu toe niet waar.
Carney staat aan het hoofd van een minderheidsregering en is voor politieke steun vaak afhankelijk van de (vooral sociaal-economisch) wat linksere NDP en overlopers van de Conservatieven. Zijn speech in Davos deed zijn populariteit stijgen ten opzichte van zijn grote tegenstrever Pierre Poilievre, de leider van de Canadese Conservatieven.
Toch is binnenlandse onvrede een minstens zo grote dreiging voor Carney als Trumps mogelijke wraak. De handelsdeal met China werd in het bestuurlijk federale en economisch regionaal diverse Canada met gemengde gevoelens ontvangen. Vooral omdat Carney China toestemming gaf dit jaar 49 duizend elektrische auto’s op de Canadese markt te brengen zonder het huidige invoertarief van 100 procent. Dit in ruil voor een einde aan de hoge Chinese heffingen op Canadees koolzaad. De koolzaadboeren in de provincie Saskatchewan waren blij. Maar Dough Ford, de premier van de van auto-industrie afhankelijke provincie Ontario, was woedend.
Meer in het algemeen stoelt Carneys populariteit nog steeds meer op verwachtingen dan op bereikte resultaten – en dat maakt hem kwetsbaar. Vlak voordat Trumps tweede verkiezingsoverwinning de politieke kansen in Canada verrassend deed keren ten faveure van de Liberals, leek het land zelf aan de vooravond te staan van een overname door populistisch rechts – de campagne van Poilièvre was op make-america-great-again-leest geschoeid: een combinatie van culturele oorlogsretoriek en het (retorisch) opkomen voor de problemen van ‘gewone’ Canadezen, wier levens worden bemoeilijkt door de gestegen prijzen van boodschappen en huizen. Die problemen heeft Carney na drie kwartalen regeren nog niet opgelost.
Nee, want Carney maakt voornamelijk mooie sier in het buitenland, klinkt het dan ook regelmatig uit de mond van Conservatieve parlementariërs. Na Carneys verhaal in Davos was Poilievre er als de kippen bij om te zeggen dat bij zulke mooie retoriek wel resultaten nodig zijn.
Een ander mogelijk gevaar komt van Carneys geboortegrond, de provincie Alberta. Op de glooiende prairies aan de oostkant van de Rocky Mountains voelen de Canadezen zich traditioneel het meest verwant aan de Amerikanen. Dat komt doordat Alberta het centrum is van de Canadese olieindustrie, die floreert op Amerikaanse dollars, en door de culturele overlap. Conservatieve boeren uit de streek refereren graag aan zichzelf als Canadese Cowboys.
In de Trudeau-jaren ontstond in Alberta een separatistische beweging, gevoed door de frustratie over het gebrek aan overheidsinvesteringen in de olie-infrastructuur: Canada voer destijds een economisch groenere koers dan nu. In Alberta had men het idee dat zij met hun olie ‘betaalden’ voor de in hun ogen veel te ‘woke’ politiek van Ottawa en daar niets voor terugkregen. Overigens zijn ook voorstanders van economische verduurzaming en Canadese First Nations (inheemse volkeren), in wier grondgebieden nu volop mijnbouw en pijpleidingen worden gepland, kritisch op Carney.
Niemand nam die separatistische beweging erg serieus, tot de conservatieve provinciale premier Danielle Smith het separatisme vorig jaar omarmde. Gisteren werd bekend dat een delegatie uit het Witte Huis afgelopen week achter gesloten deuren met de separatisten sprak over een lening van 500 miljard dollar om een referendumcampagne voor afscheiding van Alberta te financieren. Trumps vergelding voor Davos lijkt begonnen.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant