Autotest Afgezien van de bekerhouders doet de Leapmotor B10 weinig fout, vindt Bas van Putten. Een potentiële gamechanger die onopvallend op de kleintjes let.
Uiterlijk een dertien-in-een-dozijn-auto, maar het interieur is reusachtig en je koopt hem vanaf 28.000 euro, spotprijs.
Wat als ik eens autofabrikant word, dacht elektro-ingenieur Zhu Jiangming, toen nog in videobewaking. Zo geschiedde. In 2015 stichtte hij Leapmotor. In 2017 bracht hij zijn eerste auto uit en vorig jaar was Leapmotor al marktleider onder de Chinese auto-startups. In 2024 verkocht het 300.000 auto’s, in 2025 het dubbele.
Nu is Leapmotor hier, hand in hand met Stellantis. Dat noodlijdende merkenconglomeraat kocht in 2023 voor 1,5 miljard euro circa 20 procent van Leapmotor. De met Stellantis gesloten joint-venture Leapmotor International is net als Stellantis zelf in Nederland gevestigd.
Slim van Stellantis, denk je dan, zo profiteren innovatie en ervaring van elkaar. Dat dachten er meer. Leapmotor zou de reddingboei van Stellantis kunnen worden, schreef de Duitse journalist Frank Sieren in Der Auto-Schock, vorig jaar het eerste leesbare boek over de Chinese auto-industrie. Of de beul. Inmiddels is Leapmotor voorzichtigjes begonnen het door wanbeleid creperende Stellantis op te vreten. De partners spreken hardop over gedeelde techniek, elektromotoren en platforms. Gezien Stellantis’ zwakke marktpositie is te voorzien wie van die synergie het meest zal profiteren.
Ik zie Leapmotor nog dit decennium de baas zijn bij Stellantis. Vooralsnog is het met zijn dealernetwerk en fabrieken voor Leapmotor zijn gewicht in goud waard. Maar zodra het Europa logistiek onder controle heeft en het Europese importtarieven voor Chinese merken via Europese productielocaties kan omzeilen, zal het Stellantis als een oude huid van zich afstropen, gok ik.
Die strategie zie je vaker bij Chinese spelers. Ik denk dat Geely niet bijzonder is geïnteresseerd in het merk Volvo, dat het in 2010 overnam. Net als Stellantis voor Leapmotor was het Zweedse merk een onmisbare brug naar Europa. Nu Geely de eigen merken op de rails heeft, zal het Volvo langzaam laten verwelken. Het is nu nog een brutale hypothese, maar dat is wat je doet als je de baas wilt worden en je je eigen signatuur veel interessanter vindt dan de geleende van je Europese acquisities. Je ziet het in China: zodra de eigen merken technologisch sneller innoveren, ruilen Chinezen er hun Audi’s en Mercedessen op in. Fuck heritage: ze willen het nieuwste van het nieuwste.
Niet dat de auto’s van Leapmotor revoluties zijn. De kleine T03 won geen designprijzen en het snelladen stelde niks voor. Toch had zijn boodschap in Europa iedereen onrustig moeten maken. Hier stond, jaren voor de Europese spelers zich de onderkant van de elektromarkt begonnen aan te trekken, al de eerste serieus te nemen EV onder de 20.000 euro. Die saaie brave borst mankeerde niet genoeg om hem hooghartig weg te kunnen zetten als mislukte poging. Hij was zuinig, haalde 260 kilometer op een lading, er pasten vier mensen in, hij was snel genoeg en het infotainmentscherm kon voor zo’n budgetautootje verbazingwekkend veel goed.
De B10 herhaalt als suv-achtige middenklasser dat kunstje voor tienduizend meer. De eerste onderbuikreflex is opnieuw lichte meewarigheid. Het is een suf ding met een voor de meeste Chinese auto’s typerende doodse, synthetische besturing. Zijn verdienste is dat hij niet faalt en sympathie wekt met zijn discretie. Geen stoer gedoe met dikke wielen, gewoon 18 inch, alleen die lichtlijstjes om de ventilatieroosters doen een beetje bling. Wie daar doorheen kijkt ziet de B10 voor indrukwekkend weinig geld een hoop presteren.
Bevrijdend: geen achterlijk grote 20-of 21 inch-wielen, maar aangenaam bescheiden 18 inch.
Elf jaar geleden gesticht, Leapmotor, en nu oogt het interieur alsof ze het al een eeuw maken.
Het merendeel van de concurrenten heeft een vergelijkbaar interieur, al zijn de verlichte randen rond de ventilatieroosters best gewaagd.
Kijk, een speels detail in de lichtbalk, maar geen hond die het ziet omdat de neus op die van tientallen concurrenten lijkt.
Op de bekerhouders na – een soort uitklapbare, met treiterkleefrubber beklede zwembanden waar elke thermoskan in vastloopt – doet de ruime, stille, goed zittende en vlotte auto weinig fout. Android Auto of Apple Carplay moeten nog via een over the air-update worden toegevoegd en hij kan met 19 kWh op honderd kilometer zuiniger, maar met de 67,1 kWh-accu van de testauto haal je ook in een koude testweek 350 kilometer en je hebt al een B10 met iets kleinere accu voor 28.000 euro. Die laadt ook driefase en snellaadt tot 140 kW.
Daar schuilt het gevaar voor iedereen die zich bij Leapmotor ook nu weer op de onflatteuze verschijningsvorm verkijkt. De B10 is er een die onopvallend op de kleintjes let. Waar kennen we dat van? Het verrast me niet dat juist een Duits autoblad hem als gamechanger kwalificeerde. De Duitsers herkenden de bescheiden gedegenheid die hun huismerk Opel door Stellantis liet vernietigen. Ze zagen een nieuwe Kadett. Misschien zal de braafste burgerbak van Duitsland als betaalbare Chinees herrijzen. Dan is de global village echt een dorp geworden.
Motor elektromotor
Vermogen 218 pk
Koppel 240Nm
Aandrijving achter
Transmissie automaat
Topsnelheid 170 km/u
Acceleratie 0-100 8,0 seconden
Verbruik gemiddeld 17,3 kWh/ 100 km (fabrieksopgave)
CO2-uitstoot 0 g/km
Energielabel A
Basisprijs B10: € 27.995
Prijs testauto € 32.995
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden
Source: NRC