is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.
Amerikaanse muskusratten, nertsen en rivierkreeften weg, er duiken weer kansen op voor Europese dieren. Al is de Europese nerts nog ver weg.
De een z’n dood is de ander z’n hoop. Die natuurwet werd afgelopen week weer bewezen met twee berichten die ogenschijnlijk niets met elkaar van doen hebben.
Zo was daar het nieuws van de Unie van Waterschappen, die verheugd had vastgesteld dat vorig jaar maar liefst 84.438 muskusratten zijn gevangen. Dat is een toename van ruim 18.500, een stijging van 28 procent ten opzichte van 2024. Goed nieuws voor de Unie, want de muskusrat moet weg. Het dier is hier door menselijk handelen vanuit Noord-Amerika beland, vindt zijn weg hierheen voornamelijk vanuit Duitsland, heeft hier geen natuurlijke vijanden en kan dus vrijelijk holen en gangen graven in dijken. Daardoor kunnen ‘in het ergste geval’ woonwijken onder water lopen. Ze vreten ook nog plantensoorten weg en verdringen inheemse diersoorten zoals rietvogels, aldus de Unie.
‘Vangen’ is trouwens een eufemisme voor afmaken: ze worden gevangen met klemmen en kooien, waarin ze verdrinken als ze niet in een wurggreep belanden. Er wordt geëxperimenteerd met ‘diervriendelijke vangkooien’, maar die blijken alleen vriendelijk voor onbedoelde bijvangsten als eend, bever of otter, die door een slimme camera herkend kunnen worden, waardoor het poortje van de kooi geopend blijft voor hen. Tot zover de selectie aan de poort van het natuurbeheer.
Die poort staat intussen op een kier voor een oude bekende: de Europese nerts, ‘het meest bedreigde roofdier van Europa’. Niet te verwarren met de Amerikaanse nerts. Die laatste is in Nederland abrupt uitgestorven, maar kwam in groten getale voor in kooitjes van de bontindustrie. Dankzij corona (en de rol in besmetting die nertsen bleken te spelen) werd die toch al omstreden bedrijfstak in Nederland in 2020 vervroegd afgeschaft.
Zijpaadje: er ontsnapte weleens een Amerikaanse nerts in de vrije natuur, maar de meeste rondlopende exemplaren moeten zijn ‘bevrijd’ door activisten van het Dierenbevrijdingsfront. Van regen naar drup: de bevrijde dieren eindigden vrijwel alle onder autobanden op een snelweg én in klemmen voor muskusratten, zo blijkt.
Terug naar de poort: door de kier gloort licht voor de Europese nerts. Die was verdrongen door de Amerikaanse, maar nu die verdwenen is, ziet de Zoogdiervereniging schone kansen voor de oude inheemse. Een ‘verkennend onderzoek’ van de vereniging wijst een aantal geschikte plekken aan voor het roofdier, dat wel beschutting en water wil, maar weinig wegen en mensen.
Dan beland je al gauw in de Weerribben-Wieden, de Onlanden en omliggende moerasgebieden, waar teruggekeerde otters de paden al baanden. In West-Nederland scoren de Nieuwkoopse Plassen en Oostelijke Vechtplassen goed, aldus de Zoogdiervereniging. Daar kan hij zich tegoed doen aan een andere exoot: de Amerikaanse rivierkreeft, waar ook de otter smakelijk van knabbelt.
Praktisch puntje: de laatste Europese nertsen leven ver weg, in geïsoleerde kolonies in Zuidwest-Frankrijk, Noord-Spanje en de Donau- en Dnjestrdelta in Roemenië en Oekraïne. Op eigen kracht vinden zij nooit de weg naar Giethoorn of Blokzijl. Dat erkent ook een medewerker van de Zoogdiervereniging die we raadpleegden. Herintroduceren wordt de oplossing. Dat gebeurde al succesvol op de eilanden Hiiuumaa en Saaremaa bij Estland.
De laatste stand van zaken in de verhoogde spanningen op het wereldtoneel: de Unie van Waterschappen verwacht in 2034 alle muskusratten het land uit te hebben. De Amerikanen zijn al zo goed als verdreven, de Europese nerts kan spoedig herrijzen. Zo eigentijds en symbolisch kan natuurbeheer zijn.
In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns