Home

‘Ik heb tegen mijn moedergevoel in gehandeld en ik heb mijn handen van haar afgetrokken’

Geertje zette haar blowende dochter het huis uit. Van die beslissing zou ze de rest van haar leven berouw hebben. Een serie over mensen die spijt hebben.

Barbara van Beukering is journalist. Voor Volkskrant magazine interviewt zij wekelijks mensen over spijt.

Geertje Paaij (73), schrijver:

‘Als kind was mijn dochter een heel zachtaardig en dromerig meisje. Erg begaan met het lot van dieren, ze nam een keer een vogeltje met een gebroken pootje mee naar huis. Vanaf groep vijf werd ze gepest op school. Ik kwam erachter doordat ze nachtmerries kreeg. Tijdens het speelkwartier mocht ze meespelen met de meisjes die op paardrijles zaten, maar dan moest mijn dochter het paard zijn dat op stal stond. Toen ze een jaar of 8 was, schreef ze een briefje aan Sinterklaas: ‘Ik ben het meisje dat altijd wordt gepest. Kunt voor een andere school zorgen? Meer wil ik niet, anders ga ik liever dood.’ Ik ben me kapot geschrokken en heb haar onmiddellijk naar een andere school overgeplaatst.

‘Toen ze in de tweede klas van de middelbare school zat, ben ik gescheiden. Ik kocht een middenwoning waar ik met mijn twee dochters van 15 en 13 ging wonen. We zouden er een gezellig vrouwenhuishouden van maken, was het romantische beeld dat ik ervan had. Maar binnen de kortste keren begon mijn oudste dochter te blowen. Ze heeft de mavo nog net weten af te maken, maar daarna ging het bergafwaarts. Een beroepskeuzetest verknalde ze omdat ze knetterstoned binnenkwam. Ze bleef steeds vaker ’s nachts weg en lag de halve dag in haar bed. Haar gedrag werd steeds extremer. Ze had maling aan mij en de huisregels.

‘Als ik thuiskwam uit mijn werk, was het vaak een rotzooi. De keukenkastjes open, het aanrecht bezaaid met hagelslag, een drijfnatte handdoek op de grond. Het leek wel alsof ik alleen nog maar haar werkster was. Het blowen begon steeds extremer te worden. Ik zocht contact met de verslavingszorg. Nadat ik het gedrag van mijn dochter had beschreven, werd mij verteld dat drugsverslaafden eerst in de goot moesten belanden, wilden ze gemotiveerd raken om hulp te zoeken. Ze raadden mij aan om het boek De moeder van David S. van Yvonne Keuls te lezen. Aangezien mijn dochter net 18 was geworden, adviseerden ze mij haar het huis uit te zetten. Dat deed ik niet, dat is het laatste wat je als moeder wilt.

Kurt Cobain

‘Ze was ruim 18 toen ik een busreis door Zuid-Afrika maakte. Mijn jongste dochter woonde inmiddels bij haar vader en de oudste verzekerde me dat ze alleen thuis kon blijven. Toen ik terugkwam was de voordeur van mijn huis ingetrapt. De spiegel in de gang kapot, de pedaalemmer in de keuken in elkaar getrapt, de natte was in de wasmand beschimmeld. Ik hoorde boven de muziek van Nirvana, ze was helemaal gek van Kurt Cobain. Toen ik haar kamer binnenkwam, bleek ze haar haar pikzwart te hebben geverfd. Ze zat te tokkelen op een gitaar en keek me heel wazig aan. Ik kon alleen maar huilen.

‘Een paar maanden later stond mijn vriend in de keuken op het moment dat mijn dochter met een vriendin binnenkwam vallen met pizzadozen onder hun arm. Mijn dochter duwde mijn vriend opzij om de pizza in de oven te doen. Op dat moment brak ik. Ik begon te jammeren dat ze mijn dochter niet meer was. Toen ze me een klap in mijn gezicht wilde geven, hebben mijn vriend en ik haar naar buiten gewerkt. In mijn wanhoop besloot ik het advies van de verslavingszorg op te volgen. Ik zei dat ze de volgende dag haar spullen kon halen. De volgende dag kwam ze haar kleding, die ik allemaal in vuilniszakken in de tuin had gezet, oppikken. Ze reageerde heel gevoelloos, als een robot.

‘Tot op de dag van vandaag heb ik spijt van die beslissing. Ik had gehoopt dat ze na een paar dagen tot inkeer zou komen en hulp zou zoeken. Maar ze vertrok naar een kraakpand en liet niets meer van zich horen. Ik hoorde via via dat ze veel drugs gebruikte en dat ze stal. Van de krakers kreeg ze bestellijstjes waarop stond wat ze allemaal moest stelen in supermarkten en benzinestations. Ze is een keer thuis geweest, na een maand of drie, om haar spaarrekening op te eisen. Ik vond het verdrietig omdat het voor haar studie was bedoeld, maar ze was 18 dus ze had er recht op. Ze zag er verwilderd uit, mager, lege blik. Het kraakpand stond bekend als een anarchistische bende. Ik ben er nooit geweest, dat kon ik niet aan.

Stemmen in haar hoofd

‘Een half jaar nadat ik haar op straat had gezet, werd ik gebeld door de enige vriend die mijn dochter in de krakerswereld had. Hij vertelde dat het helemaal niet goed met haar ging. De volgende dag kwam hij met mijn dochter langs. Op het moment dat die vriend in de huiskamer ging zitten, vroeg mijn dochter of ze even mocht douchen. Natuurlijk mocht dat. Terwijl ik met die jongen in gesprek was hoorde ik haar opeens praten. Toen ik boven kwam klonk het alsof er iemand naast haar onder de douche stond. Heel griezelig vond ik dat. Die vriend legde uit dat ze tegen de stemmen in haar hoofd praatte. De volgende dag werd ze opgenomen op de gesloten psychiatrische afdeling van het ziekenhuis.

‘Toen ik in dat kamertje kwam, zat ze op haar bed. Haar hele lijf was verstrakt en ze keek naar het plafond. Zonder me aan te kijken zei ze: ‘Ik hoor katten krijsen op het kerkhof.’ Ze bleek een psychose te hebben. Ik sloeg mijn armen om haar magere en verwaarloosde lichaam heen. Terwijl ik een grote opluchting voelde dat ze daar veilig zat, greep het me vreselijk aan dat ze, gevangen in haar psychose, totaal onbereikbaar was. Ik heb een tekening van haar uit die periode in het ziekenhuis. Het is een heel desolaat landschap, met zwarte bomen, er zit geen takje aan. Die tekening beschrijft precies hoe zij zich voelde. Dat grijpt mij nog steeds aan. Na zeven maanden werd de diagnose schizofrenie gesteld.

‘Als ik had geweten dat mijn dochter een psychiatrische stoornis had, had ik haar nooit op straat gezet. Ik heb tegen mijn moedergevoel in gehandeld en ik heb mijn handen van haar afgetrokken. Ze had evengoed schizofrenie gekregen, maar ik denk dat ze minder beschadigd was geweest als ze die verschrikkelijke episode in dat krakersmilieu niet had hoeven meemaken. Dat is traumatisch voor haar geweest en dat heb ik op mijn geweten. Daarover voel ik me heel schuldig. Ik verwijt de hulpverleners dat ze mij het advies hebben gegeven om haar op straat te zetten, maar ik had als moeder op mijn strepen moeten gaan staan en hulp voor haar moeten afdwingen.

Onverteerbare gedachte

‘Ik spreek mijn dochter nu al elf jaar niet meer, ze is inmiddels 40. Ze is nog steeds heel erg boos op mij, ook door haar waandenkbeelden die veroorzaakt worden door haar ziekte. Haar brein is zo vervormd, ik vrees dat het niet meer goedkomt tussen ons. Om het gevoel van spijt om te buigen in iets constructiefs, ben ik redactielid geworden van Ypsilon, een vereniging die familieleden van mensen met een psychiatrische kwetsbaarheid steunt. Ik weet alles over de ziekte schizofrenie, en tegelijk niets, omdat ik nooit zal begrijpen wat er in het hoofd van mijn dochter omgaat.

‘Ik wil niet die zielige moeder zijn, ik wil me niet wentelen in zelfbeklag. Het gaat om de spijt waarmee ik blijf worstelen. De onverteerbare gedachte dat het ook anders had gekund. Ik houd nog steeds van haar, al zie ik haar niet meer. Ik blijf haar moeder tot de dag dat ik er niet meer ben.’

Met instemming van haar moeder heeft Geertjes dochter dit interview gelezen en reageert: ‘Ik heb niet alleen schizofrenie maar ook complexe PTSS, en dat heb ik al in mijn jeugd opgelopen. Ik had veel eerder behandeling moeten krijgen maar door toedoen van mijn moeder is het allemaal anders verlopen. Zij is geen slachtoffer, maar dader.’

Barbara van Beukering is speciaal op zoek naar mannen met diepe spijt. Stuur een mailtje naar b.vanbeukering@gmail.com

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next