Home

Vandaag in 1903: grote spoorwegstakingen staan aan de basis van breed georganiseerde vakbond

Arbeidsgeschiedenis De reactie van de regering op de staking in 1903 was hard: bij een volgende patrouilleerde het leger langs het spoor en staken werd verboden voor ambtenaren – een verbod dat tot 1980 zou duren.

Deelnemers aan de landelijke spoorwegstaking voor het station in Haarlem

‘Gansch het raderwerk staat stil, als uw machtige arm het wil….’ Het is de iconische leus met bijbehorende spotprent van Albert Hahn (zie onder) waarmee de spoorwegstakingen van 1903 nog altijd worden herinnerd. De raderen die de treinen in beweging moesten zetten, werden door de ‘machtige arm’ van de arbeider drie dagen lang geblokkeerd. De inzet van de strijd was het recht om zich bij een vakbond aan te sluiten.

De staking, die in de nacht van 31 januari op 1 februari 1903 werd beëindigd omdat de eisen van de stakers werden ingewilligd, en een mislukte vervolgstaking in april van hetzelfde jaar, zou leiden tot het strafbaar stellen van staken door ambtenaren én de basis leggen voor een breed georganiseerde vakbond. De spoorwegstakingen waren daarmee een kantelpunt voor het stakingsrecht en de vakbeweging.

Een korte geschiedenisles: de vakbeweging bestond in het begin van de twintigste eeuw uit tal van kleine bonden. Maar in de jaren na de spoorwegstakingen en de daaropvolgende inperking van het stakingsrecht drong het besef onder arbeiders door dat zo’n gefragmenteerde aanpak niet werkte. Dit leidde in 1906 tot oprichting van de vakcentrale NVV, een voorloper van de huidige vakfederatie FNV.

Rangeerder solidair met havenarbeiders

De stakingen op het spoor ontstonden begin januari in de Amsterdamse haven, waar arbeiders zich wilden verenigen om een vuist te kunnen maken tegen hun werkgevers. Sommige ondernemers erkenden de vakbonden niet en probeerden vakbondslidmaatschap actief tegen te gaan, bijvoorbeeld door vakbondsleden te ontslaan en niet-leden aan te nemen. Bij andere bedrijven was vakbondslidmaatschap juist verplicht. Dit leidde tot een confrontatie toen ‘georganiseerde’ havenarbeiders van cargadoor W. H. Müller & Co weigerden goederen mee te geven aan medewerkers van het bedrijf Blauwhoedenveem, waar de arbeiders ‘ongeorganiseerd’ waren. Omdat ze in hun werkweigering volhardden, kregen ze ontslag.

Niet veel later sloeg de staking over naar het spoor. Dirk Vreeken, arbeider bij de Hollandse IJzeren Spoorwegmaatschappij, weigerde op 29 januari vanaf Amsterdam Centraal een wagon te rangeren naar de firma Blauwhoedenveem. Bij dat bedrijf werd gestaakt, omdat de werknemers zich niet mochten aansluiten bij een vakbond. De rangeerder besloot in solidariteit met de stakende havenwerkers geen ‘besmet werk’ te verrichten. Toen hij geschorst werd, breidde de staking zich uit naar het spoor, waar toch al onvrede heerste over de slechte arbeidsomstandigheden.

Arbeidersoverwinning wordt nederlaag

Zo kwam het raderwerk tot stilstand, wat de industriële klasse totaal verraste. Men was als de dood voor een bredere arbeidersopstand. De kranten stonden vol met angstbeelden over een ‘proletarische revolutie’. Van de regering werd geëist dat die stevig zou ingrijpen. Een nationale staking dreigde, maar zover kwam het niet. De werkgevers gaven toe: de ontslagen stakers werden weer aangenomen en vakbonden werden erkend.

De spotprent van Albert Hahn in het socialistische dagblad Het Volk.

De arbeiders vierden de overwinning, maar al gauw volgde de reactie, die tot een grote nederlaag voor de arbeiders zou leiden. De regering onder leiding van Abraham Kuyper probeerde zich aanvankelijk afzijdig te houden van het conflict, maar trok zich wel de kritiek aan dat het weinig was gedaan om het gezag te handhaven. Het kabinet van de anti-revolutionaire voorman werkte aan wetten die het staken voor ambtenaren en medewerkers van nutsbedrijven als het spoor strafbaar stelden. Wie het toch waagde het werk neer te leggen, of daartoe zou oproepen, kon rekenen op een gevangenisstraf.

In reactie op Kuypers plannen sloegen de vakbeweging en sociaaldemocratie de handen ineen door het Comité van Verweer op te richten. Dit comité riep begin april 1903 een algemene staking uit voor spoor- en transportsectoren om te ageren tegen de beperking van het stakingsrecht. Dat verliep minder zo succesvol: de stakingsbereidheid was niet zo groot als in januari. Het leger patrouilleerde dit keer langs de sporen. Ook speelde de interne verdeeldheid van verschillende facties en bonden de arbeiders parten. Kort na deze mislukte staking wist het kabinet-Kuyper staken strafbaar te stellen. Deze ‘worgwetten’, zoals de socialisten ze noemden, zouden tot 1980 van kracht blijven.

De komende tijd sta ik regelmatig stil bij een historische staking. Veel van onze verworvenheden rond werk – van vakantiedagen tot een achturige werkdag – zijn immers het gevolg van stakingen en vakbondsacties. Ken je een staking die absoluut niet mag ontbreken, laat het me weten: t.tunali@nrc.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Source: NRC

Previous

Next