Home

Hoog in de bomen leerde Robert Timmers hoe een regenwoud zich kan herstellen

Door zaden te verspreiden dragen dieren bij aan het behoud van bossen. Maar hoe doen ze dat precies? Daarvoor moest Robert Timmers de hoogte in. In Brazilië.

Boomklimmen – zoals Robert Timmers het uitlegt klinkt het nog vrij eenvoudig. „Eerst werp je het klimtouw met behulp van een speciale gooilijn over een hoge tak, of je schiet het eroverheen met een katapult. Aan het ene uiteinde van het touw knoop je jezelf vast, terwijl je via het andere omhoog klimt, dus je zekert in feite jezelf.” Maar doe het maar eens in het écht, in een 20 meter hoge boom in het Braziliaanse regenwoud, omringd door brutale apen die je bekogelen met alles wat ze maar voorhanden krijgen… „Dat was wel een andere ervaring dan op de universiteitscampus waar ik had geoefend, ja.”

Honderden keren is hij de afgelopen jaren voor zijn promotie de bomen langs de oostkust van Brazilië ingeklommen, om te onderzoeken hoe zaadverspreidende dieren al dan niet kunnen bijdragen aan het herstel van tropische bossen. „Een regenwoud is meer dan een verzameling bomen – het is een heel ecosysteem. En als het verdwijnt gaan daarmee niet alleen soorten verloren, maar ook de processen die nodig zijn om het te herstellen.” Neem de frugivoren: de vruchtenetende vogels, zoogdieren en reptielen die door hun eetgedrag meehelpen aan de verspreiding van zaden. „Voor de overleving van tropische bossen zijn ze essentieel, maar nu de bossen steeds verder versnipperd raken dreigen ook die complexe zaadverspreidingsnetwerken verstoord te raken.”

En dus klom Timmers samen met Braziliaanse en Nederlandse assistenten de bomen in om cameravallen te plaatsen. „Daarmee wilde ik de precieze interacties tussen de dieren en de planten vastleggen – welke soorten eten de vruchten op om elders de zaden weer uit te poepen, welke soorten doen zich ter plekke tegoed aan het vruchtvlees of nemen de vruchten juist in hun geheel mee?”

Vleermuizen, vogels, vossen

In totaal analyseerde hij meer dan een miljoen videobeelden, elk van zo’n 30 seconden. „Gelukkig waren er flink wat studenten bereid om te helpen. AI konden we niet gebruiken, want beeldherkenningssoftware werkt nog niet goed met film – takken die waaien in de wind worden net zo goed aangezien voor dieren.” Zo turfde hij de interacties van meer dan tachtig verschillende vruchteneters, van vleermuizen en vogels tot agouti’s en vossen.

De eerste jaren van zijn promotieonderzoek waren niet makkelijk: „Ik was nét in Brazilië om geschikte veldwerkgebieden te selecteren toen de coronapandemie uitbrak. Op een van de laatste vluchten ben ik terug naar Nederland gekomen, maar ik had nog geen cameravallen geïnstalleerd dus kon nog geen beelden analyseren.” Wel voerde hij op basis van literatuuronderzoek een meta-analyse uit van bosbescherming wereldwijd. „Over het algemeen blijken er in die beschermde bossen meer vogelsoorten te leven dan in onbeschermde bossen. Vooral wanneer ze groter zijn of strenger worden beschermd.”

Maar toen hij eindelijk zelf aan de slag kon in Brazilië bleek het met de vogelrijkdom in zijn veldwerkgebied niet rooskleurig gesteld. „Grote vogels als de roodborsttoekan, de groefsnaveltoekan, de goudtoekan en de vleksnavelpepervreter waren geheel afwezig in gefragmenteerde bossen. Kleinere en middelgrote vogels waren er nog wel, die zijn minder gevoelig voor verstoring. Maar die kunnen met hun kleinere snavels geen grote vruchten eten en dus geen zaden verspreiden.”

En dat is nadelig voor de bossamenstelling. „Normaal gezien vindt in een bos een natuurlijke successie plaats. Aan het begin heb je de pionierssoorten, later komen de soorten die groot en oud worden. Maar juist die woudreuzen hebben vaak grote zaden, en die komen dus moeilijk terug zonder grote vogels. Uiteindelijk kan een bos dus dankzij zaadverspreiding wel herstellen, maar zal het minder divers zijn dan een oorspronkelijk bos.” Bovendien is het een langzaam proces, want in voormalige weilanden hebben zich dichte grasmatten gevormd, vooral door geïntroduceerde Afrikaanse grassoorten, die de vestiging van jonge bomen een stuk moeilijker maken. „Ironisch genoeg herstelt het bos zich vaak het snelst op plekken waar het gras met glyfosaat wordt bestreden.”

Toekans keren niet zomaar terug

De leeftijd van een bos bleek niet van doorslaggevend belang voor de mate van herstel; de verbinding met omringende bossen is veel belangrijker. „Te geïsoleerde bossen herstellen trager en minder volledig. Een beetje extra bos in de omgeving kan dan een groot verschil maken: als er 5 procent aan omringend bos bijkomt kan het aantal ecologische interacties met meer dan 20 procent toenemen.” Maar zelfs in die bossen keren de toekans niet zomaar terug en vindt dus geen natuurlijke regeneratie van de woudreuzen plaats. „Die zul je uiteindelijk misschien toch moeten aanplanten.”

In het regenwoud had Timmers één favoriete boom, een grote ficus waar hij soms uren achtereen inzat om de omgeving te observeren. „Zulke live-waarnemingen vormden een goede aanvulling op de videobeelden. Al kreeg ik van de kapucijnapen dus wel regelmatig takken naar mijn hoofd…”

Inmiddels woont hij met zijn vriendin en 2-jarige dochtertje ver buiten het bereik van de apen. Sinds zijn promotie, afgelopen najaar, fietst hij dagelijks vanuit huis in Rhenen naar zijn nieuwe baan in Wageningen. „Nu doe ik onderzoek naar biodiversiteitsbeleid in Nederland. Heel iets anders, maar ook erg leuk.” En de herinneringen aan Brazilië zijn er nog: op de oprit naast hun huis staat Volkswagen-camperbusje waarmee hij in Brazilië rondtrok. „Ik ben nu aan de motor aan het sleutelen, de bedoeling is dat we er binnenkort ook echt weer mee rond kunnen rijden.”

En boomklimmen? Dat doet hij zelden nog. „Ik klim vooral met vrienden in de klimhal, of af en toe een weekendje in de Ardennen. Al hebben we tijdens een buurtfeest laatst wel een boomklimsessie georganiseerd voor alle buurjongens en -meisjes.”

Wie isRobert Timmers?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Source: NRC

Previous

Next