Home

Geen enkel kind zou zich zo alleen mogen voelen

Op een regenachtige avond, bij een gezin een paar huizen verderop, kwam de moeder van het meisje waar ik op paste binnen. Ze had haar jas nog niet eens uit of ze brak. Haar stem trilde. Tussen haar tranen door verontschuldigde ze zich, zei hoe gênant dit was. Uiteindelijk ging ze op de bank zitten, haar doorweekte haren voor haar gezicht.

Ze haalde diep adem en vroeg me hoe het was gegaan die avond. Of het gezellig was geweest. Ik vertelde haar dat we een fijne avond hadden gehad. Ze schoof haar lokken opzij en keek me aan, met een wanhopige blik. Wat moet ik nou, Frederiek?

Over de auteur

Frederiek Roukens is co-assistent aan de Universiteit van Amsterdam. In de maand januari is zij gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier meer over ons beleid.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Haar dochter, ik noem haar hier Emma, wordt al twee jaar gepest en gaat niet meer naar school. Emma is niet de enige. Voor wie gepest wordt, is school geen plek meer om te zijn, maar een plek waar je het liefst zou verdwijnen.

Thuis zou de omgeving moeten zijn waar je adem kan halen, waar je je veilig voelt. Met de komst van sociale media, en kinderen die steeds jonger een telefoon krijgen, is de grens tussen school en thuis vervaagd. Het pesten stopt niet meer wanneer de schooldag voorbij is. Zo is het voor wie pest gemakkelijker geworden om iemand te blijven raken.

Gedurende mijn middelbareschooltijd deed de app Secret zijn intrede. Anoniem kon je foto’s posten met teksten, waarop ook weer anoniem werd gereageerd. Ik zie nu nog voor me hoe twee foto’s van meisjes van toen mijn leeftijd, veertien jaar, naast elkaar geplaatst, met erboven een grove seksuele vraag. Daaronder tientallen reacties, elk met zogenaamde ‘argumenten’. Genadeloos.

Op de basisschool wordt bijna een op de vijf kinderen gepest, op de middelbare school nog altijd bijna een op de tien. Voor Emma, een van die kinderen, ziet een schooldag er zo uit: als ze aankomt bij de fietsenstalling staat er al een groepje jongens op haar te wachten. Gelach. Steentjes die over het asfalt schieten. Iemand geeft een trap tegen haar fiets. In de pauze verschuilt ze zich in een wc-hokje en eet ze haar boterham zo stil mogelijk, in de hoop dat niemand haar daar vindt. Na school kruipt ze onder haar dekbed en ziet ze een foto van zichzelf in een groepschat, met woorden eronder die pijn doen. Aan tafel zegt ze niets. Wanneer haar moeder contact probeert te maken, kijkt Emma weg.

De moeder van Emma durft niet naar de directeur te stappen. Volgens haar dochter zou dat het alleen maar erger maken. ​​De kinderen aanspreken durft ze evenmin; ze is bang dat Emma het nog harder te verduren krijgt. En zo blijft de vraag hangen: wat doe je als ouder, als toeschouwer, wanneer je ziet hoe een onbezonnen kind langzaam verandert in een teruggetrokken puber?

Voor kinderen in de basisschool- en middelbare schoolleeftijd is het vaak nog moeilijk te overzien wat hun gedrag met een ander doet, zeker als niemand hen erop aanspreekt. Wie ziet dat er wordt gepest en vervolgens niets doet, laat het gebeuren. En wie het laat gebeuren, draagt er ongewild aan bij.

Die verantwoordelijkheid ligt ook bij ouders, die vermoeden dat hun kind over de grens gaat. Bij klasgenoten, die zien wat er gebeurt en besluiten te zwijgen. En bij docenten, die vaak de enigen zijn met het gezag om in te grijpen.

Ik heb verhalen gehoord van kinderen voor wie het pesten pas stopte toen ze naar een andere school gingen. Of van kinderen die een tijdlang helemaal niet meer naar school gingen. Ze verloren niet alleen onderwijs, maar ook de kans om zich veilig te ontwikkelen tussen leeftijdsgenoten, om gewoon jong te kunnen zijn.

In Australië werd het gebruik van sociale media voor jonge tieners onlangs aan banden gelegd, omdat de schade aan hun mentale gezondheid te groot werd. Het zal het probleem niet oplossen, maar wel beperken, of op zijn minst vertragen.

Die avond op de bank had ik geen antwoord op de vraag van Emma’s moeder. Ik wist alleen dat geen enkel kind zich zo alleen zou mogen voelen.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next