Nieuwe muziek Als producer behoort Antoon tot de top, maar als artiest leunt hij nog te veel op anderen. Verder: de mooie rouwplaat van Tessa Rose Jackson, de onnodige afscheidsplaat van Megadeth en de Oost-Aziatische italodisco van de Limburgse mannen van Yīn Yīn.
Antoon
Tot Het Eind Van Mij
Valentijn Verkerk, bekend als Antoon, is pas 23, maar heeft al drie albums gemaakt, in de Ziggo Dome gestaan en een rits hits achter zijn naam. Vooral als producer maakt hij indruk en werkte hij met alle sterren uit zijn generatie, zoals Roxy Dekker, Froukje en S10 (waaronder de grote hit ‘Ik haat hem voor jou’). Op zijn nieuwste, derde album Tot het Eind van Mij laat hij horen dat hij tot de top van Nederland behoort. Als producer dan: het is een kundig album, gemaakt voor de soos, de feestkeet en voor het Alphapodium op Lowlands. Maar als artiest leunt hij nog te veel op ideeën van anderen.
Openingsnummer ‘Chaos’ begint veelbelovend als speelse jungle house, maar eindigt in een variant op De Formule van De Jeugd, inclusief dat bloednerveuze, gierende hee-hoo-alarm. Tekstueel is het drie keer niks: „Peuk in m’n bek/ wijf om m’n nek/ helemaal gek.” Het nummer erna, ‘Vonken’, is een doorsnee piano houseplaat, maar ‘Mijn hele leven lang’ zakt echt door de ondergrens. Het is studentengabber: „Sta jij niet veel te hard te gaan/ voor iemand met een hockeyrokje aan?” Studentenmuziek is tegenwoordig een geheel eigen (en zeer populair) genre, dus de banaliteit is hem vergeven, maar omdat de melodie dezelfde is als klassieker ‘Hardcore Vibes’ van de Duitse happy-hardcoregroep Dune, gaat de oppervlakkige tekst tegenstaan: ,,Me’ hele leven lang/ was ik op zoek naar iemand zo spang’ (sexy).”
Het album duurt in totaal nog geen half uur, maar die drie openingsnummers staan in schril contrast met de rest. De breakbeats van de house op ‘Als ik ga’ (met Mula B) zijn strak, energiek, effectief en hebben een edge die je op veel andere tracks mist. „Kom we steken heel Lowlands in de fik”, gromt Mula B met een sis. Ook ‘Hou van Jullie’ met Sef is een verademing, vooral omdat die na al die knalplaten gelukkig wat ingetogener is. Al wordt de track wel gedragen door de ervaring van Sef. ‘Knalprobleem’ met Milolaathetlukken (telg van Faberyayo-familie Burning Fik) is een moderne interpretatie van New Wave’s ‘Drank & Drugs’: zo slecht dat het bijna weer goed wordt. Een soort ironische overgave aan het feest, helaas zonder het venijn dat dit soort nihilisme nodig heeft om kunstzinnig te zijn.
Titeltrack ‘Tot het Eind van Mij’ is veelzeggend: het nummer leunt sterk op autotune, wat jammer is omdat Antoon goed kan zingen, en dit juist het best geschreven liedje op de plaat is. Een soort Krezip meets r&b meets UK-garage. Niet al te diep, maar wel oprecht, over de rouw om zijn moeder: ,,Ik laat je niet los/ ik laat je niet gaan.”
Antoon verwerkt de rouw door middel van extase en escapisme, drank, drugs en seks. Klassiek motief, maar om het te laten werken moeten de teksten simpelweg meer vlees op de botten hebben. Minder uitleg, meer suggestie, meer dubbelzinnigheid, meer show, minder tell. Antoon is een van de beste producers van zijn generatie, maar om als artiest de belofte te ontstijgen, staat hij zichzelf nog in de weg. Ironisch genoeg dus omdat hij te veel kijkt naar anderen.
Jonasz Dekkers
Pop
Yīn Yīn
Yatta!
Is er een album gevonden van een obscure Japanse producer die italodisco maakte in de jaren zeventig? Nee, het is Yatta!, de vierde plaat van de Limburgse mannen van Yīn Yīn. Ze gaan verder over het pad dat ze op de vorige platen hebben geëffend. Veel disco dus, maar ook trippy surfrock en psychedelia. En altijd Oost-Aziatische sferen en toonsoorten. De band heeft dat idioom inmiddels zo stevig in de vingers dat ze er steeds vrijer mee kunnen spelen. Het nummer ‘Kasumi’s Quest’ is een geslaagd voorbeeld: een sterk thema met Nintendo synthesizer-mystiek, maar halverwege krijgt de song ook iets van een zoekend eerste experiment met elektronische muziek uit de jaren vijftig. Alsof een Thaise Kid Baltan aan de knoppen zit. Op dit vierde album overheerst de dromerige uitwerking van zulke soundscapes terwijl er genoeg te dansen overblijft voor de forse rij Europese poppodia die al geboekt staan.
Leendert van der Valk
Pop/Folk
Tessa Rose Jackson
The Lighthouse
Tessa Rose Jackson laat op The Lighthouse het alias ‘Someone’ definitief los. Er is geen mysterieuze mist meer om achter te verdwijnen of in te experimenteren. Dat stadium was nodig, maar dit voelt als thuiskomen. De liedjes zijn klein, delicaat en met grote zorg opgebouwd; met melodieën die zich langzaam ontvouwen. Rouw en verlies lopen als een dunne draad door het album: tastbaar en poëtisch, maar nooit sentimenteel. De vuurtoren wijst de weg in de zee van rouw. Tegelijkertijd keert Jackson terug naar haar roots, naar afkomst en herinneringen. Haar folky pop klinkt aards, intiem en warm: akoestische gitaren, ademruimte. Soberheid wordt kracht. Af en toe breekt ze die ingetogenheid open, zoals in ‘Built To Collide’, waarin optimisme én zelfspot even vrijuit mogen bewegen.
Amanda Kuyper
Megadeth
Megadeth
Hulde voor thrashmetallegende Megadeth! Het is altijd moedig als een band er zelf de brui aan geeft en eerlijk erkent: het is genoeg geweest. Roerganger Dave Mustaine (64) verdient bovendien bonuspunten voor zijn overlevingsdrang: behalve vele verslavingen overleefde hij ook keelkanker.
Maar toch: wat was het moedig geweest als hij deze plaat niet had gemaakt. Het is pijnlijk om de fletse, voorspelbare riffs te horen waarover Mustaine uitsluitend strooit met wanstaltige, quasi-gevaarlijk gegromde clichés („let there be shred”, „tsunami of sound”, „the final curtain falls”, etc., etc. …). Jammer genoeg bewijst het zeventiende, titelloze afscheidsalbum toch vooral hoe achterhaald Megadeth is.
Bitterzoet: veruit het beste nummer is nota bene de bonustrack ‘Ride the Lightning’, de Metallica-klassieker waaraan Mustaine nog zelf meeschreef voordat hij vanwege wangedrag (drank, drugs, vuistgeroffel) uit die band werd gekickt. Het is nog geen schim van het origineel.
Frank Provoost
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden
Source: NRC