Eindelijk komt menstruatie uit de taboesfeer, concludeert Maria Carmen Punzi. Ze promoveert vrijdag op de rol die sociale ondernemingen hierbij spelen.
Fitte, dolgelukkige vrouwen in hagelwitte kleding die ronddartelen of radslagen maken. Het product zelf is niet eens in beeld. En áls het al in beeld komt, dan alleen met een blauwe vloeistof die het absorptievermogen demonstreert.
Pas tijdens haar onderzoek realiseerde Maria Carmen Punzi zich dat dit was hoe de samenleving lange tijd naar menstruatie keek. Alsof ongesteld zijn iets was om blij mee te zijn of om te verbergen. En, ook opvallend, dergelijke reclames zijn inmiddels passé, signaleert ze in haar proefschrift, dat ze vrijdag verdedigt aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Bovendien is er in steeds meer landen wetgeving ten gunste van menstruerende vrouwen, zoals het verminderen van belasting op menstruatieproducten in Spanje en projecten van de Nederlandse overheid en gemeenten om gratis menstruatieproducten te verstrekken aan wie die niet kan betalen, naar Schots voorbeeld. Een cruciale rol voor deze kentering was weggelegd voor sociale ondernemingen, concludeert Punzi.
Hoe raakte u geïnteresseerd in dit onderwerp?
‘Op mijn 20ste stuitte ik op een artikel over Chhaupadi, een gebruik in West-Nepal waarbij vrouwen tijdens de menstruatie als onzuiver worden gezien. Vrouwen moeten daardoor buiten slapen bij de koeien, zelfs wanneer het heel koud wordt. Ik weet nog dat ik dat artikel las en dacht: dit gaat over genderongelijkheid, waarom wordt het niet op die manier gebracht?
‘Dat was het moment waarop ik besefte dat ik hier onderzoek over wilde doen en het actief onder de aandacht wilde brengen bij individuen, organisaties en beleidsmakers. Voor mijn proefschrift onderzocht ik hoe sociale ondernemingen het taboe doorbreken. Je ziet niet vaak dat bedrijven dat soort revolutionaire rollen op zich nemen, dus dat fascineerde me.’
Gaat dat wel samen: wetenschap en activisme?
‘Ik gebruik de resultaten van mijn onderzoek als brandstof voor mijn activisme, door er bewijs achter te zetten. Andersom vind ik dat mijn activisme mijn onderzoek sterker maakt, omdat mijn netwerk en betrokkenheid me toegang geven tot mensen die anders niet met me zouden spreken.
‘Voor mijn onderzoek verzamelde ik data van honderd sociale ondernemingen. Dat zijn bedrijven die de markt gebruiken voor een sociale missie, met als doel om iets te veranderen. Bijvoorbeeld door herbruikbare producten te verkopen, iets wat lijnrecht tegenover het verdienmodel van de grote spelers in de menstruatiemarkt staat. Ik heb onder andere interviews gehouden met de stichters en medewerkers en het taal- en beeldgebruik in hun sociale media geanalyseerd.’
Oké, geen reclames meer van radslag draaiende vrouwen in witte broeken. Hoe doen die sociale ondernemingen het dan wel?
‘Ze bieden meer opties: niet alleen maandverband en tampons, maar ook menstruatiecups, -ondergoed en herbruikbaar maandverband. Ze gebruiken een deel van hun winst om menstruatiearmoede aan te pakken, om mensen te steunen die door armoede geen toegang hebben tot de juiste producten of faciliteiten.
‘In hun berichtgeving gebruiken ze humor en mooie beelden om menstruatie bespreekbaar te maken. Hun advertenties gaan veel meer over de alledaagse momenten in plaats van iets abstracts zoals een actrice die in wit danspakje rond danst. Bijvoorbeeld iemand die in de douche bloedt of ’s ochtends wakker wordt met vlekken op het bed, veel herkenbaardere en menselijkere beelden.
‘Reclames waren belangrijk voor maatschappelijke verandering, omdat het lange tijd een van de weinige publieke uitingen waren over menstruatieproducten. Door die reclames te gebruiken om te provoceren en te normaliseren, verander je de beeldvorming. Dat nodigt uit tot gesprekken.’
Hoe reageerden de grote merken hierop?
‘Die merkten ook de veranderende wensen van hun consumenten op. Hun reclames zijn steeds meer gaan lijken op die van de kleine sociale ondernemingen, net als hun producten. Al gebruiken ze daarvoor wel vaak goedkopere materialen of technieken, bijvoorbeeld door biologisch katoen alleen voor de bovenlaag van hun maandverband te gebruiken. Sommige grote merken namen zelfs succesvolle sociale ondernemingen over, en integreerden zo in zekere zin hun concurrentie.’
‘De markt en het gesprek over menstruatie zijn veranderd, mede dankzij sociale ondernemingen. Menstruatie wordt nu openlijk besproken, al valt het nog te bezien of dit zich zal vertalen in meer structureel menstruatiebeleid.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant