Een technische briefing over de dreigende Amerikaanse invloed op het digitale Nederlandse overheidsdomein heeft de Tweede Kamer bepaald niet gerustgesteld. Alleen de toezichthouder kan misschien nog voorkomen dat DigiD in Amerikaanse handen valt.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën en landbouw.
De gezichten van de parlementariërs die zich bezighouden met digitale zaken staan woensdagavond zorgelijk. Ze hebben zojuist gekeken naar een ambtelijke presentatie over de gevolgen van de geplande overname van het techbedrijf Solvinity door het Amerikaanse Kyndryl. Solvinity is sinds 2020 een van de belangrijkste netwerkbeheerders van de Nederlandse overheid.
Het van oorsprong Nederlandse ICT-bedrijf beheert een groot deel van de digitale infrastructuur die de Nederlandse overheid gebruikt om te communiceren met burgers. Solvinity regelt het digitale verkeer achter onder andere DigiD en MijnOverheid, het beveiligde inlogsysteem dat Nederlanders gebruiken om gevoelige informatie te delen met de overheid, waaronder hun belastingaangifte.
Solvinity verzorgt ook de communicatie over verkeersboetes en van zorgverzekeraars, en bijna al het interne digitale verkeer van het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV). De directeur informatievoorziening van dat ministerie, Leo Peereboom, komt met de onrustbarende mededeling dat ‘alle informatie van JenV via het digitale verkeersplein’ van Solvinity loopt.
Het bedrijf heeft dus toegang tot miljarden gevoelige gegevens van Nederlandse burgers en overheden. Als de overname door Kyndryl doorgaat, wordt Solvinity juridisch gezien een dochtermaatschappij van een Amerikaans bedrijf. En Amerikaanse bedrijven zijn verplicht al hun data te delen met de Amerikaanse overheid, zodra die daarom vraagt.
Plat gezegd zou dat betekenen dat president Donald Trump en andere Amerikaanse overheidsfunctionarissen in de Nederlandse databestanden naar interessante informatie en persoonsgegevens kunnen zoeken. Informatie waarmee ze individuele Nederlanders en de overheid vervolgens kunnen chanteren, of die ze anderszins voor eigen gewin en tegen Nederland kunnen inzetten.
Nederland is al een tijdje kritischer gaan kijken naar Chinese overnames in Nederland, maar sinds het aantreden van de regering-Trump worden ook Amerikaanse acquisities als riskant gezien. Omdat de Verenigde Staten dominant zijn in de techindustrie is Nederland op dat vlak kwetsbaar.
De overname van Solvinity schudde de Tweede Kamer in november ruw wakker. Een Kamermeerderheid maakt zich grote zorgen en zou het liefst zien dat de transactie niet doorgaat. De Tweede Kamer trommelde woensdag een aantal ambtenaren op om hen te bevragen over de risico’s en over eventuele blokkeringsmogelijkheden.
Het slechte nieuws is dat alleen de onafhankelijke toezichthouder Bureau Toetsing Investeringen (BTI), dat valt onder het ministerie van Economische Zaken, misschien nog kan ingrijpen. Het BTI beoordeelt momenteel of de overname van Solvinity een risico vormt voor de nationale veiligheid. De ambtenaren wisten niet hoe lang die toetsing nog gaat duren.
Mocht het BTI concluderen dat de overname van Solvinity aan de Nederlandse regels voldoet, dan kan het kabinet of de Tweede Kamer de overname niet meer blokkeren. ‘Mijn zorgen zijn door uw toelichting eerder groter dan kleiner geworden’, zegt VVD’er Silvio Erkens na afloop van de presentatie.
De betrokken ministeries onderhandelen wel met Solvinity en Kyndryl over ‘mitigerende’ maatregelen zoals extra versleutelingseisen, maar die doen niets af aan het Amerikaanse ‘recht’ op inzage in alle databestanden waar Kyndryl straks bij kan. De Amerikaanse wet weegt voor Amerikaanse bedrijven zwaarder dan de Europese en Nederlandse wetten.
‘Dit klinkt mij in de oren als schijnveiligheid’, zegt Henk Vermeer (BBB) over de mitigatiepogingen. ‘Ik zie een ernstig risico, ook voor onze belastingen, want we zijn volledig afhankelijk van dit systeem.’ De ambtenaren spreken dat niet tegen. Art de Blaauw, directeur Rijk en Digitaliseringsbeleid van het ministerie van Binnenlandse Zaken: ‘Heel veel van onze digitale systemen zijn ontwikkeld in een ander geopolitiek tijdsgewricht.’
Het DigiD-contract met Solvinity kan op zijn vroegst in augustus 2028 worden beëindigd, maar dan moet er wel een alternatief zijn. Het ministerie van JenV kan voor januari 2029 zijn banden met Solvinity niet doorsnijden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant