Home

Acteur, regisseur en schrijver Annemarie Prins (1932-2026) was een vrouw die in alles het theater ademde

Op de toneelschool wist ze al dat haar leven meer zou omvatten dan acteerwerk. Eigenzinnig en geëngageerd als ze was, liet ze zich niet in één genre of werkomgeving onderbrengen. Maar in alles ademde acteur, regisseur en schrijver Annemarie Prins het theater.

schrijft voor de Volkskrant over toneel en musical.

Boktorren, ze had last van boktorren in haar huis, die rotbeestjes vraten de houten balken in haar familielandhuis De Wildvanck op. Zo leerde het Nederlandse tv-publiek actrice Annemarie Prins kennen die in de veel geprezen serie Oud Geld de rol van Maud speelde, de onaangepaste zus van de keurige Guusje Bussink, gespeeld door Annet Nieuwenhuyzen. De casting van Annemarie Prins in deze rol bleek een voltreffer: de scènes tussen haar als buitenstaander en de rest van de welgestelde familie waren juweeltjes.

Dinsdag werd bekend dat Annemarie Prins op 93-jarige leeftijd na een kort ziekbed in haar woonplaats Amsterdam is overleden. Tot op hoge leeftijd is zij blijven acteren, haar laatste tv-rollen waren in Het geheime dagboek van Hendrik Groen en Papadag.

Verbaal nog zeer alert

Maar bovenal was zij een vrouw in wie alles theater ademde. Niet voor niets speelde ze in 2024, notabene als 91-jarige, nog de theatermonoloog Over de bergen, in regie van de jonge regisseur Mart van Berkel. Fysiek breekbaar, maar met kwieke oogopslag en verbaal nog zeer alert, hoewel de vrouw die ze speelde in haar gedachten al een beetje aan het verdwalen was.

Iedereen die er toen bij was, wist dat dit waarschijnlijk de laatste keer was dat Prins op het podium stond. En zo geschiedde: op geheel eigen wijze nam ze afscheid van het publiek door tijdens het slotapplaus gewoon nog even door te spelen. Kijk eens, lekker gek mens ben ik, hè – dat leek ze hiermee te zeggen.

Annemarie Prins, dochter van een Nederlandse vader en Duitse moeder, ondervond tijdens haar opleiding aan de Arnhemse toneelschool dat haar toekomst meer was dan alleen acteren. Dat uitte zich vooral in de wens om geëngageerd en maatschappijkritisch theater te maken, zelfs ondanks haar lichte podiumangst.

Na haar eindexamen in 1961 vertrok ze enige tijd naar Polen, waar toen veel theatervernieuwers actief waren. Eenmaal terug in Nederland richtte ze in 1965 Theater Terzijde op, waar politiek theater de norm was. Later ontdekte ze de kracht en muzikaliteit van het werk van Samuel Beckett. Met collega’s als Edwin de Vries en Henk van Ulsen begon ze productiekern De Salon waar ze excelleerde in het regisseren van Beckett-teksten.

Actief in Cambodja en Rwanda

Haar engagement bracht haar naar verre oorden als Cambodja en Rwanda, waar ze met plaatselijke theatermakers samenwerkte. In Cambodja leidde dat onder meer tot de voorstelling Breaking the silence, over de massamoorden onder het regime van Pol Pot. ‘Dat hier in drie jaar en acht maanden twee miljoen mensen werden vermoord. Door hun eigen mensen! Een heel land in de genocide! Dat is zo verschrikkelijk, dat kun je je niet voorstellen. Ik tenminste niet’, zei Prins daarover in 2009 in de Volkskrant.

Haar werk als theatermaker was net zo grillig als gretig. Ze liet zich niet in één genre of werkomgeving onderbrengen. Ze werkte met amateurs, met operazangers, muzikanten en beeldend kunstenaars. ‘Ik koester de non-status van randfiguur’, zo omschreef ze het zelf.

Ze wist dat ze te eigenzinnig was – en ook te eigenwijs – om zich te voegen naar de regels van de grote toneelgezelschappen in die tijd. Bijzonder was wel dat ze toch een paar opmerkelijk grote voorstellingen regisseerde, waaronder twee opera’s in het Holland Festival: Aap verslaat de knekelgeest (1980) en Houdini (1981) van componist Peter Schat. Ook regisseerde ze Edward Albee’s Wie is er bang voor Virginia Woolf? met Pleuni Touw en Hugo Metsers als Martha en George.

Bejaarde Marianne Faithfull

Op een gegeven moment kreeg ze ook zelf weer de smaak van het acteren te pakken. Ze werkte veel samen met dramaturg Sophie Kassies, die een aantal teksten voor haar schreef. Niets was haar te min of te dol. Zo speelde ze een bejaarde Marianne Faithfull in Sympathy for the devil en zong ze op een bewust krakkemikkige manier Que sera, sera van Doris Day in de voorstelling Death Row, een satire over het wel en wee in een woongroep voor ouderen. Mooie rollen waren ook die in Voor het pensioen van Thomas Bernhard en de oudere Annie Schmidt in de tv-serie Annie M.G. (2010).

Over haar laatste voorstelling Over de bergen schreef de Volkskrant: ‘Wat beklijft, is de sterke wil om het afbrokkelen van lichaam en geest, van het hele leven zeg maar, zo lang mogelijk te bezweren. Dat speelt Prins uitermate geloofwaardig uit.’ Zelf zei ze dat de voorstelling ook over eenzaamheid ging, of liever gezegd: ‘Het ís eenzaamheid. Het voelt soms als een ideaal afscheid, een wonderlijke oefening in doodgaan.’

Na een leven vol wonderlijke oefeningen, is het haar gelukt, dat ideale afscheid.

3x Annemarie Prins

Prins publiceerde twee van haar theatermonologen in boekvorm: Harmoniehof en Pikkepoezenwals. Daarnaast verscheen in 2022 de roman Zelfbeheersing.

In 2008 was ze te gast in Zomergasten, destijds gepresenteerd door Bas Heijne. Het werd een prettig ontregelend gesprek onder meer over haar werk in Cambodja en de rol van theater in haar leven.

Annemarie Prins laat twee kinderen na en zes kleinkinderen. In een interview omschreef ze zichzelf ooit als ‘een raar soort moeder’, die veel werkte. ‘Dat was onontkoombaar, omdat ik een vrouw ben die zo passievol aan dat creëren werkte.’

Source: Volkskrant

Previous

Next