Klimaatverandering Aan het begin van het nieuwe jaar kijken klimaatwetenschappers terug. Zij zien dat de opwarming van de aarde nog sneller gaat dan verwacht.
In Hat Yai, Thailand wachtten slachtoffers van de overstromingen afgelopen november op hulp van de regering.
In 2025 zorgden weersomstandigheden elke dag wel ergens voor een record. Vaak waren dat relatief onschuldige uitschieters. Een zachte herfst in het Nederlandse De Bilt zorgde bijvoorbeeld voor de warmste 5 november ooit gemeten: een aangename 18,0 graden Celsius. Soms waren de gevolgen ronduit verwoestend, zoals in de Thaise stad Hat Yai waar diezelfde maand 335 millimeter neerslag in één dag viel, met tientallen doden tot gevolg.
Dat soort weersextremen zijn het gevolg van klimaatverandering, maar zijn daar niet het beste bewijs voor. Daarvoor kijken wetenschappers liever naar de gemiddelden, die ze elk jaar in januari berekenen en publiceren. Zo ook in het woensdag verschenen jaaroverzicht van Copernicus, het klimaatbureau van de Europese Unie.
Daaruit blijkt dat 2025 het op twee na warmste jaar ooit gemeten is, met een wereldwijd gemiddelde van 14,97 graden. Dat is 1,47 graden hoger dan vóór de industriële revolutie, toen de mens door verbranding van fossiele brandstoffen het broeikaseffect in gang zette.
Alleen 2024 en 2023 waren nóg warmer, met respectievelijk 1,48 en 1,60 graden opwarming. Daardoor is het driejarig gemiddelde voor het eerst hoger dan anderhalve graad en is het ambitieuze doel van het Parijs-akkoord, om het langetermijn-gemiddelde daaronder te houden, waarschijnlijk dit decennium al een gepasseerd station. Bij het sluiten van het akkoord in 2016 was de verwachting dat dat pas tien jaar later zou gebeuren.
De hoge gemiddelde temperatuur van het afgelopen jaar, is voor een belangrijk deel te danken aan de snelle opwarming van de poolgebieden. Uit eerder onderzoek bleek al dat het Noordpoolgebied bijna vier keer sneller opwarmt dan de rest van de aarde. Dat heeft in elk geval deels te maken met een zichzelf versterkend effect: het witte ijs smelt, kan daardoor minder zonlicht reflecteren, waardoor het donkere zeewater de warmte absorbeert en de opwarming verder toeneemt.
Antarctica was afgelopen jaar warmer dan ooit, het Noordpoolgebied behaalde het op één na hoogste jaargemiddelde, blijkt uit de cijfers van Copernicus. Daardoor smelt het ijs harder dan ooit tevoren. Het opgetelde ijsoppervlak van beide polen behaalde het laagste niveau sinds de satellietregistratie in de jaren 70 begon.
De extreme warmte van de afgelopen drie jaar was niet alleen het gevolg van broeikasgassen in de atmosfeer, schrijft Copernicus in het begeleidend persbericht. Het had ook te maken met de „uitzonderlijk hoge” temperaturen van het zeeoppervlak, die weer verband hielden met „een El Niño-verschijnsel en andere factoren die de oceaan beïnvloeden”. Dat soort periodieke veranderingen in de zeestroming zijn niet het gevolg van klimaatverandering, benadrukt het rapport, maar worden daar wel door versterkt.
De oceanen absorbeerden afgelopen jaar meer zonne-energie dan ooit, bleek vrijdag al uit een onderzoek in het wetenschappelijke tijdschrift Advances in Atmospheric Sciences. Dat is het negende jaarrecord op rij. De toegevoegde energie was 23 zettajoules, ongeveer evenveel als tweehonderd keer het wereldwijde elektriciteitsgebruik in 2023. Daardoor warmt het water op, smelten ijskappen en zullen zeeniveaus blijven stijgen.
Afgelopen jaar komt ook voor Nederland „in de top 10 van warmste jaren terecht”, schreef het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) vlak voor de jaarwisseling al op haar website. Het KNMI voegde direct een donkerrood streepje toe aan de grafiek met de ‘klimaatstreepjescode’ die de opwarming van Nederland vanaf 1901 weergeeft. Afgezien van 2022 was afgelopen jaar bovendien het zonnigste jaar in Nederland ooit.
Of het aantal zonuren door klimaatverandering wereldwijd zal blijven toenemen, is voor de wetenschap nog geen uitgemaakte zaak. Het toekomstige wolkendek is daardoor één van de belangrijkste onzekerheden in modellen die de opwarming van de aarde proberen te voorspellen.
Met 138 watt per vierkante meter was de zonne-energie die Nederland bereikte in elk geval hoger dan sinds het begin van de metingen in de jaren zestig. Dat is goed nieuws voor de eigenaren van zonnepanelen die record-hoeveelheden energie opwekten, ook al is dat voorlopig niet voldoende om de verandering van het klimaat te keren.
De laatste ontwikkelingen rond klimaat, natuur en duurzaamheid
Source: NRC