Fertiliteitsfraude Het Isala-ziekenhuis in Zwolle is aansprakelijk gesteld voor fertiliteitsfraude door gynaecoloog Jan Wildschut, die eigen zaad gebruikte bij vruchtbaarheidsbehandelingen. Daarmee wordt voor het eerst de verjaringstermijn in dit soort zaken doorbroken. Want volgens het hof betreft het zwaarwegende schade met „met levensbepalende gevolgen.”
Ingevroren eicellen.
Nadat zwanger worden maar niet lukte, stapte een echtpaar eind jaren tachtig naar een fertiliteitskliniek in het ziekenhuis. Daar bleek het zaad van de man zwak, maar er waren mogelijkheden. Na verschillende kunstmatige inseminaties, een methode waarbij verbeterd (eigen) zaad met een slangetje in de baarmoeder wordt ingebracht, raakte de vrouw zwanger van een drieling.
Het was het begin van een moeizaam gezinsleven. De kinderen toonden karaktertrekken en interesses die hun ouders niet herkenden, en ze wisten niet goed hoe ze daarmee om moesten gaan. Toen in 2021 bekend werd dat gynaecoloog Jan Wildschut, werkzaam in het latere Isala-ziekenhuis, heimelijk zijn eigen zaad had gebruikt bij tientallen vruchtbaarheidsbehandelingen, deden de kinderen een dna-test.
Wildschut gebruikte zijn eigen zaad in de meeste gevallen bij wensouders die een behandeling met donorzaad hadden afgesproken, maar inmiddels is gebleken dat hij zijn zaad ook gebruikte voor het verwekken van – tot dusver bekend – zeven kinderen bij moeders die dachten dat het zaad van hun partner werd gebruikt. Wildschut bleek de biologische vader van de drieling.
Het Isala-ziekenhuis in Zwolle is aansprakelijk voor wat dit gezin is overkomen, bepaalde het hof deze dinsdag in de uitspraak van het hoger beroep. „Met het ernstig verwijtbare handelen werd een inbreuk gepleegd op het zelfbeschikkingsrecht en de persoonlijkheidsrechten van de kinderen.”
Het is voor het eerst dat een ziekenhuis ondanks het verstrijken van de verjaringstermijn van twintig jaar voor fertiliteitsfraude aansprakelijk is gesteld. In overleg met het ziekenhuis zal de komende tijd tot een gepaste schadevergoeding gekomen worden, zegt advocaat van de familie Mark de Hek.
Nadat zij achter de werkelijke toedracht kwam, heeft de moeder de inseminatie ervaren als „verkrachting”, blijkt uit het arrest. Ze heeft het gevoel dat zij door de gynaecoloog als „een broedmachine” is gebruikt. „Voor de kinderen is het schrijnend dat zij in een belangrijke periode van hun leven (…) niet hebben geweten wie hun biologische vader was en waar bepaalde karaktertrekken vandaan kwamen.”
Gynaecoloog Jan Wildschut overleed in 2009. In 2016 overleed de voormalige echtgenoot van de moeder.
De rechtbank bepaalde in 2024 in eerste aanleg nog dat het ziekenhuis niet aansprakelijk kon worden gesteld. Zij verwees daarvoor onder meer naar de algemene verjaringstermijn van twintig jaar. Maar het hof pleit vanwege „de aard van de schade” en „de gevolgen van de gebeurtenis” voor doorbreking van de verjaring.
Isala stelde tijdens de rechtszaak ook dat het ziekenhuis niet aansprakelijk kon worden gesteld voor de praktijken van de gynaecoloog omdat die niet in loondienst was maar als ‘vrijgevestigd’ medisch specialist zijn eigen praktijk in het ziekenhuis runde. Daar gaat het hof niet in mee: „Bestuurlijk-juridisch gezien was het ziekenhuis verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de gehele organisatie en daarmee ook van de afdeling fertiliteit.”
De uitspraak van het hof, zegt advocaat De Hek, kan gevolgen hebben voor andere zaken van fertiliteitsfraude. De meeste fraudezaken die nu aan het licht komen speelden eind jaren tachtig en begin jaren negentig, toen de fertiliteitszorg nog minder gereguleerd was. Veel artsen van toen zijn inmiddels overleden en kunnen niet meer verantwoordelijk gehouden worden.
De Hek staat ook andere gedupeerden van fertiliteitsfraude bij. „Het afgelopen decennium, sinds de komst van commerciële dna-databanken die stamboomonderzoek vergemakkelijken, komt steeds vaker aan het licht dat fertiliteitsartsen niet hebben gedaan wat is afgesproken.” Artsen verwekten bijvoorbeeld meer donorkinderen dan was afgesproken (met ‘massadonoren’), ze gebruikten ándere donoren dan ze hadden beloofd, of ze gebruikten dus hun eigen zaad. „Ze dachten dat wat zij deden nooit bekend zou worden.” Het is fraude met „levensbepalende gevolgen”, zegt De Hek. „Het is niet zomaar een behandeling. Het is het maken van nieuw leven.”
Zijn cliënten zijn aangenaam verrast door de uitspraak, zegt De Hek. „Zij voelen erkenning, het is een warme uitspraak.”
Maar, zeggen de kinderen in een schriftelijke reactie: „De uitspraak herstelt het verleden niet en neemt het gemis en de pijn niet weg. […] Onze vader is inmiddels overleden en heeft deze waarheid nooit gekend. Toch denken wij dat hij hier zijn hele leven onder heeft geleden.”
Met medewerking van Cas Reijnders
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC