Slechts drie op de tien gemeenten hebben voldoende woningen voor statushouders gevonden. Toch is dat een taak die de overheid hen wettelijk oplegt. Op 5 januari wachtten nog 18.420 statushouders in een azc-locatie op een woning.
Slechts 98 van de in totaal 342 gemeenten hadden op 1 januari de doelstelling gehaald, blijkt uit een analyse van persbureau ANP van de recentste cijfers van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Dat komt neer op slechts 29 procent van de gemeenten.
Dat is wel meer dan precies een jaar geleden. Toen haalde slechts 15 procent van de gemeenten de doelstelling van de landelijke overheid. In 2023 ging het nog wel redelijk goed: toen gaf 69 procent van de Nederlandse gemeenten voldoende statushouders een woning.
Gemeenten hebben de wettelijke taak om mensen van wie de asielaanvraag is goedgekeurd een plek te geven om te wonen. Hoeveel statushouders gemeenten moeten huisvesten, hangt af van het aantal inwoners.
Het lukt Drentse gemeenten het minst goed die taak uit te voeren. Daar haalde slechts een van de twaalf gemeenten de doelstelling. Ook in Noord-Holland en Noord-Brabant voldoet minder dan een kwart van de gemeenten aan de eis. In Overijssel gaat het relatief gezien het best: daar voldoet 44 procent van de gemeenten aan de eis.
Ook zijn er gemeenten die voor meer statushouders een woning regelen dan wettelijk voorgeschreven. Dat is het geval voor 82 gemeenten. Den Bosch loopt voorop: de gemeente gaf ongeveer dubbel zo veel statushouders een plek als wettelijk vereist.
Doordat te weinig gemeenten woningen voor statushouders regelen, wachtten duizenden in azc-locaties op een woning. Op 5 januari van dit jaar waren het er 18.420, blijkt uit de recentste cijfers van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA). Daardoor moeten statushouders soms uitwijken naar minder geschikte opvanglocaties, die ook duur zijn.
Source: Nu.nl algemeen