Home

Lydia Namubiru, hoofdredacteur pan-Afrikaans blad The Continent: ‘Ik wil de mensen over wie ik schrijf nooit van me vervreemden’

Lydia Namubiru | hoofdredacteur The Continent Het pan-Afrikaanse blad The Continent positioneert zich nadrukkelijk als document dat het beeld van Afrika opnieuw ordent. Hoofdredacteur Lydia Namubiru ziet hoe de oorlog in Soedan in ’traditionele’ internationale verslaggeving tekort wordt gedaan.

Lydia Namubiru, hoofdredacteur van The Continent, in december in haar woonplaats Kilifi in Kenia.

Lydia Namubiru had met verbijstering naar de septemberomslag van The Atlantic gekeken. Het Amerikaanse maandblad had de inmiddels duizend dagen durende oorlog in Soedan voorgesteld als iets wat nergens over leek te gaan. Op de omslag van het Amerikaanse maandblad waren twee schuchtere Soedanese kinderen te zien, in een leemkleurige nis, half in de schaduw. The war about nothing, was de titel van het coververhaal. Namubiru, hoofdredacteur van het pan-Afrikaanse weekblad The Continent, kon wel duizend redenen of motieven bedenken voor de uitzichtloze oorlog. Misschien pasten ze niet in één kop, maar ze streken de werkelijkheid tenminste niet glad.

Voor de Oegandese Namubiru was het iets groters dan één ongelukkige kop, vertelt ze vanuit haar woonplaats Kilifi, in het oosten van Kenia, via videoverbinding. Door de oorlog los te maken van haar historische bedding werd zij voorgesteld als iets wat niemand had veroorzaakt, iets wat zich vanzelf leek af te spelen. Zulke keuzes scheppen een morele afstand tussen de lezer en de mensen die deze oorlog meemaken, zegt Namubiru, die eerder voor de BBC, Al Jazeera en Reuters werkte. „Als historici hier ooit op terugkijken, wil ik dat ze ook onze rol [van The Continent] zien. Dat niet iedereen is meegegaan in die vereenvoudiging. Dat sommigen hebben geprobeerd de eerste versie van de geschiedenis ingewikkelder te maken. Ik heb haar niet afgevlakt.”

Met The Continent, dat zij sinds de oprichting in april 2020 leidt, breekt Namubiru bewust met de conventies van internationale verslaggeving. Het blad werkt uitsluitend met journalisten met wortels in het continent zelf. Het verschijnt alleen digitaal en is ontworpen om te worden gelezen op telefoons. De redactie kiest voor korte, compacte stukken, waarin gebeurtenissen niet worden losgemaakt van hun context. In een medialandschap waarin verslaggeving over Afrika steeds verder wordt teruggeschroefd, positioneert The Continent zich nadrukkelijk als document dat het beeld van Afrika opnieuw ordent.

Neem het verschijnsel dat de oorlog in Soedan vaak wordt bestempeld als ‘vergeten oorlog’. Voor Namubiru is dat niet alleen onnauwkeurig, maar misleidend. Voor Soedanezen zelf is deze oorlog geen dag verdwenen uit hun leven, zegt ze. „Al duizend dagen lang is er online een grote gemeenschap die over niets anders spreekt. In die zin is ‘genegeerd conflict’ een eerlijkere term. We kíezen ervoor het niet te zien, juist omdat de mensen die ermee leven niet degenen zijn wier leefwereld we doorgaans centraal stellen.”

Wat heeft duizend dagen oorlog in Soedan u geleerd over de grenzen van ‘traditionele’ internationale berichtgeving?

„Álle journalisten hebben kennislacunes. Dat is geen harde beschuldiging, maar een erkenning. Maar redacties lijken te veronderstellen dat er één allesverklarend verhaal bestaat zodat lezers niet langer hoeven mee te bewegen met hoe de oorlog zich ontwikkelt. In die houding proef ik een vorm van ongeduld waarvan ze aannemen dat hun publiek die ook heeft. En zelfs als het klopt, dan hoeven journalisten dat gevoel van ongeduld niet per se te honoreren. Als journalist ontneem je jezelf de kans om werkelijk te leren. Je keert telkens terug naar hetzelfde frame, omdat je het conflict niet blijft volgen en noch je eigen begrip, noch dat van je lezers zich verdiept. In het begin werd de oorlog bijvoorbeeld gepresenteerd als een plotselinge uitbarsting tussen twee rivaliserende generaals. Alsof je slechts twee figuren hoefde te begrijpen om de oorlog te vatten. In werkelijkheid ging om het een voorlopig hoogtepunt van een lang en gelaagd proces dat het land uiteen was gevallen.”

Wat doet The Continent anders dan ‘traditionele’ internationale media?

„Het uitgangspunt is dat degene die het dichtst bij de zaak staat het eerste recht heeft om het verhaal te vertellen. Lokale mensen, niet iemand invliegen of een correspondent die tien jaar geleden naar Khartoem is verhuisd. Mensen die zich al in de context bevinden, wiens leven met de situatie verweven is. Je kent de waarheid niet alleen beter, je hebt er ook veel meer in geïnvesteerd.

„We wachten daarnaast niet op dat ene grote verhaal dat alles moet verklaren. Ook zonder doorbraak keren we terug, simpelweg om lezers bij te houden. Dat houdt ons eerlijk, scherp. Er zit een zekere nederigheid in: ook wij moeten blijven schrijven om het te blijven begrijpen. We hebben geen heilige huisjes als het gaat om journalistieke tradities. Er is geen vast idee dat journalistiek altijd op één manier moet worden bedreven. We leren al doende. We zijn wendbaar. En we zijn bereid om nieuwe manieren van verslaggeven uit te proberen.”

Jullie zijn niet alleen inclusief, maar ook bewust exclusief.

„We richten ons bewust niet op publiek dat elders al ruimschoots wordt bediend. Ik zie weinig meerwaarde in het opnieuw informeren van lezers voor wie talloze beter gefinancierde media dat al doen. Ik ben opgegroeid met vakgenoten die zeiden: leg het uit alsof je het aan je grootmoeder in Arkansas vertelt. Maar ik merk dat ik harder moet werken wanneer ik schrijf voor een lezer die al een basisbegrip heeft, die geïnteresseerd is en die mijn fouten, mijn versimpelingen en mijn aannames kan herkennen. Omdat ik dan gedwongen word zorgvuldiger te zijn en nog meer trouw te blijven aan de werkelijkheid. Je kunt jezelf uitputten door te proberen voor elk publiek tegelijk te schrijven. Ook als lezer heb ik moeten afleren dat elk verhaal voor mij bedoeld zou moeten zijn.”

Waarom is die verschuiving voor traditionele media zo moeilijk te maken?

„Zal ik het maar op de westerse cultuur afschuiven (lacht)? De professionele journalist is steeds meer gaan functioneren als een impliciete expert: voorzichtig om zichzelf zo te noemen, maar wel opererend alsof langdurige ervaring automatisch gezag oplevert over wereldpolitiek en geopolitiek. Onderweg is daar iets essentieels verloren gegaan. Journalistiek is in de kern documentatie, vastleggen wat er gebeurt, en daarin is context alles. Dat is iets anders dan narratief vakmanschap of het slim managen van bronnen. Zeker in de internationale journalistiek is het construeren van een verhaal zwaarder gaan wegen dan het zorgvuldig vastleggen van de werkelijkheid.”

Wat bent u als journalist verschuldigd aan de mensen over wie u schrijft?

„Ik probeer me voor te stellen dat de gemeenschappen waarover ik schrijf ook het primaire publiek zijn. Een van de functies van journalistiek is het creëren van een gedeeld begrip van onze werkelijkheden. Telkens wanneer ik schrijf, schrijf ik in zekere zin ook over mezélf. Ik wil de mensen over wie ik schrijf nooit van mij vervreemden. Dat komt ook voort uit mijn eigen ervaring als lezer. Veel van de boeken of reportages waar ik van houd, zijn geschreven door mensen buiten het traditionele kader. Ik heb ontzettend veel Afrika-verslaggeving gelezen waarin ik onmiddellijk voelde dat de auteur er nooit rekening mee heeft gehouden dat iemand zoals ik die zou lezen. Internationale media vergeten vaak dat degenen die onderwerp zijn van het nieuws óók lezers kunnen zijn. Journalistiek werd ooit gezien als een spiegel die een samenleving zichzelf voorhoudt. Maar als het nieuws zich afspeelt in een andere samenleving dan die waarop die spiegel is gericht, verandert ook de manier van vertellen. Dan verschuiven de frames, worden andere details belangrijk en krijgt uitleg voor buitenstaanders voorrang boven nauwkeurige vastlegging.”

Met The Continent, dat zij sinds de oprichting in april 2020 leidt, breekt Lydia Namubiru bewust met de conventies van internationale verslaggeving.

Denkt u dat buitenstaanders het verhaal van Soedan ook op een waardige manier kunnen vertellen?

„Ik geloof het wel. Iemand die nederig is, nieuwsgierig en die zichzelf altijd ziet als een leerling, kan leren om verslag te doen van een gemeenschap die niet de zijne is. Zeker als die put uit een diverse groep bronnen en collega’s. De waarheid is bijna altijd meervoudig. Je kunt niet één verhaal vertellen en daarmee de volledige waarheid vangen. Mensen die én The Continent lezen, maar ook The Atlantic en de Washington Post lezen en de BBC kijken, komen het dichtst bij de waarheid. In theorie leren al die perspectieven van elkaar. Dat gebeurt nu te weinig, omdat er nauwelijks waarde wordt toegekend aan journalistiek buiten een kleine, gesloten kring. Wie zich binnen het circuit van internationale journalistiek beweegt, kijkt zelden serieus naar werk dat daarbuiten wordt gemaakt. Daardoor wordt de eigen verslaggeving niet echt bevraagd of aangescherpt. Als één traditie de enige is die wordt erkend, blijft ze zichzelf herhalen. Jaar na jaar. En dat is precies de traditie die dit continent zo slecht heeft verslagen.”

Waar gaan journalisten het vaakst de mist in als het om macht gaat?

„De weg naar de top van de mondiale journalistiek vereist privilege. Sommige opleidingen kosten wel honderdduizend dollar per jaar en zijn daarmee slechts toegankelijk voor een kleine, zeer bevoorrechte elite. En hun verhouding tot macht is per definitie anders dan die van de mensen over wie zij berichten. Neem een BBC-presentator die in Oxford of Cambridge heeft gestudeerd, uit een welgestelde familie komt, en voor wie macht altijd heeft gefunctioneerd als iets dat orde brengt en het goede vertegenwoordigt. Zij zullen meer geneigd zijn macht te vertegenwoordigen dan haar uit te dagen in hun journalistiek. Zo iemand vertrekt vanuit de vraag hoe hij of zij door de macht als geloofwaardig wordt gezien. De mensen over wie wordt bericht, staan daar meestal haaks op. Zij zijn juist structureel uitgesloten van macht. Zo ontstaat een fundamentele spanning tussen journalisten voor wie macht heeft gewerkt en hoofdrolspelers van het nieuws voor wie diezelfde macht het leven heeft beperkt of zelfs verwoest.”

Hoeveel ruimte laat het huidige systeem überhaupt nog om macht te bevragen?

„Wereldwijd krijgen journalisten steeds minder tijd om bij een verhaal te blijven, om te leren en om beter te worden. Budgetten voor internationale verslaggeving worden structureel teruggeschroefd. Afrika-verslaggeving is daarbij traditioneel het eerste slachtoffer. Internationale redacties bewegen ondertussen steeds meer richting één enkele Afrika-redacteur voor een hele redactie, terwijl correspondenten verdwijnen. Je wijst dan één redacteur aan voor het continent, van wie wordt verwacht dat die de nuances van 53 verschillende landen begrijpt en daarover bericht. In de praktijk springt zo iemand van het ene verhaal naar het andere, van de ene context naar de volgende, zonder de ruimte om zich ergens echt in te verdiepen of een gelaagd begrip op te bouwen. The New York Times bijvoorbeeld heeft ook niet één gewone algemene New York-verslaggever. Het plaatst deze journalisten in een positie waarin falen onvermijdelijk is.”

Wat zou de fairste kritiek zijn op de manier waarop jullie journalistiek bedrijven?

„We besteden veel aandacht aan het benoemen van misstanden, maar te weinig aan de vraag hoe we het gedrag van machthebbers kunnen beïnvloeden. Alleen verontwaardiging leidt niet automatisch tot verandering. Op dit moment bestaat onze redactie grotendeels uit Oost-Afrikanen, en dat zie je terug in de focus van onze berichtgeving: een duidelijke bias richting Engelstalig Afrika. Ik ben ontevreden over hoe weinig aandacht we besteden aan niet-Engelstalig Afrika. Portugeestalig Afrika komt nauwelijks aan bod. Hetzelfde geldt voor Franstalig en Arabischtalig Afrika. Daarnaast is er het ongemakkelijke idee dat we dekoloniaal willen werken maar publiceren in een koloniale taal. Wie goed kijkt, ziet genoeg zwakke plekken. Dat ontken ik niet. Maar voor die tegenstrijdigheden bestaan geen eenvoudige oplossingen.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Film en series

Wat moet je deze week kijken? Tips en achtergronden over boeiende films, series en tv-programma’s

Source: NRC

Previous

Next