Home

Olie is terug, en dat voorspelt weinig goeds

Oliepolitiek

Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.

Het is nog maar een paar jaar geleden dat aardolie hard op weg leek naar het museum van de wereldeconomie. De strijd tegen klimaatverandering beloofde een snelle afbouw van het gebruik van fossiele brandstoffen. Een steeds beter rendement van groene energieopwekking en -opslag maakte van alternatieve energie uit wind en zon een geloofwaardig en levensvatbaar alternatief. 

Vooral onder invloed van de Amerikaanse regering-Trump lijkt dit proces grote vertraging op te lopen. Een jaar van onverholen machtspolitiek dreigt de verhoudingen en vooruitzichten in de wereld sterk te veranderen. En olie lijkt terug van weggeweest. 

De Amerikaanse ingreep in Venezuela van vorige weekeinde, waarbij president Maduro en zijn echtgenote werden afgevoerd naar een cel in New York, is niet los te zien van de Venezolaanse oliereserves. Die zijn de grootste in de wereld– nog vóór die van Saoedi-Arabië. 

Deze reserves komen nu binnen de Amerikaanse invloedssfeer. Amerika’s raffinaderijen zijn van oudsher toegesneden op de dikke, stroperige Venezolaanse variant. En als bonus: de weinige olie die de verwaarloosde Venezolaanse olie-industrie produceerde, vond zijn weg naar vijandige landen als Cuba en China.

Zo slaan de VS meerdere vliegen in één klap. Olie is geld én een Amerikaans machtsmiddel. Sinds een jaar of tien draagt het massaal winnen van olie uit steenlagen (fracking) ertoe bij dat de VS meer olie produceren dan zij consumeren. De VS hebben, vanuit het perspectief van de nauwe machtspolitiek van Trump, baat bij een voortdurende vraag uit het buitenland. Het verbaast dan ook niet dat de Amerikaanse regering juist het alternatief, de opkomst van groene energie, wil frustreren. Te beginnen in eigen land.

Dat draagt ertoe bij dat het tijdstip waarop het gebruik van olie en gas piekt, om vervolgens te dalen, steeds verder opschuift in de toekomst. Volgens het Internationaal Energie Agentschap (IEA) piekt de vraag naar olie wereldwijd in 2030. Daarna zal de vraag structureel dalen. Maar dat is volgens de formele plannen van landen die zijn afgesproken in internationaal verband.

Het IEA kijkt in een alternatief scenario óók naar het daadwerkelijke beleid. En daaronder stijgt de vraag naar olie nu gewoon door tot ten minste 2050. Hetzelfde geldt voor de vraag naar gas, die bij de afgesproken beleidsvoornemens iets later piekt dan olie, maar in de praktijk eveneens dreigt door te groeien.

Dat voorspelt weinig goeds voor de opdracht de opwarming van de aarde te beteugelen. Het IEA zegt in zijn jongste jaarlijkse prognoses te vrezen dat het doel van maximaal 1,5 graad Celsius temperatuurstijging niet wordt gehaald, en maximaal 2 graden ook niet. Gedacht moet worden aan 2,5 tot 3 graden Celsius opwarming. Dat is catastrofaal.

Nu is Amerika’s nieuwe rivaal China wél volop bezig met een groene revolutie. Die heeft eveneens te maken met machtspolitiek – in dit geval het bereiken van energie-onafhankelijkheid en het zo verminderen van kwetsbaarheid. Maar tegen Trumps terugkeer naar fossiel, zeker als die ook aan het buitenland wordt opgedrongen, weegt dat nauwelijks op. In het Witte Huis van vandaag heerst het adagium: na ons de zondvloed. Helaas, letterlijk. 

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Source: NRC

Previous

Next