Home

Minacht het alledaagse niet maar omarm het: een beetje sleur is goed voor de mens

Het gewone, dagelijkse leven is een sterk onderschatte bezigheid en dat is jammer, want het dagelijkse leven is het echte leven.

is cultuurverslaggever bij de Volkskrant.

Januari is de maandag onder de maanden. De eerste maand van het jaar heeft net zo’n beroerd imago als de eerste dag van de werkweek: saai, grauw, stom. Het feest is geweest en alles begint weer, dat wil zeggen: het gewone, dagelijkse leven. Weer in de trein, weer in de tram, weer in de file.

Wasjes draaien, stofzuigen, sporten, kinderen aankleden, de kat eten geven, boodschappen doen voor gewone, niet-feestelijke maaltijden – Albert Heijn suggereert een witlofschotel met ham en aardappelpuree, of stamppot met tartaar. Tredmoleneten voor een tredmolenleven.

Het dagelijks leven geldt als het tegenovergestelde van een opwindend leven. In dat dagelijkse leven doe je dingen die niet opvallen, die er niet uitspringen, waarover niemand in zijn dagboek driftig aantekeningen maakt. De dingen van het dagelijks leven zijn de dingen die je vergeet, omdat ze niet onderscheidend zijn. En zo gaan we er gedachteloos aan voorbij.

Hoeveel rust, reinheid en regelmaat heeft een mens nodig? Volkskrantverslaggever Wilma de Rek, tevens auteur van het boek Rust, reinheid en regelmaat, gaat in een serie op zoek naar antwoorden. Lees hier de andere artikelen terug.

Dat is om meerdere redenen jammer. De belangrijkste reden is dat het dagelijks leven in feite het échte leven is. Dieren in het wild zijn het grootste deel van hun tijd bezig met voedsel vergaren en een veilige slaapplek regelen. Wij hebben daar een hoop flauwekul en tierelantijnen omheen bedacht, maar in principe komt leven nog altijd daarop neer.

Rust in het hoofd

Een tweede reden is dat het dagelijks leven een uitgelezen remedie is tegen de burn-outs en andere stressgerelateerde aandoeningen waar zoveel mensen onder gebukt gaan, omdat ze steeds maar van alles moeten, van zichzelf en van de buitenwereld. Maar ‘een trui breien, even wandelen, het pad van de buurvrouw sneeuwvrij maken en witlofschotels klaarmaken’ wordt door artsen nooit als medicijn voorgeschreven.

Dat is jammer, want van dat soort bezigheden word je niet alleen gegarandeerd rustig, je schiet er ook nog wat mee op. Ze zijn belangrijk. Alleen vínden we ze onbelangrijk. Het dagelijks leven is een sterk onderschatte bezigheid.

In onze opgefokte samenleving maken mensen zichzelf ten onrechte wijs dat het alledaagse saai is, zei filosoof Awee Prins tien jaar geleden in interviews met Filosofie Magazine en de Volkskrant. We zouden volgens hem een ‘minder hectische opvatting’ moeten hebben van wat een rijk en goed leven is, en in plaats daarvan het alledaagse moeten omarmen: ‘Wat is er saai aan de toegewijde zorg voor de plek waar je dagelijks ontwaakt en inslaapt, waar je eet, drinkt en liefhebt, en je vrienden ontvangt?’

Volgens Prins, van wie in 2007 Uit verveling verscheen (sindsdien vele malen herdrukt) is een vol leven niet een druk leven maar een alledaags en intensief beleefd leven, ‘A little love and affection in everything you do’. Het leven is geen Hollywoodfilm en wij zijn geen Hollywoodhelden, zei hij, en dat moeten we ook helemaal niet willen: ‘Wij zijn permanent verwikkeld in een krampachtige strijd tegen de eindigheid. Dat is heilloos. Er is alleen de broze alledaagsheid: laten we die omhelzen.’

Knolrapen schillen

Eerder werd het alledaagse en gewone aangeprezen door de Ierse schrijver Michael Foley. In Embracing the Ordinary (2012) gaat hij met grote stappen door de geschiedenis van de aandacht voor het alledaagse. Waar de Griekse, Romeinse en klassieke oosterse literatuur nog bol stond van de liefdevolle aandacht voor het gewone, schilderden de christenen het dagelijks leven af als een tranendal vol lijden dat we moeten doorstaan om het in het hiernamaals beter te krijgen, aldus Foley.

Die afwaardering werd nog eens versterkt door de gewone dagen inferieur te maken aan de heilige zondagen met hun rituele vieringen. In de schilderkunst wist het gewone zich pas na de renaissance een plek tussen de religieuze schilderijen te verwerven, met name dankzij Caravaggio, ‘die zo brutaal was Romeinse schooiers met rafelige kleren, ontbrekende tanden en vieze nagels als modellen te gebruiken.’

Maar de grootste schilders van het alledaagse leven waren volgens Foley de Nederlandse, die in de 17de eeuw durfden te laten zien dat het schillen van knolrapen net zo inspirerend kon zijn als het nationale leger naar de overwinning leiden, en dat een vrouw die een klein meisje ontluisde net zo goed geëerbiedigd mocht worden als de Madonna met kind: ‘Nooit had het gewone leven er zo aantrekkelijk uitgezien.’ (Tip: in het Amsterdamse Rijksmuseum is nog tot komend weekend de tentoonstelling Thuis in de 17de eeuw te zien).

Rituelen en routines

In de 19de eeuw kreeg het dagelijks leven de rol die het verdient in vele dikke romans, en in de 20ste eeuw ook in kunstvormen als fotografie en film. Met kerst zette mijn zoon It’s a Wonderful Life op, de filmklassieker uit 1946 van Frank Capra, een geweldige ode aan het gewone leven. Maar in onze tijd lijkt het leven vooral om hoogtepunten te draaien.

Als het over het dagelijks leven gaat wil nog weleens het woord ‘sleur’ vallen, meestal niet positief bedoeld. Maar sleur komt van sleuren, ‘traag iets doen’. En een beetje traagheid kan de moderne mens goed gebruiken.

Fijnere woorden zijn ‘rituelen’ en ‘routines’. Iedereen weet heus wel dat niets voor eeuwig is, dat alles om je heen voortdurend verandert, dat de wereld eng is en het leven grillig en dat alles zomaar afgelopen kan zijn. Tegen die paniek vormen de kleine routines van het dagelijkse leven een krachtige verdedigingsstrategie. Ze bieden voorspelbaarheid en daarmee een geruststellend gevoel van veiligheid. Schijnveiligheid, natuurlijk; maar het gevoel is al heel wat.

Wat er ook gebeurt, elke avond wordt de trui een stukje langer, elke maandag staat er iets witlofachtigs op tafel en elke januari begint het normale leven weer. En dat is pure magie. ‘Alles weer gewoon, dat is het beste’, proostte een vriendin op 2 januari. Zo is het. Alle dagen feest, dat zou pas een kwelling zijn.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next