WESTLAND - Terwijl het deze zondag precies 29 jaar geleden is dat Nederland voor het laatst massaal uitliep voor een Elfstedentocht, traint een groep Westlanders elke dinsdagmiddag voor de volgende tocht der tochten. Geen jonge talenten, maar gepensioneerden. Saillant detail: een groot deel heeft de Elfstedentocht zelf nog nooit (legaal) gereden.
Op de ijsbaan van De Uithof in Den Haag trainen De Westlandse Schaatsers, zoals het gezelschap zich noemt, wekelijks. We spreken de fanatieke schaatsers in de kleedkamer van De Uithof.
'Het is een groep oude mannen,' zegt Harry Koppert (67) met een glimlach. 'Maar wel een hele gezellige groep. De liefde voor het schaatsen staat nog altijd als een paal boven water.'
Ze trainen niet alleen voor de lol. De Elfstedentocht is de echte stok achter de deur. 'Als hij komt, dan willen we erbij zijn,' zegt Koppert. 'En anders rijden we de alternatieve Elfstedentocht. Maar fit blijven, dat is het belangrijkste.'
Dat betekent: elke week rondjes op het ijs, in de zomer fietsen en goed eten. 'Een dag sporten, een dag rust,' zegt Koppert. 'Zo komen we er wel.'
Paul Sosef (70) uit Naaldwijk traint zelfs meerdere keren per week. 'Dinsdagmiddag sowieso en dan vrijdag of zaterdag nog een keer.' Sinds kort staat hij ook officieel ingeschreven voor de Elfstedentocht.
Waarom die Elfstedentocht, die pas vijftien keer verreden werd, zo bijzonder is? 'Omdat hij zo zeldzaam is,' zegt Harry Koppert. 'Als hij elk jaar zou zijn, was de magie weg. Maar eens in de twintig of dertig jaar… dat is episch.'
Voor Paul Sosef ligt de oorzaak van zijn Elfstedenkoorts in 1963. 'Die beelden van besneeuwde schaatsers, kapot maar voldaan. En de gezelligheid in de dorpen en steden, dat lijkt me fantastisch om mee te maken.'
Hij ziet het al voor zich: 'Dat je een stad binnenrijdt en gedragen wordt door het publiek.'
Bart Duijndam heeft heeft dan wel geen Elfstedenkruisje in zijn prijzenkast, toch heeft hij al kunnen proeven aan de tocht. In 2012 schaatste hij de volledige route, samen met andere Westlanders, nadat de officiële tocht op een haar na niet kon worden georganiseerd.
'Dat was stiekem de zestiende Elfstedentocht,' zegt hij. 'Zonder kruisje, maar het was wel de mooiste tocht die ik gereden heb. Overal stonden mensen langs het ijs', zo geniet Duijndam nog na.
'Achteraf denk ik: het had gekund. Maar juist doordat hij niet doorging, konden wij rijden', lacht hij.
Duijndam is inmiddels iets meer dan tien jaar lid van de Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden. 'Zonder grote verwachtingen. Maar je weet het nooit.'
Hij is er in ieder geval op voorbereid. 'Ik heb net nieuwe kluunschaatsen gekocht,' zegt hij trots. 'Dus ik ben er klaar voor.'
Over de kans dat de Elfstedentocht ooit nog komt, zijn de meningen verdeeld. Maar Paul Sosef kent geen twijfel: 'Honderd procent. Elk jaar komt hij dichterbij. Twee weken noordoostenwind en het kan zomaar.'
Ton van der Meijs (68) denkt daar heel anders over. 'Ik schat de kans heel laag in. Het weer verandert zo snel. Ik geloof niet dat we nog een echte Elfstedentocht in Friesland gaan rijden.'
Toch traint ook hij fanatiek, soms wel vier keer per week. 'Als hij komt, ga ik het proberen. Dat hangt dan wel van mijn leeftijd af.'
'Je rekent er niet op,' zegt Bart Duijndam. 'Maar als alles samenkomt, dan staan we aan de start. En dan zien we wel hoe ver we komen.'
Maar tot die tijd? Rondjes schaatsen op de ijsbaan van De Uithof, elke dinsdagmiddag.
Source: Omroep West Den Haag