Home

Rehabilitatie van veldwachter Gerrit Kuilder

Openbaarheidsdag Een jaar geleden trof NRC in het Nationaal Archief stukken aan over een veldwachter die eerst niet, maar later toch wel aan de deportatie van Joden leek te willen meewerken. Maar de stukken uit dit ene archief blijken niet het hele verhaal over Gerrit Kuilder te vertellen.

Gerrit Kuilder is onrecht aangedaan. Een jaar geleden vond NRC in het Nationaal Archief, waar jaarlijks Openbaarheidsdag wordt georganiseerd, stukken die suggereerden dat Kuilder als politieman had meegewerkt aan de Jodenvervolging.

Kuilder was voor en tijdens de Duitse bezetting rijksveldwachter in Baflo, in het noorden van Groningen. Op of vlak na 8 maart 1943 krijgt hij het bevel een 92-jarige Joodse man op te pakken in Warffum. Kuilder weigert. Principieel. „Hij zou nooit mensen, die niets hadden gedaan, kunnen aanhouden”, schreef zijn commandant in een verslag voor de bezettingsautoriteiten.

Kuilder werd van zijn functie ontheven en vastgezet. Enkele dagen later kwam een telexbericht binnen bij het hoofdbureau van de Ordnungspolizei: Kuilder was „van standpunt veranderd”. In de toekomst zou hij „elk hem gegeven bevel” opvolgen.

Daar hielden de stukken in het betreffende dossier van het Nationaal Archief op. En zo leek het alsof Gerrit Kuilder vanaf 15 maart 1943 elk bevel van de Duitsers heeft opgevolgd, inclusief het wegvoeren van Joden.

Maar zo was het niet. In archieven zijn wel historische feiten terug te vinden, maar de verschillende stukken vormen, in een beeld dat Neerlandicus Frits van Oostrom vaak gebruikte, hooguit een tegelpad. Je hebt meer tegels nodig om dichter bij de werkelijkheid te komen.

Na publicatie van het artikel mailden twee mensen naar NRC. Henk Kuilder, neef van Gerrit, en Pauline Broekema, oud-journalist en schrijver van het boek Benjamin. Een verzwegen dood (2001), verwezen naar vindplaatsen buiten het Nationaal Archief, waaruit duidelijk bleek dat Kuilder wel degelijk zijn principiële houding had gehandhaafd. En dat hij daarvoor was gestraft.

Op 30 september werd Kuilder als politieman uit dienst ontslagen en voorgedragen om te worden ingezet bij de Arbeitseinsatz. In oktober 1943 werd Kuilder gearresteerd. Eerst werd hij, naar hij later zelf schriftelijk zou verklaren van 15 tot 19 oktober, vastgezet in een strafkamp in Ommen, Drenthe.  Op 19 oktober arriveerde hij in Kamp Amersfoort, waar hij tot 30 maart 1944 werd vastgehouden onder arrestantennummer 2376. „Vermoedelijke reden arrestatie”, aldus de administratie van het kamp, nu herdenkingscentrum: „Weigering mee te werken aan arrestatie Joden”. Medegevangene Kornelis Mulder maakte een tekening van Kuilder in het kamp, op zijn pet het nummer 2376.

Op 30 maart 1944 zou Kuilder op transport worden gezet naar Krefeld, een dwangarbeidkamp. Op de groengrijze archiefkaart van Kamp Amersfoort staat achter de categorie ‘Andere bijzonderheden’: ‘Niet vertrokken’.

Hier komt de bijdrage van Pauline Broekema te pas. Zij sprak voor haar boek met de dochter van de in 1960 overleden Gerrit Kuilder, die in de Oosterstraat in Warffum buurman was van de Joodse slager Benjamin Broekema („geen familie”, schrijft ze erbij). Volgens Gerry Kuilder ging haar vader op die 30ste maart 1944 inderdaad op transport vanuit Amersfoort naar Duitsland. „Onderweg ontsnapte hij uit de trein. Volgens Gerry gebeurde dit bij Deventer. Na de ontsnapping dook Kuilder onder. Eerst bij een verzetsman in het dorp. En later thuis. Zo haalde hij, ondergedoken aan de Oosterstraat, de bevrijding.”

Van de Joodse gemeenschap in Warffum, schrijft Broekema, heeft niemand de vervolging overleefd.

Source: NRC

Previous

Next