Oud en Nieuw Gemeenten in stad en land strooiden zand om het wegdek te beschermen, huurden beveiligers in en overlegden sinds de zomer. Toch begon 2025 verre van rustig. Of een vuurwerkverbod veel gaat helpen, wordt betwijfeld. „Er moet een plan voor de handhaving komen.”
Buurtbewoners in Maasdam luiden met vuurwerk het nieuwe jaar in.
Bij de brandweer is de afgelopen jaarwisseling het grootste aantal branden gemeld van de afgelopen tien jaar. In totaal kwamen rond Oud en Nieuw meer dan vierduizend brandweermeldingen binnen. Dat is 10 procent meer dan het oude record van bijna 3.700 meldingen, dat werd geboekt bij de jaarwisseling van 2019-2020.
Dit blijkt uit een analyse door NRC van de zogeheten P2000-meldingen over branden en brandjes rond de jaarwisseling. De afgelopen jaarwisseling was waarschijnlijk de laatste waarbij consumenten vuurwerk mochten afsteken; vanaf volgend jaar is dat in principe verboden.
Gemeenten halen alles uit de kast om oud en nieuw in goede banen te leiden, blijkt uit gesprekken met burgemeesters van gemeenten waar het vaak onrustig is rond Oud en Nieuw. Met wisselend succes: het aantal meldingen lag dit jaar 12 procent hoger dan vorig jaar, toen de brandweer ruim 3.600 keer werd gealarmeerd. In de helft van de gemeenten steeg het aantal meldingen ten opzichte van vorig jaar.
Den Haag was de grote uitschieter met ruim 414 meldingen, bijna 40 procent meer dan het jaar ervoor. Het aantal meldingen was anderhalf keer zo groot als in Amsterdam en zelfs twee keer zo groot als in Rotterdam.
Ook afgezet tegen het inwonertal was de brandweer heel druk in Den Haag. Met ruim 7 meldingen per 10.000 inwoners staat de derde stad van Nederland stevig in de top-10. De gemeente Voorne aan Zee voert de lijst aan, met ruim 19 meldingen per 10.000 inwoners. Het overgrote deel van die meldingen is terug te voeren naar één incident: een grote brand in een parkeergarage onder een appartementencomplex in Hellevoetsluis.
Maar ook in de rest van de gemeente was het onrustig, zegt burgemeester Arno Scheepers tegen lokale media. „Ik word er droevig van dat wat een heel gezellige jaarwisseling had kunnen zijn, wordt overschaduwd door het feit dat er in onze regio elke acht seconden een melding bij de meldkamer binnenkomt.”
Andere uitschieters zijn onder meer West-Betuwe, Arnhem en Zaltbommel, gemeenten waar het elk jaar druk is met Oud en Nieuw.
„Het was een heel drukke, hectische nacht”, erkent burgemeester Servaas Stoop van West-Betuwe. Op verschillende plekken ontstaken bewoners vreugdevuren. „De brandweer kan die vuren zonder problemen uitmaken, doordat brandweerlieden bekend zijn bij de bewoners.” Maar er is wel schade aan het wegdek. Sinds een aantal jaren staat West-Betuwe op een vooraf aangewezen plek wel een vreugdevuur toe, na overleg met bewoners. „De bewoners gebruiken schoon brandmateriaal en ruimen de boel na afloop weer op.”
In de gemeente Eemsdelta worden meldingen afgehandeld in een „treintje”, vertelt burgemeester Ben Visser: „Eerst beoordeelt de politie de situatie. Als er geblust moet worden, komt de brandweer. En daarna komt de gemeente de rommel opruimen.” Daardoor loopt de boel niet uit de hand, stelt Visser. „Brandweermensen zijn vaak vrijwilligers die zelf uit de gemeente komen. Ze moesten dit jaar een vreugdevuur uitmaken, omdat het gevaarlijk werd voor de omgeving. Dat wordt niet altijd gepruimd. We varen daarom op het gezag van de politie, die eerst het gesprek begint.”
Andere gemeenten ontplooien ook initiatieven om de viering van Oud en Nieuw in goede banen te leiden. Zo gaan jongerenwerkers en politiemensen in Vijfheerenlanden vooraf in gesprek met groepen (jonge) inwoners over hun plannen. „Dan bepalen we de plekken waar ze vuurtjes kunnen stoken en spreken af dat ze er geen autobanden op gooien”, vertelt burgemeester Sjors Fröhlich: „We storten zand op de straat of de stoep om die te beschermen.” In een wijk waar in het verleden „oncontroleerbare vreugdevuren ontstonden”, verloopt de viering volgens Fröhlich nu „feestelijk en rustig”.
In Den Haag worden op scholen vuurwerklessen aangeboden en bekende overlastgevers krijgen van te voren een waarschuwing. Deelscooters, vaak doelwit tijdens de jaarwisseling, worden door de aanbieders zoveel mogelijk uit de ‘risicogebieden’ verwijderd.
Verschillende gemeenten huren tijdens de jaarwisseling particuliere beveiligers in, vanwege een beperkte boa-capaciteit. Zo ook Molenlanden, waar twee particuliere beveiligers de taken van een zieke boa overnamen. „Onze gemeente telt twintig kernen, maar we hebben geen twintig boa’s”, zegt burgemeester Theo Segers. De jaarwisseling in Molenlanden verliep rustig.
Ook Maasdriel huurde particuliere beveiligers in. Het was één van de vele maatregelen die de gemeente nam om ongeregeldheden te voorkomen, naast beveiligingscamera’s en extra boa’s in risicogebieden. De voorbereiding begon al in de zomer. „Twee jaar geleden hadden we grote rellen in Hedel en vorig jaar ging het mis in Kerkdriel”, zegt burgemeester Antoine Walraven. Dit jaar is daar officieel een veiligheidsrisicogebied afgekondigd. In de weken voor Oud en Nieuw werden meerdere invallen gedaan waarbij illegaal vuurwerk in beslag werd genomen na meldingen via Meld Misdaad Anoniem – de gemeente had vooraf gesprekken gevoerd met buurtbewoners, en opgeroepen verdachte omstandigheden door te geven.
Uitgezonderd van een huis dat afbrandde nadat er waarschijnlijk een vuurpijl in de rieten kap belandde, bleef het in Maasdriel rustig. Maar daarvoor is alles uit de kast getrokken, zegt Walraven. „Er is nogal wat voor nodig om Oud en Nieuw in goede banen te leiden.”
Pekela is een jaar of vijf geleden begonnen met preventieve maatregelen tegen vuren op straat, vertelt burgemeester Jaap Kuin. „Er was te veel schade. Dan kwam ik op Nieuwjaarsdag bij mensen die huilden, omdat hun nieuwe gordijnen zwart waren geworden door het roet van verbrande autobanden.” De gemeente is vuurtonnen gaan uitdelen, waar inwoners „in overleg met de buren schoon hout mogen verbranden.” Dat begint effect te hebben, zegt Kuin: „Het was dit jaar voor het eerst rustiger.” Er waren iets minder meldingen, waarbij het overwegend ging om kleine brandjes: „Afval en soms autobanden.”
Ondanks de (kleine) successen gaat het nog steeds vaak mis. „Er blijft een sfeer van straffeloosheid rond de jaarwisseling”, zegt Fröhlich van Vijfheerenlanden. In zijn gemeente werden twaalf lichtmasten in een park opgeblazen en werden in een winkelcentrum bakstenen en tegels tegen de glazen pui aan gegooid. „Daar hebben we de ME moeten inzetten”, vertelt Fröhlich.
En niet alleen daar, zo meldde de politie op nieuwjaarsdag. Bijna alle beschikbare agenten van de Mobiele Eenheid (ME), waren tijdens de jaarwisseling aan het werk. Plaatsvervangend korpschef Wilbert Paulissen sprak van „een maximale inzet die de halve nacht voortduurde”.
Ook in Den Haag moest de ME op meerdere plaatsen ingrijpen, in de meeste gevallen vanwege geweld tegen de hulpdiensten. Burgemeester Jan van Zanen noemt het „onverteerbaar” dat politie en brandweer gericht met zwaar vuurwerk bestookt werden.
Van Zanen is groot voorstander van het vuurwerkverbod. Burgemeesters hebben hier de afgelopen jaren hard voor gelobbyd in politiek Den Haag. De vraag is of het aanstaande afsteekverbod van consumentenvuurwerk effect zal hebben.
Burgemeester Kuin van Pekela denkt van niet, ook al omdat zijn gemeente dicht bij Duitsland ligt waar vuurwerk vrij te koop is. „De drempel wordt iets hoger, maar ik denk niet dat we volgend jaar minder vuurwerk gaan zien.” Zijn collega Visser in het naburige Eemsdelta verwacht ook geen wonderen van het verbod: „De traditie om vuurwerk af te steken is vrij diep geworteld in Nederland, die schaf je niet zomaar af.”
De nationale overheid zal in elk geval extra actie moeten ondernemen, vindt burgemeester Walraven van Maasdriel: „Er moet een plan voor de handhaving komen, en om de import van vuurwerk uit het buitenland te voorkomen.” Zijn gemeente wil zelf in gesprek met de inwoners: „Als mensen geen vuurwerk mogen afsteken, moet je een alternatief bieden, zoals een vuurwerkshow.”
Ouders moeten worden aangesproken op het gedrag van hun kinderen, vindt burgemeester Fröhlich van Vijfheerenlanden. „Want veel rottigheid wordt uitgehaald door kleine jochies.” Dat zal tijd kosten, erkent hij, net als toen het roken in openbare ruimtes werd verboden. „Toen was er in het begin grote ophef. Inmiddels is het niet meer normaal om zomaar ergens te roken. Ik denk dat het met het vuurwerkverbod dezelfde kant op zal gaan.”
Source: NRC