Tommy Wieringa is schrijver en columnist voor de Volkskrant.
‘Sinds februari 2022 wordt de toon gezet door vijanddenken’, schrijft oud-politica Marianne Thieme in Trouw, gevolgd door: ‘De Europese lidstaten willen het komende decennium 6,4 biljoen euro aan wapens uitgeven – meer dan aan onderwijs.’
De argeloze lezer kon hier zomaar denken dat de EU vanuit het niets aan vijanddenken en herbewapening begonnen was. Dat er helemaal geen Russische invasie aan voorafging. Rusland is in Thiemes essay wonderlijk afwezig. De agressie heeft geen naam en geen gezicht. Ze adresseert niet de vernietigingsoorlog die Poetin begon maar uitsluitend het westerse antwoord daarop. Niet de oorzaak maar het gevolg.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Haar stuk moeten we intussen lezen als een pleidooi voor geweldloos verzet. Ze stelt zich de vraag of meer wapens ons wel veilig maken en of een machtsevenwicht wel vrede mag heten. Maar ook in deze theoretisch interessante vragen is de Russische oorlog tegen Oekraïne en de hybride oorlogvoering tegen het Westen de grote afwezige. Een ijle abstractie in de verte. Zoals ze zich er ook geen rekenschap van geeft dat Europa zich inmiddels tussen Scylla en Charybdis bevindt, verraden door de Amerikanen en op tal van terreinen aangevallen door de Russen.
Thiemes antwoord op het wapengekletter van deze tijd: recht, dialoog en begrip. Enter Mahatma Gandhi. Je hoort het de pacifisten van dienst vaker opperen, Gandhi als antwoord op Poetin. Elke historische analogie gaat hier zo mank dat je niet weet waar te beginnen. Laten we zeggen dat Gandhi gedurende zijn gevangenschap niet met een bezemsteel is verkracht door de Britten, dat zijn testikels niet onder stroom zijn gezet of zijn ogen met een lepel uit hun kassen zijn gewipt – een paar folteringen waaraan Oekraïense krijgsgevangen door hun beulen worden onderworpen. Als een van de gruwelijkste pijnen wordt de stroomdraad in de anus genoemd. (Duizenden en duizenden van zulke gevallen werden uitvoerig gedocumenteerd in het onderzoekswerk van jurist en Nobellaureaat Oleksandra Matviichuk.)
Met de Russische invasie komt volstrekte minachting voor het leven mee, Russische
militairen zijn gedrild in vernedering en wreedheid. Alles tussen slavenmoraal en
kadaverdiscipline.
In het documentaire-tweeluik Konvooi dat afgelopen weken is uitgezonden, zegt een
jongeman die tijdens zijn driejarige krijgsgevangenschap elke dag is gemarteld tegen zijn voormalige beulen: ‘Ik sta hier met mijn handen op mijn rug gebonden en met mijn hoofd gebogen, waarom sla je mij?’
In het leger, schrijft de Russische auteur Michaïl Sjisjkin in Mijn Rusland, moet een rekruut eerst slaaf worden en zijn menselijke waardigheid opgeven. ‘Later verander je van een slaaf in een meester en is het jouw beurt om de nieuwelingen te slaan, in hun laarzen te pissen, ze een boterham met schoensmeer te laten eten, hun van thuis opgestuurde levensmiddelen af te pakken en nog veel meer. Het is bekend dat de wreedste opzichters voormalige slaven zijn.’
En dit leger van verminkte zielen wordt op Oekraïne losgelaten, om daar zijn wreedheid op de tegenstander te botvieren.
Het geweldloze verzet waartoe Thieme en de haren oproepen is in dit licht een
geparfumeerde waan. Op zijn best goedbedoeld, maar hoogst onnozel en pijnlijk
ongeïnformeerd.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant