Home

Het hele dorp weet wie de Postcodemiljoenen wonnen. ‘Héb je geld en dan koop je een tweedehands Yaris’

Loterijwinnaars Op 1 januari 2025 werd Balkbrug plotsklaps 60 miljoen euro rijker. Wat doet dat met een klein dorp? „Als je iets geks doet, heeft het hele dorp het erover.”

Op 1 januari 2025 viel de hoofdprijs van de Postcode Loterij in Balkbrug.

Rudolf Gelderman (64) hoorde het 1 januari 2025 begin van de middag van een buurman: de grote, rode truck van de Postcode Loterij staat midden in het dorp, naast de bakker. Zou dat waar zijn? Samen met zijn vrouw Jannie (59) wandelde hij ernaartoe, ze hadden toch een vrije dag. Inderdaad, daar stond-ie te glimmen met al die lampjes. Op de zijkant in grote gouden letters: 59.7 MILJOEN.

Goh, zei Jannie, het is echt waar. „En dat in óns Balkbrug.”

Bij de Postcode Loterij is de postcode het lotnummer. En heel Balkbrug, een dorp met vierduizend inwoners in Overijssel, ten oosten van Zwolle, heeft dezelfde vier cijfers in de postcode: 7707. Dus toen die truck daar stond, wist iedereen: heb je een lot, dan win je een prijs. Wie de hoofdprijs wint, is dan nog geheim. Het gaat om de bewoners van de postcode 7707 én een specifieke lettercombinatie.

Toen tegen zeven uur in de straat kabels werden uitgerold en een geluidsinstallatie werd neergezet, ging er iets dagen bij Rudolf en Jannie. Rond half negen belde een medewerker van de loterij aan om te vertellen dat ze een prijs hadden gewonnen. Of ze mochten komen filmen? Dat mocht. Ze plakten het huisnummer af en adviseerden persoonlijke spulletjes weg te zetten. Heel netjes, vinden Rudolf en Jannie.

Rudolf Gelderman was samen met zijn vrouw Jannie een van de grote prijswinnaars.

7707 AZ, Anton Zacharias. In de Boslaan, een lommerrijk straatje met rijtjeshuizen, twee-onder-een kap- en vrijstaande huizen, viel de PostcodeKanjer. Acht huishoudens verdeelden de helft van het prijzengeld, een kleine 30 miljoen euro. Een jonge man woonde pas net op de Boslaan en was nog aan het klussen. „Dan worden het toch kunstof kozijnen”, zei hij verrast. Twee gezinnen hadden twee loten.

„Ik kon het niet overzien”, blikt Rudolf op een warme julidag in zijn tuin terug. Bij 20.000 euro kun je nog denken aan een nieuwe auto of een verre reis. Maar dit!”

Jannie: „Ik was aanvankelijk niet blij. Je hebt opeens iets te verliezen.”

Rudolf: „Ze maken het bedrag in één keer naar je over. Dan staat het gewoon op je rekening.” Pas toen een meneer van de Rabobank langskwam en het op de spaarrekening zette, voelde hij zich rustiger. „Zo! Daar staat het voorlopig goed.”

Balkbrug, waar het gemiddelde inkomen iets lager ligt dan landelijk en het aantal bijstandsuitkeringen nihil is, was plotsklaps bijna 60 miljoen euro rijker. Wat zou dat met het dorp doen, en met de Boslaan-winnaars? En met de mensen zónder lot?

Henk Brouwer (64), voorzitter van het Plaatselijk Belang, een soort dorpsraad, heeft geen buitensporige uitgaven gezien. „De Belastingdienst is de grootste winnaar, hè. Die komt eerst.” Hij lacht hard. Gek doen met geld zit niet in de aard van Balkbrug. „Mensen kopen eerder een kavel dan een cabrio.” Ongeremd genieten van zo’n prijs is moeilijk voor sommige dorpsgenoten, zag hij. „ „Iedereen kent elkaar”, zegt hij. „Dus als je iets geks doet, heeft het hele dorp het erover.”

In Balkbrug, Overijssel, ligt het inkomen iets lager dan het landelijk gemiddelde.

Feest

Een week na de trekking is er een dorpsfeest op het grote plein naast de Diamanthal, de manege in het dorp. De rode truck staat bij de ingang, er is harde muziek, bij binnenkomst krijgt iedereen een oranje loterij-sjaaltje. Er is bier en loterijmedewerkers in rode jassen delen zakjes friet uit. Het prijzengeld van de grote winnaars is bekend. Wat de lothouders uit de rest van het dorp krijgen, hangt af van het aantal verkochte loten. Dat wordt op het feest bekendgemaakt. „Gooeeedenavond! Hallo Balkbrug”, roept postcodepresentator Gaston Starreveld vanaf het podium. Marco Schuitmaker zingt zijn hit ‘Engelbewaarder’. Het publiek springt uitgelaten op en neer.

 „3, 2, 1, jaaaa!!!” 30 miljoen wordt verdeeld over, zo blijkt, 682 wijkwinnaars. Een bedrag van 36.754 euro verschijnt op een levensgroot scherm. „Balkbrug, hoe voelt dit!?” roept Starreveld vanaf het podium. Gejuich en een polonaise volgen.

Maarten Offinga, burgemeester van Hardenberg, waar Balkbrug onder valt, feliciteert op het podium de winnaars. Toen hij een huis zocht, had hij ook in Balkbrug gekeken. „Had ik dat maar gekocht”, grapt hij tegen het publiek.

Een dag voordat de rode truck het dorp binnen rolde, was Offinga gebeld. „De organisatie heeft een draaiboek klaarliggen”, zegt hij. „Het is een geoliede machine.” Ook het feest regelt de Postcode Loterij zelf; ze zoeken een locatie en vragen de plaatselijke horeca te tappen. Hij hoefde alleen de randvoorwaarden te regelen, zoals extra boa’s.

Hij hoopte dat het de cohesie in de straat niet zou verstoren. „In dorpen in deze regio lopen mensen nog achterom bij elkaar binnen. Als opeens een halve straat verhuist, verandert dat het karakter van zo’n straat.”

Om de onthutste kersverse miljonairs te steunen had Roel Eleveld van de Postcode Loterij op 2 januari een bijeenkomst georganiseerd. Hij werkt al tien jaar als begeleider van winnaars, en weet dat ze het aanvankelijk niet overzien. „Schrijf al je wensen op een lijstje”, zegt hij altijd. Beslissingen komen later wel. En: „Trakteer meteen op het werk. Dan heb je dat gehad.”

Hij waarschuwt voor financiële experts die voor de deur staan. Groteprijswinnaars kunnen via hem een afspraak regelen bij PricewaterhouseCoopers voor een gratis advies op maat.

Eerst heb je zorgen óm geld, dan krijg je zorgen mét geld, zegt Leander (36), prijswinnaar uit de Boslaan. Vanwege die prijs wil hij niet met zijn achternaam in NRC; die is wel bekend bij de redactie. „Iedereen weet wie welke prijs gewonnen heeft. Opeens ga je je afvragen: vind je het leuk met mij of kom je voor mijn geld? Ik bouwde een muurtje om mij heen.”

Nuchter

„Flabbergasted”, was Jannie, toen ze op 1 januari, live op televisie, de cheque uit de envelop haalde met daarop 3.343.200 euro.

Rudolf : „Nee joh, nee! Wat moet je ermee. We hebben al zoveel hé.” En later: „Mooi man, bedankt!”

Wensen? Toen televisiepresentator Caroline Tensen bij hen aanbelde en vroeg wat hij met het geld zou doen, antwoordde Rudolf dat hij een nieuwe voordeur moest. Een jaar eerder was hij na een gezellige avond door het glas van de deur gevallen. Er zat nog steeds een plaat in.

Hij zou het later nog een hele klus vinden. Nu geld geen rol meer speelde kon hij werkelijk élke voordeur kiezen.

Hij en Jannie hebben altijd zuinig geleefd. Dat moest wel met vier kinderen, Rudolf werkte als onderhoudsmonteur, Jannie was ‘bij huis‘. Alle klussen in huis deed Rudolf zelf. Tussenmuurtjes, een badkamertje voor de baby in een kast zodat Jannie niet de trap af hoefde, de commode, hoogslapers.

„De tafel”, zegt Jannie.

Rudolf: „Ik had er ook lol in om de kosten laag te houden.”

Neem deze overkapping, zegt hij in juli in de tuin. „Die houten balken lagen iemand in de weg, die kon ik voor een habbekrats ophalen. Een ander had nog dakpannen over. Zo bouwde ik het op.” Hij moest enorm wennen aan het idee dat hij er nu een nieuw pannendak op kon láten leggen. „We hebben het wel gedaan. Dat is luxe.”

Balkbrug is „een vrijwilligersdorp”, zegt bewoner Henk Hof (74).

Ze wonen in de Boslaan sinds 1987, ze hadden verkering maar waren nog niet getrouwd. Rudolf kocht het voor 100.000 gulden. Voor geen goud willen ze verhuizen. „Het is een heerlijk buurtje. Ons kent ons.” Met vier kinderen was het krap. Inmiddels hebben ze met z’n tweeën ruimte genoeg.

Toen alle vier de kinderen op de basisschool zaten, was Jannie gaan werken in de kaasfabriek aan de Balk, zoals Balkenezen zeggen als ze ‘in Balkbrug’ bedoelen. Als inpakster. Na de prijs kon ze stoppen, maar deed dat niet. „Het voelde gek.” Het duurde driekwart jaar voor ze de stap zette. „Ik heb nu meer tijd voor mijn vrijwilligerswerk.”

Ze kochten een tweedehands Toyota Yaris. Flinke verbetering, na hun vijftien jaar oude Peugeot. Rudolf: „Mensen zeiden: heb je geld en dan koop je een tweedehands Yaris. Ik heb nog nooit een auto uit de showroom gekocht. Ik zou me ongemakkelijk voelen in een Porsche.”

Er komen ook nieuwe kozijnen. En een airco. „Dat hadden we anders nooit gedaan voor die paar warme dagen.” Jannie wilde nieuw behang. Ze lacht. „Eerder zouden alle rollen boven de 30 euro afvallen. Nu kunnen we niet kiezen.” En ze gaan op wintersportvakantie met de kinderen en aanhang.

Leander kocht een nieuw Mercedes V-klasse-busje. En hij overwoog zijn baan op te zeggen als storingsmonteur bij een netbeheerder. Niet doen, zei zijn moeder. „Niet een vaste baan opzeggen.” Hij volgde zijn hart en ging voor zichzelf aan de slag als geluids- en techniekman. Hij is de vaste technicus van countryzangeres Jorieke Sterken die bekend werd met de hit ‘Vette Boeren‘. 

Vrijwilligersdorp

Henk Hof (74), „meerdere loten”, noemt Balkbrug aan de keukentafel van zijn huis een vrijwilligersdorp. Iedereen kent elkaar en veel mensen helpen mee als er iets georganiseerd wordt. „We willen met zijn allen het dorp draaiende houden.” Vrijwilligers houden de verschillende (sport-)verenigingen in de lucht, én een openluchtzwembad (dat twee keer de prijs voor het mooiste bad won), waar Hof lang als vrijwilliger werkte. Ze organiseren rommelmarkten in de Diamanthal, een trekkerslep-festival en een oldtimerfestival, het zomerse obstakelparcours Reestdal Fun Run (meer dan tweeduizend deelnemers, honderdvijftig vrijwilligers), een off-road-rit voor motoren en quads in de herfst.

Henk en Lenie Kluin hadden „meerdere loten”.

Voor buitenstaanders is Balkbrug vooral bekend van tbs-kliniek Veldzicht die er sinds 1933 zit en waar de Balkenezen nooit een punt van maakten. Veel dorpelingen werken in of verdienen aan de instelling. Tegen een dreigende sluiting in 2013 kwam het dorp in opstand. Veldzicht bleef, maar veranderde van tbs-kliniek in een behandelcentrum voor getraumatiseerde statushouders. Het dorp beschouwde het behoud van de instelling als een overwinning.

Toch is Balkbrug de afgelopen jaren kaler geworden, zegt Hof, de slagers, een drogisterij en kledingwinkel zijn verdwenen. Het hart van het dorp wordt nu gevormd door de bakker en de supermarkt. Er zijn drie kerken en twee kroegen, jongeren drinken net zo lief bier in ‘keten’ op boerenerven. 

Hof werkte jarenlang bij een veevoerbedrijf in het dorp. Het was klein, en iedereen ging mee op het bedrijfsuitje. Na een fusie groeide het bedrijf tot vierhonderd werknemers. Sindsdien was het al veel als de helft naar het personeelsfeest kwam. Zo is het, denkt Hof, ook met Balkbrug. Hij bedoelt: alleen in een klein dorp is de betrokkenheid zo groot.

Zijn vrouw heeft een nagelstudio aan huis. Ze schaften een laadstation voor de auto en zonnepanelen aan, en lieten haar werknemers meedelen in de prijs. Henk:  „Het is fijner met een warme hand dan met een koude hand te geven.”

Henk Brouwer van Plaatselijk Belang vindt het, zegt hij later in het jaar, niet zo gek dat de ‘dikke zak met geld’ in het dorp toch weinig veranderde. De fietsenmaker verkocht wat meer elektrische fietsen, tuincentra luxere loungesets en de bouwbedrijfjes hadden extra klussen.

Van de ‘kleine’ prijzen bleef na belastingaftrek zo’n 23.000 euro per lot over, niet een bedrag waarmee je naar de lokale Mercedes-dealer rent om een auto uit te zoeken, realiseerde hij zich. „Je gaat een keer op vakantie met gezin of vrienden, organiseert een etentje, koopt een tuinhuisje. Dan is het geld wel op.”

Hij zit op zijn kantoor op het industrieterrein aan de rand van Balkbrug. De familie Brouwer runt daar een biomassaverbrander waar naar zijn zeggen op een milieuvriendelijke manier stroom en stoom wordt opgewekt door de verbranding van houtsnippers. Zijn neef Maikel Brouwer werkt er ook. Maikel had een lot, zegt hij als hij binnenstapt. Met een lach: „Je wilt niet de enige zijn die niks wint als de prijs in je straat valt.”

„Deze prijs is leuk”, vindt Maikel. „Je hoeft er niets voor te doen.”

Brouwer, die zelf meerdere loten had: „Een appeltje voor de dorst.”

Henk Brouwer is drie keer van het geld uit eten geweest. Met zijn schoonfamilie, familie en met zijn vrienden. Bij de Chinees. 

Maikel loste een deel van zijn hypotheek af. Een jacuzzi stond al in de tuin, zegt hij. „Ik werk hard, als ik iets wil, dan haal ik het. In het redelijke dan, hè.”

Henk Brouwer dacht na over een nieuwe kippenren. Hij en zijn vrouw hebben drie kippen in een lage ren in de tuin. Ze moeten gebukt eieren rapen. Een ren waarin je rechtop kunt staan, kostte bijna 10.000 euro. Voor die paar kippen die niet zoveel eieren meer leggen? „Als het nou gouden eieren waren”, zegt Brouwer.

We hebben wat gewonnen, zei hij tegen zijn vrouw, en kunnen niet eens verzinnen wat we met het geld gaan doen. „We hebben het gewoon goed.” Ze wonen mooi en hebben allebei werk.

Jaloezie

Lenie (63) en Henk (62) Kluin hadden twee loten. Toevallig hadden ze het jaar ervoor bedacht dat het verstandig zou zijn om er twee bij te nemen. Ze zijn ‘kleine’ winnaars maar kregen zo alsnog een flink bedrag. Eindelijk een nieuw hek om de tuin, bedachten ze meteen. En een extra vakantie naar Valkenburg waar ze al 24 jaar elke juni en november heen gaan, naar hetzelfde hotel.

In de zomer staat er een houten schutting van 180 centimeter rond hun kleine tuin. Dat vonden ze bij nader inzien beter dan een hek, vertelt Henk vanuit zijn stoel bij het raam. Als er iemand langsloopt, steekt hij zijn hand op. Mooi hè, zegt Henk Kluin. „Douglashout uit Zweden. Ik heb het behandeld met een coating, dan blijft het hout mooi blank.”

De ouders wonen in een seniorenwoning om de hoek. Zijn vader had een van zijn twee loten een paar weken eerder opgezegd. Tot zijn verbazing kreeg hij toch het prijzengeld voor twee loten. Toen herinnerde hij zich dat de mevrouw aan de lijn had aangeraden op te zeggen ná de Kanjertrekking.

Henk kijkt triomfantelijk. „Hoeveel geluk kun je hebben!” Dan: „Drie herseninfarcten had mijn pa dit jaar. Hij was altijd zo’n sterke man. Nooit een dag ziek. Hij en mijn moeder trokken met de camper rond in Europa. Deze zomer zijn ze vijfenzestig jaar getrouwd. En opeens, patsboem.”

Lenie: „En dan heb je niets aan je geld.”

Van afgunst hebben ze weinig gemerkt, behalve van één buurman, die vond de schutting te hoog.

Henk: „Hij had zelf ook een schutting van 180 centimeter.”

Lenie: „We hadden gevraagd aan de woningbouwvereniging of het mocht. Het mocht.”

Henk: „Hij was jaloers, denk ik.”

Verlies

Het is begin februari, einde middag. Gosse van der Meulen (75) stuurt zijn fiets het pad naar zijn huurwoning op. Een hoekhuisje in een rij van vier aan de Omloop. Van der Meulen, lang, grote handen, komt net terug van zijn vrijwilligerswerk in een verzorgingshuis voor ouderen met dementie. Drie dagen in de week fietst hij die kant op, om met bewoners een visje te halen, of te toeren door de buurt.

Gosse van der Meulen en zijn vrouw Gerrie doen niet mee aan de loterij. Drie miljoen winnen? Hij moet er niet aan denken. Dan letten mensen voortdurend op je. Laatst nog, bij de visboer in het dorp. Een prijswinnaar bestelde een visje. Oh,-ie kunt dat weh! Kuj je dat lekkerbekkie ok veur mie koop’n? Het wekt jaloezie op, denkt Van der Meulen. En waar zou hij al dat geld aan moeten besteden? 

Gosse en Gerrie van der Meulen deden niet mee aan de Postcode Loterij.

Gosse en Gerrie van der Meulen hadden een boerderij vier kilometer buiten de bebouwde kom van Balkbrug. Na dertig jaar boeren zou de oudste van hun zes kinderen het bedrijf overnemen. Maar die oudste zoon verongelukte op zijn zeventiende, onderweg van school naar huis op de brommer. „We wisten niet waar we het zoeken moesten”, zegt Gosse. Alleen doordat hij wist dat zijn zoon bij de Heere Jezus is, zegt hij, vond het gezin de kracht verder te gaan.

De boerderij – inclusief de percelen, de koeien, de melkrechten – moest uiteindelijk in de verkoop. Een oud-klasgenoot die verstand had van handel, vond het zonde dat Van der Meulen het geld tegen 3 procent rente op de bank wilde zetten. Uiteindelijk liet hij zich overtuigen het volledige bedrag over te maken naar een Duitse bank, waar hij meer rente kon krijgen. Toen hij er later aanklopte was het geld weg, de directeur bleek een fraudeur. Hun pensioen was in één klap verdwenen, een eigen huis kopen zat er niet meer in.

Dat was een grote schok. Van der Meulen, die zich voor vrijwilligerswerk had gemeld bij het Rode Kruis, moest weer aan het werk. Eerst bij een tractorenhandelaar in het dorp, later legde hij glasvezel aan in de Rotterdamse haven, waarvoor hij dagelijks heen en weer reisde. Vijf uur ’s ochtends van huis, en half acht ’s avonds terug. Daarna volgde een functie bij de kaasfabriek in Balkbrug: eerst aan de lopende band, later in de buitendienst. Hij kon doorwerken tot 69 en een half. Zo bouwde hij weer wat reserves op.

Het gezin kreeg ook steun. Van vrienden, familie, gemeenteleden uit de kerk. Maandenlang viel er wekelijks een envelop met 50 euro op de mat. „Geen idee van wie die kwam.” Het echtpaar mocht tweeënhalf jaar wonen in de kosterswoning van de kerk. Dat zegt veel over Balkbrug, vindt Gosse.

Gosse en zijn vrouw Gerrie voelden zich gesteund en raakten niet verbitterd. De liefde van mensen die om je heen gaan staan als je het moeilijk hebt, zeggen ze, daar heb je meer aan dan aan een grote som geld.

Source: NRC

Previous

Next