Nederlandse muzieklijsten worden gedomineerd door liederen over de zoektocht om met jezelf en de wereld in het reine te komen. Wordt het niet eens tijd voor muziek die fantaseert over de toekomst?
In de Mattheus Passion ontkent apostel Petrus dat hij Jezus kent, als die wordt gearresteerd. Als hij zijn verraad beseft, laat Bach een aria klinken vol verdriet en ondraaglijke spijt. Jezus wordt immers vermoord. Het is een universeel stuk over schuld en de zoektocht naar vergeving.
In Bohemian Rhapsody van Queen wordt er ook een man vermoord (‘Mama, just killed a man’). Wie dat is blijft onduidelijk. Het waarom ook. En de zoon heeft er zo te horen wel en geen spijt van: ‘Just gotta get outta here (…) Nothing really matters to me’.
We kunnen het hem op Oudjaar tegen middernacht, als de heilige deuren van dit ‘jubeljaar’ worden gesloten, weer horen zingen. Maar wat zegt die spijt bij de een, of geen spijt bij de ander over onze samenleving? We horen dit namelijk élk jaar opnieuw, alsof het nieuwe volksliederen zijn.
Over de auteur
Henri Beunders is emeritus hoogleraar Publieke Opinie en auteur van het boek Fanatieke Fantasten. Dromen over het redden van de wereld.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Sinds het begin van de Top 2000, in het eerste jaar van deze eeuw, staat de ‘rockopera’ van Queen uit 1975 nagenoeg elk jaar op nummer 1. Sinds NPO Klassiek in 2012 besloot om ook poppy te gaan en de luisteraars te vragen naar hun favoriete levensmuziek, staat het lijdensverhaal van Bach uit 1727 ook met één uitzondering op nummer 1.
Maar eh, levensmuziek? Doodsmuziek is het. De top 10 zit vol dood: Mozarts Requiem, Fauré’s Requiem, Pergolesi’s Stabat Mater. Pärt’s Spiegel im Spiegel is crematoriummuziek, Williams’ soundtrack van Schindler’s List in feite ook. En bij Ten Holt’s Canto Ostinato gaat het dak er ook niet af.
Alleen Dvoráks Symfonie 9, Griegs Peer Gynt Suites en Vivaldi’s Vier Jaargetijden hebben een romantisch karakter. Pas op nummer 11 staat iets opwindends: Ravel’s Bolero. In de herberg danst de Spaanse, aangemoedigd door de mannen, op de tafel zichzelf in crescendo tot extase. De muziek en de sexy actrice Bo Derek maakten de gelijknamige film uit 1979 tot een hit. Sindsdien staat het stuk ook in de top 10 van de slaapkamermuziek.
Is het elders anders? Niet wat klassiek muziek betreft. In België, waar het er meestal lichter aan toe gaat, is nu ook Erbarme dich nummer 1. Maar bij de omroep VRT staat op de popparade Imagine van John Lennon dit keer bovenaan. Die tekst begrijpt iederéén. Maar waar Bohemian Rhapsody over gaat, weet niemand precies. Dat weten de componisten vaak ook niet.
Het enige wat Freddy Mercury er publiekelijk over zei was dat het gaat over ‘fantasy and personal struggles’. Tegenover een vriend zou hij de tekst hebben afgedaan als ‘random rhyming nonsense’ De producer herinnerde zich later: ‘It was basically a joke, but a successful joke (…) We never stopped laughing’. De fans voelen nochtans een intense emotie.
We kunnen misschien stellen dat Bach van de (pre-)boomers is en Queen van de (post-)boomers. Maar waarom áltijd en eeuwig hetzelfde? Is het gebrek aan fantasie? Behoefte aan vastigheid, rituelen, een canon? Indien het antwoord ‘ja’ is, geldt dan – in elk geval voor Bohemian Rhapsody – niet voor ons allemaal wat Hendrik Marsman vlak voor de Tweede Wereldoorlog dichtte in De grijsaard en de
jongeling, namelijk: ‘Groots en meeslepend wil ik leven!’ Wel met de cynische toevoeging van Gerard Reve erachter: ‘maar met behoud van maandsalaris’.
Hoe dan ook, duidelijk is wel dat de winnende liederen gaan over de zoektocht om met jezelf en de wereld in het reine te komen. En dan is Oud en Nieuw daar wel een geschikte tijd voor. Al lijkt er nu wederom meer sprake van verdrietig terugkijken dan het fantaseren over een toekomst.
Terwijl beide nodig is. De eerstvolgende maand is immers januari, naar de Romeinse god Janus. Janus had namelijk twee gezichten: hij kon naar voren kijken en naar achteren. Ovidius vertelt over de nimf Cardea. Die vond het leuk te spelen met haar vereerders. Die zond ze vooruit naar de plek van de rendez-vous. Maar zodra zo’n vereerder zich daar verlekkerd heen spoedde, liep zij de andere kant uit. Bij Janus lukte dat niet, die zág dat. En zo moest Cardea zich wel aan hem geven. Als dank benoemde Janus haar tot heerseres over de drempel, de deurscharnier en de deurkruk.
Ianua betekent deur, Ianus een gewelfde doorgang. Janus was de god van het begin en van het einde, van in- en uitgang: daardoor gaan wij straks januari in. Zou het dus, gezien al die dood en spijt, niet een idee zijn een componist te vragen voor volgend jaar wat nieuws te schrijven?
Misschien iets uit hetzelfde jaar van Marsmans gedicht, zoals de filmklassieker Gone with the wind (1939). Met als refrein de slotwoorden die actrice Vivien Leigh als de gekwelde maar onverwoestbare Scarlett O’Hara na alle ellende verzucht: ‘After all, tomorrow is another day’.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant