Home

Rijpma-de Jong wint 1.500 meter en plaatst zich voor Spelen, misslag nekt Beune

Antoinette Rijpma-de Jong beslist op de 1.500 meter van het olympisch kwalificatietoernooi een spel van een paar honderdsten in haar voordeel. Wereldkampioen Joy Beune grijpt naast het olympisch startbewijs.

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.

De 1.500 meter was voor Antoinette Rijpma-de Jong de laatste kans om zich op eigen kracht voor de Spelen van Milaan te plaatsen. Haar grootste kans ook. Op de NK eindigde ze als tweede, net als op de WK van vorig jaar. Maar op het olympisch kwalificatietoernooi liep het nog niet bij de Friezin. Toch beslist zij het het spel van een paar honderdsten in haar voordeel. ‘Dit was heel moeilijk. Dit was pure, echte, vechtersmentaliteit.’

In haar rit trof ze Femke Kok, de sprinter die uit het niets afgelopen herfst het baanrecord (1.52,95) van Rijpma-de Jong verbrak en op 1.52,69 zette. De twee zijn ploeggenoten, maar volkomen anders in hun manier van rijden. Kok, wereldkampioen en wereldrecordhouder op de 500 meter, start als een komeet. Ze zou wel kijken hoe ver ze zou komen. ‘Langzaam sterven’, zou de slotronde worden, had ze daags ervoor voorspeld.

Rijpma-de Jong, oud-wereldkampioen 3.000 meter, moet het juist van haar slotronde hebben. Dat gold ook op de 1.000 meter van vrijdag, die ze ook tegen Kok reed, maar waar ze zich te veel liet opjagen, te graag mee wilde in het tempo van de sprintster. Nu koos ze haar eigen plan en kon onderweg profiteren van een kruising waarbij ze zich in de windstilte achter Kok kon verschuilen. Dat was niet zo gepland, maar kwam perfect uit.

Bij de bel lagen ze nog bijna een seconde uiteen. Op de finish scheelde het 0,01 seconde 1.53,02 om 1.53,03 in het voordeel van Rijpma-de Jong, die uit alle macht haar been naar voren drukte. ‘Ik heb niet zulke lange benen, maar het was net genoeg.’

Een gat van niks

Die tijd was ook maar 0,02 seconden sneller dan nationaal kampioen Marijke Groenewoud, die een rit eerder had gereden. Een gat van niks, niet eens een oogwenk. Maar ruim genoeg om Joy Beune, de regerend wereldkampioen buiten de top-3 en de olympische startbewijzen te drukken. Beune, die vlak voor het ingaan van de tweede bocht aan haar pak frummelde en vervolgens bijna ten val kwam, klokte 1.53,22. Hevig teleurgesteld beende ze na het slot van de wedstrijd door de catacomben van Thialf naar de kleedkamers. Dit was de afstand waar ze het meest van al haar zinnen op had gezet.

Al een dik decennium is Rijpma-de Jong een vaste waarde in het Nederlandse schaatsen. Ze is er bijna altijd bij op grote toernooien. Ze werd zesmaal wereldkampioen, negen keer Europees kampioen, elf keer nationaal kampioen. Maar een olympische titel heeft ze nog niet. Olympische medailles heeft ze al wel. Bij de vorige Spelen, vier jaar geleden in Beijing, pakte ze met de achtervolgingsploeg en individueel op de 1.500 meter brons. In 2018 was er zilver met de ploeg en brons op de 3.000 meter.

Maar bij het olympisch kwalificatietoernooi wilde het niet vlotten. Op de openingsdag bleef ze op de 1.000 meter steken op de zevende plaats. En dat terwijl ze de afgelopen jaren steeds meer haar aandacht van het allrounden naar het wat snellere sprintwerk had verlegd. Het paste in een seizoen dat sowieso al niet zo soepel verliep, vond ze. ‘Ik ben altijd superhard voor mezelf en steeds lukte het net niet. Ik wilde zoveel dingen goed doen en elke keer stelde ik mezelf teleur. Ik wist wel dat het erin zit, maar het kwam er niet uit.’

Ze moest keuzes maken. Voor de 3 kilometer, de afstand waar ze bij de Spelen van 2014, 2018 en 2022 in actie kwam, zegde ze af. ‘Het was echt heel moeilijk om de 3.000 meter te laten schieten en met de 1.500 meter echt op één paard te wedden.’ Haar coach Gerard van Velde haalde haar over, spiegelde haar voor dat ze anders in het scenario dat het mis zou gaan op de 1.500 meter zich het rijden van de 3 kilometer kwalijk zou nemen. Nu bleek het allemaal net genoeg. ‘Dit was zoals het had moeten zijn.’

Ploegenachtervolging

De zege van Rijpma-de Jong is ook goed nieuws voor Rémy de Wit, technisch directeur van de schaatsbond, Freek van der Wart, disciplinemanager langebaanschaatsen en oud-schaatser Andries Kasper. Zij vormen de selectiecommissie. Het is fijn als zij voor de ploegenachtervolging geen schaatsers hoeven aan te wijzen die op het OKT buiten de tickets zijn gevallen, maar kunnen putten uit de individueel geplaatste rijders.

Met Rijpma-de Jong, Groenewoud en Beune, alle drie al zeker van Milaan, kan Nederland bij de Winterspelen over het droomteam beschikken. Zij vormen een bijna onverslaanbaar trio, werden vorig seizoen wereldkampioen in Hamar. En achtervang was er niet direct geweest, zo bleek dit seizoen. Als er anderen dan dit trio reden, bleek de ploeg kwetsbaar. De enige keer dat Nederland deze winter een wereldbeker won was toen zij drieën reden.

‘De ploeg is inderdaad compleet. Ik weet niet precies wat ik ervan moet zeggen’, zei Rijpma-de Jong met een gelukzalige glimlach op haar gezicht. ‘Maar ik ben er trots op.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next