Het afgelopen MotoGP-seizoen had twee gezichten voor Ducati. Enerzijds bleek de komst van Marc Márquez een schot in de roos. De Spanjaard kwam na één jaar bij satellietteam Gresini Racing over naar het fabrieksteam en werd meteen overtuigend wereldkampioen. Dat deed hij in Japan, een week voordat hij in Indonesië geblesseerd raakte – waardoor hij de laatste vier Grands Prix miste. Voor die tijd had Márquez al elf Grand Prix-zeges, vijftien podiumplaatsen, veertien sprintzeges en 545 punten verzameld, wat dus ruim genoeg bleek om wereldkampioen te worden.
"Maar wat net zo belangrijk is – zo niet belangrijker – is dat zijn terugkeer naar de grid, zijn doorzettingsvermogen en enthousiasme het bewijs zijn van een ambitie die niet economisch van aard is, maar die van een kampioen die vastbesloten was om het gevoel terug te vinden dat hij tijdens zijn ware reis van de afgelopen jaren was kwijtgeraakt", doelt Ducati’s algemeen directeur Gigi Dall’Igna op LinkedIn op de lange weg die Márquez aflegde naar zijn zevende wereldtitel. "De twinkeling in zijn ogen is het teken van een avontuur dat veel meer menselijk dan sportief is, beleefd met de nederigheid van een coureur die vindt dat hij altijd iets te leren heeft. De vastberaden wil van een rookie en de ervaring van een veteraan: hij is een voorbeeld voor iedereen en het is een eer voor het fabrieksteam om hem aan boord te hebben."
Crashes kwamen te veel voor in de tweede seizoenshelft van Francesco Bagnaia.
Foto door: Gold and Goose Photography / LAT Images / via Getty Images
Aan de andere kant van de Ducati-garage verliep 2025 een stuk minder voorspoedig voor Francesco Bagnaia. De Italiaan wist in 2022 en 2023 nog wereldkampioen te worden in dienst van het fabrieksteam, maar dit jaar kwam hij eigenlijk geen moment in de buurt van zijn derde MotoGP-titel. Márquez bleek sterker, maar bovendien voelde Bagnaia zich niet op zijn gemak op de Ducati GP25. Mede door zes uitvalbeurten in de laatste zeven Grands Prix zakte hij in de eindstand zelfs weg naar de vijfde plaats. Dall’Igna erkent dat dit Ducati stof tot nadenken geeft.
"Vooral in het laatste deel van het kampioenschap slaagde Pecco er niet in om de hoeveelheid punten te verzamelen die hij had kunnen pakken, zelfs in niet-optimale situaties. Het had zeker anders moeten lopen, maar als je daar nog pech aan toevoegt, wordt alles een stuk moeilijker – zowel voor het team als voor de coureur", aldus Dall’Igna. "Om waardevolle lessen te trekken, ben ik ervan overtuigd dat dergelijke situaties moeten worden geabsorbeerd alsof het antistoffen zijn, om er nog meer vastberadenheid uit te putten om verder te gaan en terug te keren naar wie je was. Met andere woorden: een les die we moeten leren. In 2026 zullen we immers onvermijdelijk te maken krijgen met grote onbekende factoren, dus we kunnen maar beter koesteren wat er in ons recente verleden is gebeurd."
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
- Het Motorsport.com-team
Source: Motorsport