is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Het eerste half uur van PSV – Volendam is zo mooi als kunst kan zijn, simpelweg omdat het kunst is. De loopacties, de techniek, het inzicht, de vrijheid van geest. Snel en sierlijk. Het is de totale verlossing van mentale zwaarte. Het spel is terug bij zijn oorsprong, maar dan uitgevoerd op hoog niveau.
Als een paar andere voetballers meedoen dan normaal, draaien ze moeiteloos mee in de machine. Dan kan het gebeuren dat Couhaib Driouech twee doelpunten maakt als invaller tegen Liverpool, alsof de Champions League het pleintje is in IJmuiden.
Je zit te kijken naar PSV – Volendam, een vroeg duel op een zondag met een lome start. Na een paar keer aanzetten is het 2-0, als logisch vervolg op de demonstratie tegen Liverpool op Anfield in de Champions League (1-4), de wedstrijd voor het nationale voetbalmuseum. Nou ja, voor een bijzaal in het museum, want pas in de beslissende fase van een toernooi voltrekken zich de wedstrijden met eeuwigheidswaarde. Maar toch.
PSV kan zondag freewheelen tot het einde. In een paar weken is het gat geslagen met Feyenoord. Ajax telt niet meer mee, met zijn crisis die zich vooral rustig houdt op dagen dat er geen voetbal is, en zelfs dan niet. Of anders is daar de misère in de dop bij Feyenoord, dat bij Telstar met een beschamende partij tijdrekken naar het einde strompelt.
PSV houdt als enige club uit Nederland de eer in Europa werkelijk hoog, met al die pretenties van de eredivisie om tegen de grote jongens aan te schurken. Go Ahead valt weinig te verwijten, AZ is pas in de kindergarten van de Conference League. PSV maakt de blits op het hoogste podium.
Het is genieten van het team met opvallende backs, in een club met slimme en goede aankopen. Een club zonder gezeur, en als er eens gezeur is, lost het op in de dampkring boven Eindhoven. Mauro Júnior is de multifunctionele alleskunner, over Veerman barst straks een nationale ondervraging los: hoort Joey in Oranje? Jerdy Schouten is hypermodern als centrale verdediger, met zijn razendsnelle, diepe opbouw. Opnieuw een gouden vondst van trainer Peter Bosz. De bonkige Ismael Saibari is met bal opeens een frivole danser, terwijl Guus Til het symbool is van nooit zeuren.
Op veel plekken woekert de crisis in het voetbal. Je ziet Arne Slot lijden, en zondag de noodzakelijke zege bij West Ham met een neutrale blik incasseren. Ze hadden na de dood van aanvaller Diogo Jota tegen Liverpool moeten zeggen: we kijken niet naar het resultaat dit seizoen. Ga lekker voetballen, steun elkaar en probeer het geluk en plezier te hervinden. Maar het voetbal is een harde business.
Alleen de lach biedt afleiding van die hardheid. De lach van trainer Anthony Correia van Telstar na weer een nederlaag, in de wetenschap dat met de voetballers die hij tot zijn beschikking heeft, aardig is gevoetbald tegen Feyenoord. De lach van Peter Bosz, de trainer die het succes behaalt dat hem op grond van zijn positieve instelling als vakman toekomt. Ze weten hoe moeilijk het is om te presteren en gelijktijdig te genieten. Ze proberen het, in de wetenschap dat het zo voorbij kan zijn.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns