Home

Tijd voor eerherstel: het verdwijnen van de winter mag geen mens koud laten

is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.

Er valt steeds minder sneeuw, het aantal ‘ouderwetse’ winterdagen per jaar neemt af. Het leidt tot ‘winterpijn’, oftewel ‘winterwee’.

Het waren twee fantastische uren: de winter van 2025. Afgelopen zondag, toen Nederland wakker werd onder een dekentje van sneeuw. Vroege vogels konden weer even dat oude gevoel van knerpende voetstappen op het maagdelijk witte laken horen en voelen – een sensatie die je terugbrengt naar je kindertijd (als die lang genoeg geleden is). Ah, je dacht dat er geen einde aan zou komen, maar voor je het wist, was heel die winter al weer lang voorbij.

Natuurlijk ging ook het miniwintertje van zondag weer gepaard met voorafgaande waarschuwingen en kleurige alarmcodes. Code geel. Blijf thuis! Sluit de ramen, denk om uw noodpakket!

We zijn het wintergevoel kwijtgeraakt. De Volkskrant liet daags na de alarmfase een weerkundige uitleggen dat sneeuw in november ‘alleszins normaal’ is. Wat niet normaal is: dat we steeds minder witte winterlandschappen zien, maar dat had iedereen die weleens naar buiten kijkt zelf vermoedelijk ook al geconstateerd. ‘Afgelopen jaren hadden we misschien maar twee of drie dagen sneeuw. Dat is maar een procent of 10 van wat het hoort te zijn’, mijmerde de weerkundige.

Een duidelijk geval van winterpijn. Dat woord heb ik niet verzonnen, maar Jan Hertoghs. De Vlaamse journalist (werkzaam voor het weekblad Humo en geboren in de winterse stormnacht van de ramp van 1953), schreef een ode aan Koning Winter. Zijn boek Kind zonder winter dat vorige week verscheen is zowel een lofzang als een requiem. Of, in zijn eigen woorden: ‘Een warm pleidooi voor een koud seizoen.’

‘Winterpijn is een stil verdriet’, schrijft Hertoghs. ‘Zoals je heimwee kan hebben naar de geborgenheid van het ouderlijk huis dat er niet meer is, of naar je kindertijd die niet meer terugkomt, zo kan je heimwee hebben naar een seizoen dat je ooit kende en dat nu onherkenbaar is.’

In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.

Daarmee haakt Hertoghs aan bij een ander eigentijds begrip: ‘landschapspijn’, bedacht door trekvogelecoloog Theunis Piersma en verder verspreid door journalist Jantien de Boer, die een goed boek schreef over het kwijnende boerenlandschap van weleer.

Beide fenomenen zijn weer een voorbeeld van ‘natuuramnesie’, oftewel het verdwijnen en zelfs ontbreken van een natuurhistorisch bewustzijn bij nieuwe generaties, in 1995 geïntroduceerd als het Shifting baseline syndrome. Bioloog en universitair docent Marc Argeloo verspreidde die term onder het volk.

Nog eentje dan van Herthogs: ‘Winterwee’, oftewel ‘heimwee naar een echte winter’. Finnen kennen dat al langer: Talvisuru is hun woord voor ‘de pijn en het verdriet door het verlies aan winterbeleving, een beleving die al eeuwenlang bestaat’.

Kom daar hier eens om. De winter is hier al bijna geen seizoen meer, constateert Hertoghs. De winter is slechts een woord met slechte papieren. Waar het zomerse ‘zonnetje’ altijd wordt gekoesterd, kent de winter slechts de context van ‘klotewinter, rotwinter, winterprik, winterellende, winterblues, winterdepressie’.

In die klotewinters smelten de gletsjers van de Alpen in rap tempo. Als skipistes al niet worden gesloten, produceren sneeuwkanonnen er kunstsneeuw, gegenereerd door dieselmotoren die de opwarming van de aarde en het verdampen van de winter verder aanjagen.

De algemene teneur is – niet in de laatste plaats in de media, maar die weerspiegelen ook alleen maar een volksgevoel – dat een winter iets is om tegenop te zien. Een schrijnend onrecht, waarachter een zwarte werkelijkheid steekt. Daarom is het tijd voor eerherstel. Het verdwijnen van de winter mag geen mens koud laten.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next