is filmredacteur van de Volkskrant.
Trammelant bij Eye. Het Nederlandse Filmmuseum kan straks de rekeningen niet meer betalen, als het niet heel snel afslankt. Dat bleek uit een scoop van Het Parool, dat een geheime audio-opname van een personeelsbijeenkomst kreeg toegespeeld van een deep throat. Maandag 1 december krijgen de 185 (vaste en tijdelijke) medewerkers van het aan het IJ gelegen Amsterdamse museum te horen wie mag blijven.
‘Veel te veel activiteiten, veel te veel mensen ten opzichte van de inkomsten’, waarschuwde voorzitter van de raad van toezicht Marc van Warmerdam tijdens de bijeenkomst. Over 2024 werd een verlies geleden van 1,3 miljoen euro. Zakelijk directeur Wietse Potiek, die na slechts veertien maanden dienst alweer moest opstappen (‘in goed overleg’), meldde in mei nog dat de organisatie ‘tegen een stootje’ kon.
Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Joris Henquet, Merlijn Kerkhof, Anna van Leeuwen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.
Medewerkers, gesproken door Het Parool, verwijten de leiding ‘wensdenken’ en de boel op zijn beloop te hebben gelaten. Eye-directeur Bregtje van der Haak, die tweeënhalf jaar geleden aantrad, kondigde onlangs al een externe vacaturestop aan en zette een streep door het ‘eerste gratis drankje’ bij de donderdagmiddagborrels.
Naast de sterk gestegen personeelskosten vormt ook het restaurant, dat sinds 2023 door Eye zelf wordt uitgebaat, een van de grote verliesposten. Wie er weleens iets bestelt, zal er niet van opkijken. Het uitzicht op het IJ wordt veelvuldig geprezen in de recensies op Tripadvisor, niet het eten of de bediening. Het broodje eiersalade moet het ontgelden (‘smakeloze eierprut’), zo ook de vis (‘met nauwelijks gekookte aardappels’).
Eye is een veelkoppig instituut. Een filmmuseum met wereldwijd aansprekende tentoonstellingen, zoals de huidige expositie Tilda Swinton Ongoing. Maar het is ook een collectiecentrum, waar meer dan 50 duizend analoge films (in blik) zijn gestald. Hier worden verloren gewaande meesterwerken opgediept en gerestaureerd: in Amsterdam vond Martin Scorsese die ene bewaard gebleven ingekleurde kopie van Les quatre cents farces du diable (George Méliès, 1906), benodigd voor zijn filmsprookje Hugo. Tegelijk huisvest het museum ook de instantie die zich inzet voor de promotie van Nederlandse films in het buitenland én vormt het een lokale en (uitstekend) toegeruste bioscoop, met 70mm-projectie.
Waar het museum na de verhuizing (in 2012) naar het nieuwe gebouw in Amsterdam-Noord veel publiek trok met grote overzichtstentoonstellingen van Fellini, Kubrick en Scorsese, lag de nadruk de afgelopen jaren wat meer op avant-gardistisch werk: op het snijvlak van kunst en cinema. Veel aandacht voor virtual reality, ook.
Maar niet anders dan het Rijksmuseum, behoeft Eye om de zoveel tijd een grote klapper. De Swinton-expositie trok vooralsnog 25 duizend bezoekers, daar mag nog wat bij. Wellicht kan de directie Paul Verhoeven eens polsen: Nederlands beroemdste regisseur (87) wacht nog op zíjn grote overzichtstentoonstelling. Ook wel zonde dat Wes Anderson, die zijn decors en props momenteel uitstalt in Londen en straks in de cinémathèque van Parijs, Amsterdam overslaat.
Goed nieuws is er ook, voor de bezoeker. Een nieuwe horecapartner gaat Eye vrijwaren van de keukendienst. En dat broodje eiersalade is al van het menu verdwenen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns