In de maanden voorafgaand aan het fatale steekincident op de Erasmusbrug hadden betrokken organisaties onvoldoende oog voor de situatie van verdachte Ayoub M. Hierdoor ontstonden blinde vlekken in de zorg en het toezicht. De organisaties deelden niet alle relevante informatie met elkaar.
Dankzij de blinde vlekken waren risico's dat hij opnieuw een delict zou kunnen begaan "onvoldoende onderkend". Dat constateren de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd in een donderdag gepubliceerd rapport.
Een verband met het steekincident op de Erasmusbrug in Rotterdam in september 2024 is echter niet vast te stellen.
Op 19 september werd bij de Erasmusbrug een 32-jarige Rotterdammer doodgestoken en raakte een 33-jarige Zwitser ernstig gewond. M. had op dat moment een tbs-maatregel met voorwaarden voor eerdere delicten. Een paar jaar eerder had hij zijn moeder aangevallen.
M. stond onder toezicht van Reclassering Nederland, verbleef in een locatie van Kwintes voor beschermd wonen en volgde een behandeling bij de Waag. Dat ging een tijd lang goed, menen de inspecties.
Maar enkele maanden voor het steekincident zagen de betrokken organisaties veranderingen in beschermende factoren, zoals het hebben van dagbesteding, niet voldoende. Ook risicofactoren zoals drugsgebruik hadden de organisaties niet goed genoeg in het vizier. Daardoor zijn vroege signalen voor "voor toenemende kwetsbaarheid op psychiatrische ontregeling niet altijd opgemerkt of in samenhang beoordeeld".
In de twee maanden voor de steekpartij was er slechts beperkt zicht op het middelengebruik van de verdachte. Zo kon niet worden vastgesteld of hij zich aan tbs-voorwaarden voor alcohol- en drugsgebruik hield en kon niet worden vastgesteld in hoeverre er een risico op een nieuw delict was.
De betrokken organisaties hadden geen structurele afspraken over het delen van informatie. Dat zorgde ervoor dat belangrijke informatie op momenten slechts bij één van de organisaties bekend was.
Source: Nu.nl algemeen