Home

In wapenstilstand tussen Israël en Libanon blijven wapens nauwelijks stil

Het staakt-het-vuren tussen Israël en Libanon is donderdag precies een jaar van kracht. Uitgerekend in aanloop naar vandaag nam het geweld flink toe. Dat is tekenend voor deze wapenstilstand, die bol staat van incidenten en aanvallen. Snelle oplossingen zijn niet in zicht.

Vorige week kwamen bij een Israëlische luchtaanval zeker veertien mensen om het leven. Volgens het leger was de aanval gericht op een trainingskamp van Hamas. Zondag werd voor het eerst in maanden weer een aanval uitgevoerd op de Libanese hoofdstad Beiroet. Daarbij werden Ali Tabtabai, stafchef van Hezbollah, en vier andere personen gedood.

"De facto kan je de huidige situatie geen wapenstilstand noemen. In ieder geval niet vanuit Israëlische kant", zegt Nora Stel tegen NU.nl. Zij is universitair docent conflictstudies aan de Radboud Universiteit.

VN-rapporteur Morris Tidball-Binz ziet aan Israëlische zijde een "zorgwekkend patroon" van aanvallen op dichtbevolkte gebieden en stelt dat het land "maling heeft" aan het staakt-het-vuren. Israël zegt steevast dat het genoodzaakt is om te reageren op dreiging van Hezbollah, dat zich zou herbewapenen.

Stel ziet ook een patroon: de internationale gemeenschap zet uiteindelijk wel minimale druk op Israël om afspraken te maken, maar vervolgens wordt geen druk uitgeoefend op Israël om zich aan die afspraken te houden. "Het lijkt alsof we iets een staakt-het-vuren noemen om het er niet meer over te hoeven hebben."

De Verenigde Staten, de Verenigde Naties en Frankrijk hebben vastgesteld dat het Libanese leger de afgelopen maanden al tienduizenden raketten, projectielen en munitie uit het zuiden heeft weggehaald. En de in februari aangetreden regering heeft zich constructief opgesteld, ziet Stel.

Maar in Israël zijn er twijfels over de effectiviteit van de regering en het leger van het buurland, zegt de Israëlische hoogleraar Eytan Gilboa. Hij is onder meer verbonden aan de Bar-Ilan University. "Er is geen sprake van onwil in Libanon, maar het leger lijkt simpelweg niet de capaciteit te hebben om zijn invloed volledig uit te breiden."

Ook Nancy Ezzeddine van Clingendael's Conflict Research Unit onderstreept dat capaciteit een probleem is. Daarnaast wijst ze erop dat er binnen de Libanese politiek (nog) geen overeenstemming is over het plan van aanpak en de tijdslijn voor de ontwapening van Hezbollah.

"Het streven is niet onpopulair, maar het is vanwege de verschillende politieke stromingen lastig om een plan door het parlement te loodsen waar iedereen achter staat, inclusief de sjiitische politici", zegt Ezzeddine.

In het verleden heeft Israël het Libanese leger gesteund met geld en wapens. Maar volgens Gilboa is dat nu geen oplossing. "Zo'n stap zou ongetwijfeld gemanipuleerd worden door Hezbollah en worden verkocht als staatsondermijnend."

Maar volgens Stel zijn de voortdurende Israëlische luchtaanvallen minstens zo ondermijnend, net als de druk die wordt uitgeoefend op de Libanese regering.

De Amerikaanse ambassadeur in Turkije Tom Barrack noemde Libanon eerder deze maand een gefaalde staat. En bronnen zeggen tegen The National en persbureau Reuters dat de VS ontevreden zou zijn met de voortgang van de ontwapening van Hezbollah. Daardoor werd een gepland bezoek van een hoge Libanese generaal aan Washington afgezegd.

De Libanese regering zegt dat juist de voortdurende Israëlische aanvallen en aanwezigheid in het zuiden - waar Israël verschillende strategische punten bezet houdt en bezig is een bufferzone te creëren - het leger verhinderen om controle uit te oefenen.

"Niemand ontkent dat Libanon een zwakke staat is en dat Hezbollah daardoor lange tijd in staat was om het land en de overheid te gijzelen. Maar met de retoriek die nu onder druk van Tel Aviv met name vanuit Washington klinkt, bewijs je Libanon geen dienst", zegt Stel. "De overheid en het leger worden te snel afgeschreven."

Gilboa en Stel verwachten niet dat de situatie in het zuiden van Libanon snel zal veranderen. Daarvoor ontbreekt een effectieve arbiter. Gilboa stelt dat het een gemiste kans van Washington is geweest om het mandaat van de VN-stabilisatiemacht UNFIL niet te wijzigen. UNFIL is actief in de bufferzone in het zuiden van Libanon.

"Zij hebben tot op heden niks kunnen uitrichten tegen Hezbollah en zouden meer vrijheid moeten krijgen om op te treden", stelt de hoogleraar voor. In plaats daarvan verlaat UNIFIL Libanon in 2027 onder druk van de VS.

Een nieuwe internationale troepenmacht zou volgens Gilboa een goede stap kunnen zijn. Zo'n optie wordt overwogen voor naleving van het bestand in de Gazastrook. Maar tot op heden is het lastig om deze troepenmacht op de been te brengen. En dat zal ook in Libanon niet eenvoudig zijn, verwacht hij.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next