Home

‘Cover-up’ is een film over een journalistieke doordouwer én een portret van de VS

Legendarisch onderzoeksjournalist Seymour Hersh onthulde de schandalen van het bloedbad in My Lai en de martelingen in de Abu Ghraibgevangenis. En hij at ooit een tosti in een sfeerloos vergaderzaaltje op de redactie van de Volkskrant.

is verslaggever van Volkskrant Magazine.

Het beeld dat ons in het najaar van 2007 werd voorgeschoteld, leek op tal van manieren niet te kloppen: Seymour Hersh, de journalistieke legende die in 1969 het bloedbad in My Lai en 36 jaar later de martelpraktijken in Abu Ghraibgevangenis onthulde, in een sneu vergaderzaaltje van de Volkskrant.

We mochten ‘Sy’ zeggen, en hij praatte in een moordend tempo. Op zijn witte bordje lag een tosti van de bedrijfscatering die hij langzaam oppakte, voor zijn mond hield, en weer onaangevreten neerlegde. Er was te veel te vertellen.

Hersh was in Nederland voor de Van der Leeuw-lezing in Groningen, en had tijd vrij gemaakt om te lunchen met onderzoeksjournalisten van de Volkskrant. ‘Collega’s’, noemde hij ons. Maar je een collega van Hersh voelen, is als zeggen dat je samen met Lionel Messi hebt gevoetbald, omdat je ooit tegen een leren knikker hebt getrapt op de schuine kant van de dijk.

Eenmansguerilla

Achttien jaar later zitten we in Carré ademloos te kijken naar Cover-Up, de Idfa-documentaire van Laura Poitras en Mark Obenhaus over die ouwe tijger.

De man die in het vergaderzaaltje al 70 was, is nu 88. In zijn leven speelt leeftijd geen enkele rol, het innerlijke vuur is allesbehalve een suffig waakvlammetje. Nog steeds een eenmansguerilla, nu met Substack als platform. Bij zijn laatste journalistieke broodheer, The New Yorker, liep het spaak, toen er discussie ontstond over zijn verhalen.

Omringd door een buslading archiefstukken en vergeelde aantekeningen laat Hersh in de film beetje bij beetje los wat hij zoal heeft uitgespookt de afgelopen decennia, met de counter-narrative als levenshouding: ga ervan uit dat de propagandapraatjes die de autoriteiten je voorschotelen niet waar zijn, en hup, op zoek naar het echte verhaal.

Wat de documentaire vooral laat zien, is een geschiedenis van machtsmisbruik door Amerikaanse autoriteiten in de laatste zestig jaar, samenvloeiend met onthullingen van Hersh. Van executies van baby’s en kinderen in Vietnam, geheime CIA-praktijken in Chili, de executies en martelingen in de gevangenis van Bagdad. Telkens was er een doofpot, een cover-up, en zwaaide Hersh met zijn riek om de tegels te lichten.

Ergens horen we de Amerikaanse president Richard Nixon zeggen over Hersh: ‘This son of a bitch is a son of a bitch, but he’s usually right, isn’t he?’. Ja, Hersh heeft altijd gelijk, totdat hij geen gelijk heeft. De laatste jaren zijn er twijfels over zijn gelijk, ook dat komt aan bod in de docu. Zo beweerde hij in 2023 dat het opblazen van Nordstream-gaspijpleidingen, een jaar eerder, een klusje was van de Amerikanen, terwijl iedereen meende dat het Russen moesten zijn. Inmiddels heeft de Duitse politie een aantal Oekraïense verdachten op de korrel. Hersh zegt in de docu dat hij zich baseerde op één bron, een betrouwbare bron die hem al twintig jaar foutloos bedient.

‘Bitchy bizniz’

Aan een tafeltje van het Soho House in Amsterdam neemt documentairemaker Laura Poitras, een dag na de vertoning in Carré, een slokje van haar smoothie. Poitras verkeert in de bovenste regionen van haar vakgebied. Met haar film over CIA-klokkenluider Edward Snowden, Citizenfour, won ze een Oscar.

Seymour Hersh op celluloid krijgen, daar deed ze twintig jaar over. De eerste keer dat ze zijn kantoortje in New York binnenwandelde was in 2005. Ze wilde een film maken waarin het falen van de journalistiek na 9/11 centraal stond, en zag in hem een zeldzame stem van tegenspraak. Hij stond haar charmant te woord, maar zijn antwoord schreef hij met hoofdletters in de wolken: ‘Geen denken aan.’ Hij wilde geen verhaal zijn, omdat hij niet het verhaal is. Hij is gewoon verslaggever – en zo noemde hij zijn memoir ook, die in 2018 verscheen, Reporter.

Dat het haar toch lukte, had alles te maken met de bewondering die hij had voor haar Snowden-documentaire, haar vastberadenheid, haar toezegging dat het geen biopic zou worden en de samenwerking met Mark Obenhaus, die hij goed kende. Uiteindelijk werd het behalve een portret van een journalistieke doordouwer, afkomstig uit een arm Joods immigrantengezin, ook een portret van Amerika van de afgelopen zestig jaar.

Het resultaat viel Sy ‘niet tegen’, zo liet hij haar enigszins stoïcijns weten. Maar bij de première op het filmfestival van Venetië werd het Hersh toch te veel, toen hij na de vertoning werd overvallen door een jubelende menigte. Poitras hoorde hem in tranen fluisteren: ‘Thank you.

Onder het systeemplafond van de Volkskrant was Hersh voor ons een opgewekte wisecracker die de tips over de bitchy bizniz, die de onderzoeksjournalistiek nou eenmaal is in zijn optiek, uit zijn mouw schudde. Hou de chronologie van je verhaal in de gaten, the chron. Spreek met bronnen af in de vroege ochtend, liefst in de lobby van een hotel. Hou in de gaten wie er weggaat bij een organisatie, wie ontslagen wordt, of gaat scheiden. ‘And don’t oversell your story!’, maak je verhaal niet groter dan het is.

En op het eind had Sy toch zijn tosti opgegeten.

Cover-Up draait op het Idfa (t/m 23/11). Vanaf 26/12 is de film te zien op Netflix.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next