Home

Jongeren hebben wereldwijd het meeste vertrouwen in het effect van de klimaattop, blijkt uit onderzoek

Hoe kijken mensen wereldwijd naar de klimaattop in Brazilië? Onderzoeksbureau Ipsos vroeg ruim 23 duizend volwassenen in 30 landen of zij geloven dat ‘de grootste vergadering ter wereld’ iets oplevert.

Bijna de helft van de deelnemers ziet de bijeenkomst als ‘puur symbolisch’. Maar hoe jonger mensen zijn, hoe vaker ze geloven dat de top wél zoden aan de dijk zet. Binnen de jongste generatie deelnemers, geboren na 1997, gelooft 45 procent dat de COP effect sorteert, tegenover 37 procent die de bijeenkomst ziet als ‘puur symbolisch’. Onder babyboomers, geboren voor 1961, is dat respectievelijk 24 en 60 procent.

Zo’n zelfde scheidslijn tekent zich af tussen het noordelijk en zuidelijk halfrond. In Zuid-Afrika (53 procent), Zuidoost-Azië (43 procent) en Latijns-Amerika (39 procent) hebben meer mensen fiducie in de COP dan in Europa (25 procent), Noord-Amerika (24 procent) en andere G7-landen (22 procent). Vergeleken met mensen uit andere Europese landen, zijn Nederlanders dan weer optimistischer.

Opiniepeiler Peter Kanne van Ipsos I&O, die niet was betrokken bij dit onderzoek, verklaart de generatieverschillen door jeugdig optimisme enerzijds en cynisme onder oudere mensen anderzijds. ‘Die hebben vaker gezien dat zo’n top weinig opleverde.’ Maar, zegt hij: ‘Misschien kunnen jongeren het zich ook gewoon niet permitteren om pessimistisch te zijn. Als je de gevolgen van klimaatverandering echt goed tot je laat doordringen, dat is niet te behappen.’

Hetzelfde geldt mogelijk voor het mondiale Zuiden, waar mensen sterker en eerder de gevolgen van klimaatverandering ondervinden. Bovendien is de top hét moment waarop zij vervuilende landen kunnen bereiken. Zoals een ambtenaar van eilandengroep Vanuatu tijdens een top tegen de Volkskrant zei: ‘Wij maken ons zorgen over het koraal dat verbleekt, we vangen steeds minder vis en stormen worden steeds erger. Daarover kunnen we e-mails en apps sturen. Maar hier is iedereen die ons kan helpen aanwezig. Dat werkt veel beter.’

Wat moet er op de top worden besloten om die tot een succes te maken? De meeste ondervraagden (39 procent) willen dat er stevig wordt ingegrepen om de opwarming te beperken: volgens hen is verandering van ons economische systeem vereist voor een duurzame toekomst. Minder mensen (26 procent) vinden het voldoende om te stoppen met ontbossing en de geleden schade te compenseren.

Pas bij de vraag of ontwikkelde landen meer moeten betalen, ontstaat een duidelijk schisma tussen continenten. In Noord-Amerika zijn de minste mensen het daarmee eens (42 procent), in Latijns-Amerika de meeste (62 procent).

Kanne herkent die tegenstrijdigheid bij ontwikkelde landen uit andere onderzoeken: ‘Veel Nederlanders vinden dat er iets moet gebeuren aan het klimaat. Maar niet door ons, vinden ze, want wij doen al zoveel. Hetzelfde zie je bij migratie en ontwikkelingssamenwerking. Het past in de nationalistische tendens van de laatste jaren.’

Grote kanttekening bij het onderzoek is dat er maar één Afrikaans land (Zuid-Afrika) en één Midden-Oosters land (Turkije) is meegenomen – landen die bovendien verder zijn ontwikkeld dan andere in de regio. In zuidelijke landen die wel meededen, waren de deelnemers gemiddeld hoger opgeleid en stedelijker dan de algehele bevolking, schrijven de onderzoekers.

Wat vindt ons jongerenpanel?
In de media wordt vaak over en zelden met jongeren gesproken. Daarom stelde de Volkskrant, met hulp van jongerenorganisatie NJR, een panel samen. Dat bestaat uit 150 jongeren uit heel Nederland, met allerlei achtergronden, die onregelmatig worden geraadpleegd. Lees hier meer.

Luuk (21), student fysiotherapie, Utrecht

‘Ik vind het schokkend om te zien hoe sterk de lobby is tegen klimaatbeleid, en hoe weinig er daardoor gebeurt. Terwijl sommige dingen zo voor de hand liggend zijn, zoals het afschaffen van fossiele subsidies. Ophouden met geld geven aan bedrijven die de planeet verwoesten, lijkt me best een logische stap.

‘Sommige mensen zeggen dan: maar dat is slecht voor onze economie. Dat vind ik echt onzin, want een goede economie is ook eentje die lang meegaat. Van een fossiele economie weten we allemaal dat dat niet zo is.

‘Ik vrees vooral voor het verdwijnen van soorten door klimaatverandering. Over mijn eigen toekomst maak ik me minder zorgen – ik heb het goed. Maar ik kijk wel met vrees naar bijvoorbeeld de stormen op de Filipijnen, of eilandstaat Tuvalu, die in de zee verdwijnt.’

Madelief (21), student vrijeschoolpabo, Breda

‘Ik denk dat de invloed van mensen op het klimaat minimaal is. Dat zie ik in allerlei studies die in de mainstreammedia niet aan bod komen. Maar ook Lidewij de Vos, nu de leider van Forum voor Democratie, heeft biochemie gestudeerd en zegt dat het verwaarloosbaar is hoeveel mensen bijdragen aan de opwarming.

‘Ik vind het zorgelijk dat wij onze hele economie aanpassen om de opwarming van de aarde te beperken. Daardoor lopen we veel geld en kansen mis, terwijl het ons weinig oplevert. We offeren onszelf op, eigenlijk. Terwijl we zeker in zo’n klein landje als Nederland maar weinig invloed hebben.

‘Als je rond de tafel gaat zitten om het te hebben over klimaatverandering, kun je denk ik beter kijken: hoe kunnen we maatregelen nemen die de economie niet raken? Door bijvoorbeeld de dijken op te hogen of op een andere manier water vast te houden.’

Florijn (18), student landschapsarchitectuur en ruimtelijke planning, Wageningen

‘Je merkt dat het klimaat verandert – er moet iets gebeuren. Maar klimaatbeleid wordt nu vaak als een doel op zich gepresenteerd. Terwijl: als je mensen daarin mee wil krijgen, moet je het denk ik anders verkopen. Bijvoorbeeld als een kans om andere problemen óók op te lossen. Anders hebben mensen het gevoel dat ze alleen maar dingen inleveren.

‘Een fatbike is bijvoorbeeld beter voor het klimaat dan een scooter. Maar dat is niet waarom mensen er een kopen: ze vinden het gewoon een hip ding. Hetzelfde kun je doen bij de vergroening van steden. Het is veel fijner om elkaar te kunnen ontmoeten in parken dan op een stenen plein – dat vinden ook mensen die geen belang hechten aan klimaatverandering.

‘Het voelt een beetje nep om hier heel optimistisch over te zijn. De opwarming gaat nog sneller dan we dachten en je ziet dat veel landen, zoals de VS, hun klimaatbeleid schrappen. Maar ik geloof dat de transitie niet meer te stoppen is. Zelfs als overheden niets meer doen, zullen mensen hun omgeving zien veranderen en zelf in actie komen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next