Dinsdag kiest de nieuwe Tweede Kamer haar voorzitter. De verstandige keuze zou de herverkiezing van Martin Bosma zijn, stelt Roderik van Grieken van het Nederlands Debat Instituut.
De PVV is, samen met D66, de grootste partij in de Tweede Kamer. Nu de meeste partijen de PVV hebben uitgesloten als regeringspartner zal de partij van Geert Wilders vrijwel zeker in de oppositie terecht komen. Door de partij wederom het voorzitterschap te gunnen wordt recht gedaan aan de dominante positie die de partij heeft in het parlement.
Maar belangrijker is dat Martin Bosma in zijn rol als voorzitter van de grote debatten in de Tweede Kamer een stijl heeft laten zien die past bij wat het parlement op dit moment nodig heeft. Debatten lopen steeds vaker hoog op, waarbij snoeiharde aanvallen – soms ook op de persoon – helaas meer regel dan uitzondering zijn. De kracht van Bosma’s voorzittersstijl is dat hij de broodnodige luchtigheid en humor brengt, die tegenwoordig steeds vaker ontbreekt.
Het voorlezen van een passend gedicht aan het begin van iedere vergadering, een grapje hier en daar, en vooral op die momenten dat de gemoederen hoog oplopen: het brengt relativering en vooral ook wat lucht in de verbeten debatten.
Over de auteur
Roderik van Grieken is directeur van het Nederlands Debat Instituut.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
En als een situatie zich voordoet waarin normering nodig is, kiest Bosma voor een de-escalerende aanpak. Meestal gaat hij eerst in gesprek met de vraag: ‘Is dit nu echt nodig?’ Soms is dat al voldoende om een spreker iets te laten inbinden. Werkt dit niet, dan betrekt hij de Kamer erbij.
Neem het voorbeeld van de Algemene Politieke Beschouwingen, toen Esther Ouwehand (Partij voor de Dieren) bij haar tweede termijn verscheen in een blouse die wel erg veel leek op de Palestijnse vlag. Eerst sprak hij Ouwehand zelf daarop aan. Die gaf geen krimp. Daarna gaf hij Lidewij de Vos van Forum voor Democratie het woord, die bezwaar maakte. Bosma: ‘Ik kan mij eigenlijk wel vinden in dat bezwaar.’
Nog steeds bleef Ouwehand staan. Er kwamen meer bezwaren vanuit de Kamer. Bosma voerde de druk langzaam op, maar liet zo lang mogelijk de ruimte aan Ouwehand om zelf de conclusie te trekken. Pas toen zij na meerdere verzoeken vanuit de Kamer en de voorzitter bleef weigeren, hakte Bosma de knoop door. De toon bleef vriendelijk, maar wel resoluut. En Ouwehand bond in.
Juist in een vaak overspannen parlement helpt het om een voorzitter te hebben die niet het vuur verder opstookt door streng en stevig op te treden. Vooral ook omdat hij maar een heel beperkt eigen mandaat heeft: hij is niet meer dan degene die namens de andere 149 Kamerleden de voorzittershamer mag vasthouden. Vrijwel iedere normering valt te betwisten. Want wanneer is bijvoorbeeld een opmerking beledigend en wanneer niet?
Ga er maar aanstaan. De kans dat de voorzitter het onderwerp van het debat wordt, is levensgroot. En dat is altijd slecht.
Is er dan geen kritiek te leveren op Bosma? Zeker wel. Hij zou strakker kunnen sturen op die dingen die wel objectiveerbaar zijn. Bijvoorbeeld de ergerlijke trend dat interrupties steeds langer worden. Vaak is de uiteindelijke vraag ondergeschikt aan de tergend lange inleiding. En dat is niet de bedoeling. De voorzitter zou de lengte van een interruptie moeten maximeren op bijvoorbeeld vijfenveertig seconden, en dat vervolgens consequent handhaven.
Bosma heeft dit een paar keer met goedkeuring van de Kamer aangekondigd, maar vervolgens steeds laten verslonzen. Terwijl het enorm zou helpen om de kwaliteit van de debatten te verhogen en de lengte te verkorten. En hij zou ook nooit moeten afwijken van de ongeschreven regel dat een vragensteller maximaal twee keer een vervolgvraag mag stellen. Ook dat schept duidelijkheid en zorgt voor voortgang in het debat.
Dat gezegd hebbend, heeft de Tweede Kamer met Martin Bosma een voorzitter die past bij de samenstelling en cultuur van het parlement. Het is niet nodig en onverstandig om hem te vervangen.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant