Home

Hulpverlening in Gazastrook was al moeilijk maar is nu ook onduidelijk

Ruim een maand na het ingaan van het staakt-het-vuren in de Gazastrook blijft de hoeveelheid hulp aan het gebied achter bij de verwachtingen. Het is bovendien onduidelijk wie deze hulp in goede banen moet leiden. Daarnaast reppen humanitaire organisaties over tegenwerking door Israƫl.

"In de gemaakte afspraken rond het staakt-het-vuren stond dat er volledig en ongehinderde toegang voor hulp moest komen, onder meer door de grensovergang bij Rafah te openen", zegt Oxfam Novib-adviseur Mirte Bosch tegen NU.nl. "Dat is allesbehalve het geval."

"De humanitaire nood in Gaza is enorm. En er is dringend behoefte aan een veilige aanvoer van hulpgoederen, zonder belemmeringen", vult een woordvoerder van het Internationale Comité van het Rode Kruis (ICRC) aan.

Nog altijd zijn slechts twee van de zes grensovergangen open en volgens Bosch komt hulp nog altijd maar mondjesmaat Gaza binnen. Jolien Veldwijk, die in Gaza aan het werk is namens hulporganisatie CARE, deelt die lezing.

Israël kondigde woensdag weliswaar op X aan dat de noordelijke grensovergang bij Zikim weer open is, maar dat ging gepaard met een sluiting elders. "Per saldo schieten we er dus weinig mee op", zegt Veldwijk.

Het is onduidelijk hoeveel hulp Gaza precies binnenkomt. Het Israëlische agentschap COGAT, dat de aanvoer coördineert, deelt sinds de start van het staakt-het-vuren geen gegevens meer via de portal. Updates via X kwamen pas deze week weer op gang. Daar rept het agentschap over "honderden vrachtwagens per dag".

Op basis van gegevens van de VN zijn sinds 10 oktober gemiddeld 121 vrachtwagenladingen per dag in Gaza afgeleverd. De distributie van commerciële goederen wordt niet door de VN gemonitord, dus het werkelijke aantal vrachtwagenladingen ligt hoger.

Maar de afspraak was om minimaal net zoveel hulp binnen te laten als tijdens het bestand van eerder dit jaar. Toen reden er tot wel vijfduizend vrachtwagens per week de Gazastrook binnen. "Het is van essentieel belang dat de hoeveelheid en het soort hulp aansluit bij de enorme behoefte in Gaza", zegt het ICRC.

Oxfam Novib en CARE zien dat er meer producten beschikbaar zijn in Gaza, maar dat zijn vooral de commerciële producten op de markten en in winkels. "Die producten zijn erg duur. Mensen kunnen zich geen verse groente en fruit veroorloven", zegt Veldwijk.

"Het zijn ook niet de producten die geschikt zijn voor ondervoede mensen of producten waarmee je kan bouwen", vult Bosch aan. Want er zijn bijvoorbeeld nog altijd machines en materialen nodig voor de reparatie van de infrastructuur. "De aanvoer ervan lukt in zeer beperkte mate."

Het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties en COGAT wijzen erop dat het aantal bakkerijen flink is toegenomen. Volgens Israël zijn inmiddels 22 bakkerijen weer actief in Gaza. Begin oktober waren dat er nog negen.

"Er zijn inderdaad meer bakkerijen open, maar er wordt gekozen voor kwantiteit boven kwaliteit", stelt Veldwijk. "Het brood is slecht, zeggen onze mensen. De bevolking wordt er ziek van."

Mensen worden ook ziek van de gebrekkige waterkwaliteit in Gaza. Een lichtpuntje is dat de waterproductielocaties zijn hersteld. "Er kunnen nu meer vrachtwagens veiliger door Gaza rijden om water uit te delen", zegt Bosch.

Volgens Bosch en Veldwijk is er veel meer mogelijk, ware het niet dat hulp van Oxfam Novib, CARE en veertig andere internationale hulporganisaties tot op de dag van vandaag door Israël wordt geweigerd.

Mogelijk heeft dat te maken met de weigering om persoonsgegevens van Palestijnse medewerkers met de Israëlische autoriteiten te delen. Maar ook organisaties die wel alle informatie hebben doorgespeeld en wel een goedgekeurde registratie hebben, worden tegengewerkt. Die krijgen te maken met zeer complexe douanechecks, die onnodig lang duren.

Gelet op de Israëlische blokkade moet Oxfam Novib creatief zijn, legt Bosch uit. "Zo hebben we de hulp via geldvouchers flink opgeschaald. Daarmee kunnen inwoners van Gaza zelf naar bepaalde supermarkten."

Het lukt CARE en andere organisaties al tijden niet om zaken als tenten, winterkleding, pannen, beddengoed en matrassen binnen te krijgen. "Dat zijn dingen die mensen die al meerdere keren hebben moeten verplaatsen en die mensen nodig hebben. Het is van de zotte", zegt Veldwijk.

Er zijn volgens CARE 190.000 tenten nodig in Gaza. Maar er zijn sinds staakt-het-vuren zo'n 24.840 tenten binnengekomen, waarvan 8.000 via de officiële weg en dus gegarandeerd van goede kwaliteit.

Ten slotte tasten hulporganisaties in het duister over wat de toekomst brengt. The Washington Post meldde vorige week dat het internationale Civil-Military Coordination Center de coördinatie van hulp heeft overgenomen van COGAT. Een Israëlische functionaris zei tegen The Times of Israel dat COGAT nu tweede viool speelt. Ingewijden zeggen tegen NU.nl dat er veranderingen gaande zijn, maar dat onduidelijk is met welke gevolgen.

"Kijkend naar de toekomst is het voor ons het allerbelangrijkst dat hulpverlening een neutrale aangelegenheid blijft", zegt Bosch. "Dat wil zeggen dat het loopt via de VN, die daarvoor het mandaat en de expertise heeft, en dat het niet door militairen of partijen die betrokken zijn bij het geweld wordt gecoördineerd."

Het ICRC zegt in een reactie dat assistentie van buitenaf belangrijk is, maar dat het minstens zo belangrijk is dat de hulpverlening niet gepolitiseerd of gemilitariseerd wordt.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next