Nederlandse series doen het de laatste jaren opvallend goed over de grens. Zo is de Videoland-serie Máxima aan maar liefst 74 landen verkocht. "Streamingdiensten hebben de grenzen opengegooid, waardoor lokale verhalen zichtbaarder zijn geworden", vertelt Steven van Roosmalen van Videoland aan NU.nl.
Na Mocro Maffia en Sleepers blijkt ook Máxima een schot in de roos. Latijns-Amerika, Japan en Scandinavië stonden te springen de serie over onze koningin aan te kopen. Het vervolg laat dan ook niet lang op zich wachten: het tweede seizoen staat gepland voor maart volgend jaar.
Het verbaast regisseur Joosje Duk, die samen met Saskia Diesing de serie regisseert, niet dat de Videoland-serie zo goed aanslaat in het buitenland. Hoewel de serie in eerste instantie voor het Nederlandse publiek werd gemaakt, hield ze er vanaf het begin rekening mee dat het verhaal ook internationaal goed kon scoren.
"Het helpt zeker dat de hoofdpersoon Argentijns is", zegt Duk tegen NU.nl. "Daardoor zat er meteen een internationaal element in het verhaal. Het Argentijnse perspectief maakt de serie relevant buiten Nederland. De vraagt blijft natuurlijk of onze serie ook zo'n internationaal succes was geweest als de hoofdpersoon Nederlands was."
Het was volgens de regisseur een voortdurende zoektocht naar balans: trouw blijven aan de Nederlandse identiteit, maar tegelijkertijd de internationale allure van Máxima behouden. "Tijdens het regisseren van de Spaanstalige scènes hadden we het Nederlandse publiek steeds in ons achterhoofd", vertelt ze.
"Maar we wilden ook dat buitenlandse kijkers konden meekomen. Zo legden we bijvoorbeeld uit wat Koninginnedag (tegenwoordig Koningsdag, red.) voor Nederlanders betekent."
Die aandacht voor toegankelijkheid gold ook voor de manier waarop de personages uit het koningshuis worden voorgesteld. "Ze moeten goed worden geïntroduceerd, zodat het voor een buitenlands publiek begrijpelijk blijft."
Ook bij de casting werd gezocht naar herkenbare gezichten. "De Duitse acteur Sebastian Koch, die prins Claus speelt, is erg populair in Duitsland. En voor de rol van Máxima wilden we perse een Argentijnse actrice die ook daar bekend is. Uiteindelijk werd dat Delfina Chaves."
Rachel van Bommel heeft als producent van Máxima al vanaf het eerste moment geprobeerd de internationale markt aan te spreken. "We hoopten mensen aan te spreken in Latijns-Amerika, maar ook in koningsgezinde landen als Duitsland en Spanje."
Om Nederlandse series in het buitenland te laten slagen is volgens haar het budget cruciaal. "Dat was ook het geval bij Máxima. De kijker van een streamingdienst verwacht kwaliteit en daar is budget voor nodig. Je moet je uiteindelijk kunnen meten met internationale producties."
Van Bommel noemt Denemarken en Spanje als grote voorlopers. "Denen zijn goed in het genre crime", zegt ze. "Spanje heeft dan weer een groot voordeel met de taal, aangezien Spaans een van de meest gesproken talen ter wereld is."
Series als Skam (Denemarken), La casa de papel (Spanje) en Squid Game (Zuid-Korea), zijn volgens Van Roosmalen, hoofd Drama bij Videoland, internationale voorbeelden. "Dat zijn verhalen die diepgeworteld zijn in hun eigen cultuur, maar daardoor juist herkenbaar zijn voor iedereen."
Ook Nederlandse series profiteren van die ontwikkeling. "Series zijn filmischer geworden, met langere verhaallijnen en meer aandacht voor stijl en personages", zegt Van Roosmalen.
Van Roosmalen meent dat series vroeger vooral universeel en herkenbaar waren, zoals Law & Order, CSI, Flikken en Baantjer. "Dat zijn series waar je makkelijk in kunt stappen en waarbij het niet erg is als je een aflevering mist. Tegenwoordig zoekt de kijker juist iets dat authentieker aanvoelt."
Hij meent dat het succes van Máxima in een bredere trend past: lokale verhalen die wereldwijd aanslaan. "De afgelopen jaren zie je dat lokale verhalen steeds populairder worden op het wereldtoneel", legt hij uit.
De internationale streamingmarkt heeft voor Nederland de deuren geopend voor lokale verhalen met universele thema's. "Bij Videoland mikken we niet per se op een internationaal publiek, maar we willen vooral grootse Nederlandse verhalen vertellen."
Met de Videoland-serie Mocro Maffia, inmiddels verkocht aan ruim vijftig landen wereldwijd, werd eerder al een internationaal publiek aangesproken. "Het gaat over de Nederlandse onderwereld, maar met universele thema's als verraad, wraak en jaloezie. Onderwerpen die iedereen begrijpt."
En ook Máxima is daar volgens Van Roosmalen een goed voorbeeld van. "Een serie over het Nederlandse koningshuis met een internationale arena, die tegelijk laat zien dat liefde en ambitie niet altijd vanzelfsprekend zijn."
Verhalen zoals Máxima laten zien dat ook producties van eigen bodem klaarstaan om internationaal een blijvende indruk te maken.
Source: Nu.nl algemeen