Kraamzorg is een recht voor elke pas bevallen moeder. Maar dat betekent (nog steeds) niet dat elke vrouw ook daadwerkelijk 24 uur een kraamhulp aan het bed heeft staan. Hoe eis je dat recht op?
Kraamverzorgende Esther van der Ark zal de casus van afgelopen zomer niet snel vergeten. Ze werkt als zelfstandige en spreekt namens de Nederlandse Beroepsvereniging voor Kraamverzorgenden. Als zzp'er had Van der Ark geen ruimte voor een eigen gezin.
"Een verloskundige met wie ik veel samenwerk had een cliënt zonder kraamzorg, die net van haar derde kind was bevallen. Ze vroeg of ik bij haar alleen de controles wilde doen, geen zorg. Dat deed ik", vertelt Van der Ark aan NU.nl.
"Op de derde dag lag moeder op bed met koorts en een hoge hartslag. Dat is niet goed, maar de koorts leek niet te komen door de bevalling of borstvoeding." De dag erna ging het nog slechter met de moeder: ze ademde raar. Van der Ark schakelde de huisarts in.
"Toen ze eindelijk mocht komen zag de huisarts geen oorzaak en werd ze weer naar huis gestuurd. Maar de moeder zat nog niet in de auto of de huisarts belde om te zeggen dat ze meteen moest doorrijden naar de spoedeisende hulp. Ze bleek een longembolie te hebben; een levensgevaarlijke aandoening waarbij je heel snel medische hulp moet inschakelen."
Het is een pijnlijk, maar heel treffend voorbeeld van het belang van kraamzorg, zegt Van der Ark. De moeder had al twee kindjes en juist ervaren moeders zullen minder snel achter kraamzorg aangaan als het lastig te regelen blijkt. "Als niemand de controles had gedaan, was deze vrouw er misschien niet meer geweest."
Ouders hebben altijd recht op kraamzorg, ook na een stilgeboorte of adoptie. Maar in bepaalde regio's blijkt dat niet of nauwelijks haalbaar. Er zijn grote personeelstekorten. Ook trekken grote kraamzorgorganisaties zich terug uit sociaaleconomisch kwetsbare stadsdelen zoals Amsterdam-Zuidoost of de Utrechtse wijken Overvecht en Kanaleneiland. Gezinnen kosten een kraamverzorgende daar meer werk.
En juist die gezinnen hebben baat bij kraamzorg, legt Van der Ark uit. Ze hebben vaak meer behoefte aan begeleiding. Het wegvallen van aanbod maakt dus een groter verschil. "Onze beroepsgroep is opgeleid om voor iedereen zorg te leveren, waar je ook bent en wie je ook bent. Maar laaggeletterdheid, taalachterstand en armoede maken het lastig om de zorg op te eisen", zegt ze.
"We maken onze zorg onnodig ingewikkeld. Je moet echt wel talig en slim zijn om het voor elkaar te krijgen. Aan de kraamverzorgsters ligt het niet. Die krijgen minimumloon en komen op hun fietsje aan bij elk gezin dat het nodig heeft."
De Nationale Zorgautoriteit riep zorgverzekeraars en aanbieders onlangs opnieuw op samen naar oplossingen te zoeken. Zorgverzekeraars zouden volgens de toezichthouder betere vergoedingen kunnen bieden om kraamverzorgers binnen te houden.
Het vak is prachtig, maar niet aantrekkelijk, stelt Van der Ark. Je kunt niet doorgroeien, krijgt weinig betaald, contracten zijn klein en het werk vereist enorme flexibiliteit. "Je kunt er nauwelijks van rondkomen. Kraamverzorgsters hebben nog nooit gestaakt, terwijl ik soms denk: gooi die poepluiers op de binnenplaats van de Tweede Kamer."