In de rubriek Binnenskamers schrijft politiek verslaggever Edo van der Goot wekelijks over wat hem opvalt in Den Haag. Deze week: de formatielessen van Herman Tjeenk Willink.
Formeren is meer dan tellen tot 76, luidt een niet al te oude wijsheid. Minister van Staat en formatieveteraan Herman Tjeenk Willink deelde die als informateur tijdens de formaties van 2017 en 2021. Ook toen waren er impasses en blokkades, maar uiteindelijk werd beide keren een uitweg gevonden.
Opvallend genoeg stonden toen dezelfde drie partijen aan de basis van een coalitie als nu: VVD, CDA en D66. En ook toen was de vraag: gaan we in zee met GroenLinks (en in 2021 ook met PvdA), of wordt er gekozen voor een rechtsere (of in ieder geval minder linkse) variant met de ChristenUnie? Twee keer trok de VVD aan het langste eind en werd links buiten het kabinet gehouden.
Natuurlijk werd er in 2017 en 2021 ook stevig campagne gevoerd. In 2021 leidde het beruchte '1 aprildebat' tot een vertrouwenscrisis tussen toenmalig VVD-leider Mark Rutte en de andere partijleiders. Ik wil maar zeggen dat een lastig begin van de formatie van alle tijden is.
Tjeenk Willink kwam met een doordachte bezweringsformule die dit keer ook best zou kunnen werken. Hij zei: waarom zou je je blindstaren op het halen van een meerderheid in de Kamer, zonder dat je weet of je er samen überhaupt inhoudelijk uit komt?
Maar voor het zover is, moet je eerst weten welke partijen in ieder geval niet met elkaar willen samenwerken. Formeren is elimineren.
Ook daar had Tjeenk Willink een trucje voor: zet het zwart-op-wit. Dat klinkt simpel en misschien overbodig. Zo kun je nu ook wel zeggen dat de VVD absoluut niet met GroenLinks-PvdA in een kabinet wil zitten. Maar zoals Tjeenk Willink het in 2017 zei: "Er is een onderscheid tussen blokkades en grote niet onoverkomelijke bezwaren."
Zodoende werden Rutte (VVD) en Sybrand Buma (CDA) gedwongen om hun absolute blokkades op te schrijven. Die waren er enkel richting de PVV van Geert Wilders. Omdat Wilders de democratische instituties ondermijnt en de grondwettelijke rechten van mensen wil inperken, schreef Rutte.
Dat waren glasheldere, inhoudelijke argumenten. Met een linkse partij onderhandelen had misschien niet de voorkeur van Rutte, maar dat was eerder een "niet onoverkomelijk bezwaar".
Als het harde uitsluiten achter de rug is, treedt de methode-Tjeenk Willink in werking. Dat betekent niet beginnen met 'wie met wie' en tellen tot 76 zetels, maar eerst kijken of partijen het eens zijn over welke problemen er zijn, of welke doelen gehaald moeten worden. Inhoud eerst. Vervolgens kijk je hoe je tot een oplossing kunt komen en wat daarvoor nodig is. Voer daar een Kamerdebat over en je weet welke partijen mogelijk een coalitie willen vormen.
Als je dat op een rijtje hebt, kan er worden gesproken over het financiële plaatje en welke maatregelen er in een coalitieakkoord moeten komen.
Bij de vorige formatie verliepen de onderhandelingen tussen de vier formerende partijen PVV, VVD, NSC en BBB nogal stroef. In de eindfase was door de partijleiders een lijstje opgesteld met tien onderwerpen waar "concrete afspraken" over gemaakt konden worden. Daarbij ging het over onder meer asielmigratie, stikstof, goed bestuur, financiën en de rechtsstaat.
Maar waren die partijen het ook echt eens over wat precies de problemen waren met die tien onderwerpen? Al in een eerder stadium was duidelijk dat PVV en NSC totaal verschillend dachten over het belang van de rechtsstaat. Het botste in de formatie ook al op het gebied van financiën, stikstof en hulp aan Oekraïne.
Ik was benieuwd of de toenmalig informateurs Richard van Zwol en Elbert Dijkgraaf bekend waren met de zogenoemde methode-Tjeenk Willink. Zijn de partijleiders het eens over wat precies de problemen zijn? "Dat staat bij die vier partijen goed op het netvlies", zei Van Zwol op een persconferentie, verwijzend naar het lijstje met tien onderwerpen. "Maakt u zich maar geen zorgen."
Zorgen maakte ik me niet, maar iedereen wist al: de coalitie die nog moest komen, was toen al gedoemd te mislukken. De vier partijen lagen op cruciale punten te ver uiteen en er was vanaf het begin van de onderhandelingen geen onderling vertrouwen.
Ondanks de harde woorden in de campagne en de blokkades zijn er nu geen klachten over een gebrek aan vertrouwen. In ieder geval niet in de mate zoals na het 1 aprildebat.
Tjeenk Willink had nog een klassieker: formeren is faseren. Als het stroef loopt, begin dan niet direct door partijen bij elkaar te zetten, maar knip het proces op in fases. Die les is waarschijnlijk geleerd, aangezien nu eerst D66 en CDA aan de slag gaan.
Donderdag wordt naar alle waarschijnlijkheid een informateur aangesteld. Die doet er dan verstandig aan te kijken naar de wijsheden van Tjeenk Willink. Dus eerst kijken naar de inhoud, zo waarschuwde hij twee formaties geleden, want anders "zwem je in een fuik".
Verkenner Koolmees op een persconferentie 4 november:
"Ik heb allemaal uitspraken van partijen gehoord waar hun voorkeuren, blokkades en uitsluitingen liggen. Als dat in stand blijft, wordt het heel ingewikkeld om een stabiel kabinet te formeren."
VVD-leider Yesilgöz na haar gesprek met Klaver (GL-PvdA) 7 november:
"Het land is rechtser geworden. Daar moeten wat mensen misschien nog even aan wennen. En dan kan het zijn dat linkse partijen en de media, een deel van de media, de kiezer dwingen richting een links kabinet, maar dat vind ik gewoon een gekke."
Klaver na zijn gesprek met Yesilgöz:
"Ik ben blij dat we überhaupt met elkaar om tafel zitten. Ik zou alleen willen dat we de campagne wat meer achter ons kunnen laten."
Wat viel jou op in de politiek deze week? Heb je suggesties voor Gehoord in Den Haag? Laat het hieronder achter, of mail naar edo@nu.nl.
Source: Nu.nl algemeen