DEN HAAG - Bij de bomaanslagen op woonhuizen aan de Wingerd in Den Haag was niet alleen de eerste, maar ook de tweede bij het verkeerde doelwit. Een derde aanslag, bij wat volgens de opdrachtgever echt het juiste huisnummer was, kon door de politie worden verijdeld. Dat bleek vrijdagochtend bij de Haagse rechtbank.
Op 7 maart van dit jaar ging een enorme vuurwerkbom af bij het woonhuis van een 78-jarige vrouw. Zij was niet het beoogde doelwit. De ravage was enorm. De man die deze bom neerlegde, is kort geleden veroordeeld tot drie jaar cel.
Op 9 maart volgde een nieuwe explosie, verderop in dezelfde straat. Ook dit bleek niet bij het huisnummer te zijn dat de opdrachtgever voor ogen had, zo bleek in de rechtszaak tegen de tussenpersoon en de chauffeur bij deze aanslagen.
Reinaldo K. (19) en Devon De R. (19), beiden uit Dordrecht, worden door het Openbaar Ministerie vervolgd voor betrokkenheid bij beide aanslagen en voor de voorbereiding van een derde aanslag.
K. zou steeds de bommenleggers hebben geronseld, omdat hij het vuile werk zelf niet wilde doen. De R. was de chauffeur die samen met K. de explosieven ophaalde in Amsterdam en ze naar de aanslagplegers in Den Haag bracht.
De chauffeur ontkent dat hij wist dat hij explosieven vervoerde. 'Dan was ik toch niet met mijn eigen auto gaan rijden en met mijn eigen pasje gaan tanken', zo zei hij.
Hij zette de tasjes met explosieven ook achter zijn eigen stoel in de auto, zodat ze niet zouden omvallen. 'Dat zou ik toch niet doen als ik wist dat het explosieven waren. Ze zeiden dat het iets breekbaars was. Ik was gewoon naïef.'
K. wilde niet vertellen van wie hij de opdrachten kreeg. Wel zei hij dat hij werd benaderd door iemand die hij vaag kende als 'gevaarlijk en roekeloos'. Hij zou zijn bedreigd om de explosies uit te voeren. 'Anders zouden ze mijn familie wat aandoen.'
Die dreigementen werden volgens de verdachte steeds heftiger nadat bleek dat de eerste twee aanslagen bij de verkeerde huisnummers waren gedaan.
De officier van justitie gelooft niks van die bedreigende derde. Uit de telefoon van K. zou blijken dat hij zich ook voor 7 maart al bezighield met het ronselen van mensen voor uithaalwerk in de Rotterdamse haven en voor aanslagen.
'Tien huizen voor 15.000 euro. Hij kiest voor het criminele leven en is trots op het geld dat hij ermee verdient.'
Voor de tweede aanslag ronselde K. een tweede jongeman, omdat de eerste niet meer wilde na de eerste aanslag. Omdat ook die jongen het verkeerde huis pakte moest hij dezelfde middag nog terug om alsnog het goede huis te filmen. Dat viel op en hij werd door de politie aangehouden.
Een kwartier daarna al ronselde K. voor de derde aanslag, bij het juiste huisnummer, twee jongens van 14 en 15 jaar. Die waren ook niet onervaren, zo blijkt uit hun reactie: 'Waar, en gewoon weer zeven barkie (700 euro)', vroeg één van hen.
Deze jongens werden op 10 maart opgepakt in de buurt van de Wingerd met een Albert Heijn-tas vol flitspoeder met de kracht van veertig cobra's, zwaar vuurwerk waarvan één al gelijk staat aan de kracht van een handgranaat.
'Daar stuur je twee kinderen mee op pad', zo verweet de officier van justitie de verdachte. Hij vindt dat de jongeman een grote rol heeft gespeeld bij alle aanslagen.
'Hij ronselt en stuurt alle aanslagplegers aan. Hij behandelt ze als wegwerpmateriaal. Of ze worden gepakt, maakt hem helemaal niks uit, ze moeten doorgaan. Die jongens zien de politie bij de Wingerd en hij pusht ze via de telefoon om toch door te gaan.'
'Als ze dan zijn aangehouden, gaat hij op 12 maart gewoon verder met weer een explosie regelen, terwijl hij weet hoe groot de schade bij de eerdere aanslagen is geweest en dat er al vier jongens vast zitten dankzij hem', zegt de officier.
In de zaak rond de explosies op de Wingerd zitten inmiddels tien verdachten vast. Eén van hen is veroordeeld voor het leggen van de vuurwerkbom op 7 maart.
De verdachte van het plaatsen van de tweede bom, op 9 maart, komt waarschijnlijk begin volgend jaar voor de rechter. De zaak tegen de minderjarige verdachten van de verijdelde aanslag wordt achter gesloten deuren behandeld door de rechtbank Noord-Holland, omdat ze daar vandaan komen.
Eind maart zijn er nog twee verdachten opgepakt voor het beramen van een aanslag op 18 maart en twee weken geleden zijn opnieuw twee betrokkenen gearresteerd. De mysterieuze opdrachtgever is daar niet bij.
De officier vindt dat K. en De R. nauw hebben samengewerkt. Hij eist daarom zeven jaar cel tegen K. en vier jaar tegen De R. wegens het medeplegen van de twee aanslagen en de voorbereiding van de verijdelde aanslag.
De slachtoffers voelen zich sinds de aanslagen niet meer veilig in hun eigen huis, zo vertelde één van hen tegen de rechtbank. 'Ons huis, waar we ons veilig moesten voelen, was opgeblazen. Er was een dichte mist van stof en rook en we dachten dat het huis in brand stond. De aanslag heeft tot vandaag een enorme impact.'
De bewoner beschreef hoe de glassplinters centimeters diep in de houten meubels zaten, hoe de voordeur in twee delen door de woonkamerdeur was geblazen en de auto een halve meter zijwaarts was verschoven door de klap. 'Moesten wij soms dood? En waarom wij?'
Dat de aanslag om 3.00 uur 's nachts was, maakte het voor de bewoners juist extra gevaarlijk. 'Mijn vrouw gaat normaal rond dat tijdstip naar beneden om iets warms te drinken, alleen die nacht toevallig niet. Wat als ze dat wel had gedaan? Ze durft nog steeds niet naar beneden 's nachts en dat zal de rest van haar leven zo zijn.'
Het slachtoffer had ook oog voor de verdachten. 'Ondanks alles betreur ik nog het meest dat deze jonge verdachten hun leven hebben weggegooid hierdoor.' Dat besefte K. ook. In zijn slotwoord zei hij: 'Ik besef dat mijn daden verkeerd waren en dat ik niet alleen de slachtoffers pijn heb gedaan, maar dat ook mijn toekomst is verpest.'
Beide verdachten boden het slachtoffer hun excuses aan. 'Als ik het terug kon draaien, zou ik dat doen', zei K.. De R. voegde er aan toe: 'Ik had u dit nooit willen aandoen.'
De advocaten van K. en De R. vinden dat er geen sprake is geweest van medeplegen en dat de straffen veel lager zouden moeten uitvallen.
De raadsman van K. betoogde ook dat zijn cliënt lang niet zo'n grote rol heeft gespeeld als de officier van justitie ziet. Hij wijst erop dat opdrachtgever na de aanhouding van K. iemand anders vindt om op 18 maart weer een aanslag te plegen.
Bij het verlaten van de zaal stapte K. op het slachtoffer af, stak zijn hand uit en zei nogmaals 'het spijt me'. Het slachtoffer pakte de hand na een korte aarzeling en zei 'geaccepteerd'.
De uitspraak is over twee weken.
Source: Omroep West Den Haag