Home

Er zijn mensen die beweren dat God dood is, maar in het schaatsen is hij alive and kicking. Hij heet De Matrix

is schrijver en columnist voor de Volkskrant.

Het schaatsseizoen is begonnen. Dit weekend worden in Heerenveen de NK afstanden verreden. Dat is voor de schaatsers meteen al een zogenoemd ‘piekmoment’: er moet gepresteerd worden omdat er plaatsen voor de World Cup-wedstrijden op het spel staan.

Het is veel te ingewikkeld om uit te leggen waarom precies, maar de World Cup-wedstrijden zijn weer van belang voor plaatsing voor de Olympische Spelen, in februari in Milaan. De Spelen, daar gaat het om.

Hier komt zoals elke vier jaar de ‘matrix’ om de hoek kijken. De matrix bepaalt uiteindelijk welke Nederlandse mannen en vrouwen mogen meedoen aan de Spelen. Wat de matrix precies is, weten maar weinig mensen. De matrix ís er en als schaatser heb je maar te accepteren dat je eraan bent overgeleverd.

Je kunt wereldkampioen zijn en in bloedvorm, als de matrix zegt dat Milaan er niet inzit, heeft protesteren evenveel zin als tekeer gaan tegen het weer: je voert een achterhoedegevecht, het pleit is al beslecht, de matrix heeft rechtgesproken. Het oordeel ligt er en de matrix heeft altijd gelijk.

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Er zijn mensen die beweren dat God niet bestaat of inmiddels is overleden, maar in het schaatsen is hij alive and kicking en heet hij De Matrix.

De matrix is alweer een flinke tijd geleden tot leven gewekt door wetenschappers van de Rijksuniversiteit van Groningen. En niet zomaar een paar koekenbakkers, maar echte topwetenschappers. Genieën met een IQ van boven de 180 die, als ze niks beters te doen hadden gehad, even een Nobelprijsje in de statistiek hadden binnengehaald.

Toevallig hadden ze wél wat beters te doen, namelijk het scheppen van de matrix. Ze voerden vijfduizend computersimulaties uit, riepen de hulp van AI in en huurden een enorm datacentrum af dat dag en nacht stond te pompen. Maar toen hadden ze ook wat.

De technisch directeur van de schaatsbond, Remy de Wit, kreeg onlangs de vraag voorgelegd of de schaatsers de principes van de matrix wel begrepen. Nee, zei De Wit eerlijk, ze begrijpen er niets van. Hij had zelf trouwens ook geen idee. Dat hoeft ook helemaal niet, we moeten niet alles willen begrijpen. Je kunt ook gewoon dankbaar zijn dat de matrix ons van het geneuzel van selectiecommissies heeft verlost.

De schaatsers schaatsen zich een ongeluk bij de World Cup-wedstrijden en tijdens het olympisch kwalificatietoernooi. Vervolgens gooit De Wit de ‘datamix’ – ijscondities, luchtvochtigheid, openingen, de uitslag – in een supercomputer en binnen een seconde rollen de namen van de gelukkigen eruit. Niks tegenin te brengen, de matrix heeft gesproken.

De matrix was van meet af aan bedoeld om de Nederlandse medailleoogst bij de Spelen zo groot mogelijk te maken. En je hoeft maar naar de uitslagen van de Spelen te kijken sinds de matrix het heft in handen nam, of je weet wat hij ons heeft gebracht. Nederland voert steevast de medaillespiegel bij het schaatsen aan. Op de plekken 2 tot en met 40 vinden we de gewone landen, de regio’s waar ze het zonder matrix moeten stellen.

Waarom we de matrix niet gebruiken om behalve de olympische selectieproblemen ook onze andere vraagstukken op te lossen weet ik ook niet. Maar Rob Jetten lijkt me iemand die openstaat voor de matrix-revolutie, dus er is nog hoop.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next