Zodra de stembureaus om 21.00 uur sluiten, volgt traditiegetrouw de eerste exitpoll. Die zijn over het algemeen erg nauwkeurig, maar een slag om de arm blijft nodig. Zeker bij deze verkiezingen, nu de partijen nek-aan-nek lijken te gaan.
Vandaag staat bij 65 stembureaus een extra stembus van onderzoeksbureau Ipsos I&O. Iedereen die uit het stemhokje komt, wordt gevraagd een apart stembiljet in te vullen met de partij waarop diegene net heeft gestemd. Deze exitpoll wordt daarom ook wel een schaduwverkiezing genoemd.
Een aantal keer per dag worden de stemmen voor de exitpoll geteld en geven medewerkers van het stembureau de tussenstand door aan het kantoor van Ipsos I&O. Op basis daarvan worden de eerste resultaten van de exitpoll al om 21.00 uur bekendgemaakt.
De laatste stemmen die een half uur voor sluitingstijd worden uitgebracht, zijn nog niet geteld en meegenomen in de uitslag. Het gaat daarom om een voorlopige exitpoll. Maar dat is vrijwel altijd ook de definitieve, omdat die laatste stemmen weinig verschil maken in het eindresultaat.
Bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2023 was er op 62 stemlocaties een extra stembus. Zo'n 75.000 mensen deden mee aan de schaduwverkiezing. Dat klinkt als een flinke steekproef, maar in totaal mochten dat jaar ruim dertien miljoen mensen stemmen en telde Nederland in totaal bijna tienduizend stembureaus. Datzelfde geldt voor deze verkiezingen.
Toch was de uitslag van de exitpoll bij de vorige Tweede Kamerverkiezingen erg nauwkeurig. Alleen bij de PVV zat Ipsos er twee zetels naast. Bij zowel D66 als 50PLUS ging het om één zetel. Het is volgens Ipsos gebruikelijk dat de exitpoll er 1 à 2 zetels (van de in totaal 150 Kamerzetels) naast zit. Soms zit het onderzoeksbureau er drie zetels naast, zoals in 2023, maar dat is uitzonderlijk. Er zijn dan ook geen voorbeelden uit het verleden waarbij Ipsos er flink naast zat.
Voor een grotere partij, die al een flinke voorsprong heeft, is het niet erg als een exitpoll afwijkt. Om precies te zijn haalde de PVV bij de Tweede Kamerverkiezingen twee jaar geleden niet de 37 zetels die de exitpoll voorspelde, maar 35 zetels. Omdat de partij onder leiding van Geert Wilders ruim tien zetels meer had dan GroenLinks-PvdA, maakte het weinig verschil voor de uitslag.
Maar kleine partijen die in de exitpoll uit lijken te komen op nul zetels, kunnen na de telling van alle stemmen ineens toch net één of twee zetels hebben. Of andersom. Ook bij partijen die nek-aan-nek gaan, zoals dit jaar het geval lijkt te zijn, is op basis van de exitpoll lastig te concluderen wie de grootste is geworden. Toch ziet hoogleraar electorale politiek Henk van der Kolk dat niet als een groot probleem.
"Het maakt niet vreselijk veel uit wie de grootste partij is", zegt hij tegen NU.nl. "Dat is puur gevoelsmatig en zorgt niet per se voor een belangrijkere rol bij de coalitieonderhandelingen." Wel heeft de hoeveelheid zetels invloed op de invulling daarvan. Twee zetels kunnen voor beoogde coalitiepartners bepalen of ze samen een coalitie kunnen vormen of toch op zoek moeten naar meer partijen.
Het is volgens Ipsos-onderzoeksadviseur Sjoerd van Heck onvermijdelijk dat de exitpoll iets afwijkt van de definitieve zetelverdeling, bijvoorbeeld doordat de onderzoekers niet altijd terechtkunnen in al hun beoogde stembureaus. "Vaak is dat om praktische redenen, zoals dat het stembureau daar simpelweg te klein voor is."
Gemiddeld 80 procent van de stemmers in een geselecteerd stembureau doet mee aan de exitpoll, maar dus niet iederéén. Vaak doen stemmers van bepaalde politieke partijen niet mee. Van Heck wil niet zeggen om welke partijen dat precies gaat. "Maar daar wordt het hele model iets instabieler van."
Op enkele zetels na is de voorspelling van het onderzoeksbureau verder wel erg precies gebleken. "Het aantal deelnemers is minder belangrijk als de deelnemers onderling verschillend zijn", zegt Van Heck. "Het maakt dan bijvoorbeeld niet zoveel uit of er 70.000 of 80.000 mensen meedoen."
Verder wordt bij het selecteren van de stembureaus onder meer gekeken naar een goede verspreiding over het land. Ook wordt rekening gehouden met het stemgedrag van de kiezers van een stembureau bij eerdere verkiezingen. Hoe meer variatie daarbij is, hoe beter de afspiegeling van de samenleving.
Dat is ook meteen de reden waarom zetelpeilingen vaak niet zo nauwkeurig zijn. Die peilingen worden veelal online georganiseerd, waardoor sommige groepen ondervertegenwoordigd zijn, zegt Van Heck. Bij de fysieke stembus kan iedereen worden benaderd.
Een ander belangrijk verschil is dat peilingen voorafgaand aan de verkiezingen worden gehouden. Mensen wordt gevraagd op wie ze denken te gaan stemmen. "Dat kan op de dag van de verkiezingen alsnog anders zijn."
Het verschil tussen de peilingen en de exitpoll wordt goed geïllustreerd door de iconische foto van voormalig D66-leider Sigrid Kaag die op tafel danst. Een maand voor de Tweede Kamerverkiezingen in 2021 zou D66 volgens de peilingen uitkomen op veertien zetels. Na de eerste exitpoll leken dat er ineens 27 te worden, waarna Kaag op tafel sprong van blijdschap. Uiteindelijk moest de partij het doen met een definitieve uitslag van 24 zetels.
Source: Nu.nl algemeen