Nederland komt bijna achthonderd plekken tekort in de vrouwenopvang. Dat leidt ertoe dat vrouwen niet direct uit een onveilige omgeving kunnen worden gehaald. De Dolle Mina's gaan vrijdag in meerdere steden de straat op om er aandacht voor te vragen.
In heel Nederland zijn 1.024 opvangplekken voor slachtoffers van huiselijk geweld, blijkt uit de monitor van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en branchevereniging Valente. Volgens het verdrag van Istanboel, waarin afspraken staan over de aanpak van geweld tegen vrouwen, moet er minstens één plek per tienduizend inwoners zijn. Dat zou in Nederland neerkomen op achttienhonderd plekken.
De opvanglocaties zijn permanent overvol, stelt Valente. In 40 procent van alle gemeenten is er een wachtlijst, wat betekent dat vrouwen in een onveilige situatie niet altijd direct kunnen worden geholpen. De Dolle Mina's vinden het "onacceptabel" dat de veiligheid van vrouwen "op een wachtlijst staat".
Ook Mijke Caminada maakt zich zorgen. Ze is onderzoeker bij Valente en heeft meegeschreven aan de monitor. "We moeten soms noodgedwongen vragen of vrouwen ook een dag later kunnen wegvluchten", zegt ze tegen NU.nl. "Je omstandigheden zijn heel ernstig als je bereid bent alles achter te laten en te vluchten. Je wil diegene dan niet vragen nog even vol te houden, maar vaak is het niet anders."
Maaike Krielaart van Veilig Thuis herkent dit beeld. Medewerkers zijn soms urenlang aan het rondbellen om een opvangplek voor iemand te vinden, zegt ze. En vaak zonder succes.
Hoe langer het huiselijk geweld duurt, hoe groter de gevolgen voor zowel het slachtoffer als de pleger, legt projectleider Nelleke Westerveld van kennisinstituut Movisie uit. "Geweld neemt vaak een steeds ernstigere vorm aan en de patronen worden hardnekkiger. Als slachtoffer raak je steeds meer vervreemd van je eigen behoeftes en grenzen."
Het is belangrijk om het geweldspatroon zo snel mogelijk te doorbreken. Uithuisplaatsing is doorgaans een goede manier om dat te doen. Door het gebrek aan opvangplekken is het bij acute situaties daarom meer regel dan uitzondering dat vrouwen uitwijken naar hotelkamers of vakantiewoningen. Het is een pleister, maar zeker geen structurele of ideale oplossing, zegt Westerveld.
Een opvanglocatie biedt namelijk meer dan alleen een bed. Een team professionals ondersteunt en begeleidt vrouwen in het verwerken van hun trauma's en zoekt mee naar manieren om hun leven weer op te bouwen. Bij alternatieve opvanglocaties is die hulp slechts beperkt beschikbaar. "Maar huis en haard verlaten in een crisis is heftig, dus die hulp is wel broodnodig."
Daarnaast staat een vrouw die naar de opvang moet in de overlevingsmodus, zegt Caminada. En in een hotelkamer kan een vrouw niet tot rust komen. "Je hebt al zoveel zorgen en dan word je ook nog eens in een kleine kamer geplaatst waar je om veiligheidsredenen niet zomaar uit mag. Hoe functioneer je dan nog normaal op bijvoorbeeld je werk of zorg je goed voor je kinderen?"
Ze ziet dat vrouwen er daarom soms voor kiezen terug te keren naar de onveilige thuissituatie. Dat is een aantrekkelijke keuze, want ze weten wat ze hebben achtergelaten. Westerveld: "Ze zijn dan misschien veilig in zo'n hotelkamer, maar kunnen zich tegelijk ook verloren voelen als ze niet de juiste hulp krijgen."
Vanaf 2026 komt ieder jaar 12 miljoen euro beschikbaar voor meer opvangplekken, maakte het demissionaire kabinet bekend op Prinsjesdag. Volgens Caminada is dat genoeg voor 150 extra opvangplekken. "Maar dat is nog maar het begin", benadrukt ze. "De vrouwenopvang moet weer beschikbaar en toegankelijk worden. Daarvoor zijn structureel meer plekken nodig en daar zijn we nog lang niet."
Het streefgetal van bijna achthonderd nieuwe opvangplekken, conform het verdrag van Istanboel, wordt de komende jaren in ieder geval nog niet gehaald. Wel zullen de nieuwe plekken voor verlichting zorgen. "Vanuit daar kunnen we kijken hoe het gaat met de wachtlijsten en hoe vaak er moet worden uitgeweken. Misschien blijkt dat er meer dan achttienhonderd opvangplekken nodig zijn."
Maar het zouden er ook minder kunnen zijn. Bijvoorbeeld als er op het gebied van preventie grote stappen worden gezet. Of als wordt geïnvesteerd in manieren om in te grijpen buiten de opvang om. Zo kan volgens Westerveld in bepaalde gevallen een huisverbod beter en vaker worden ingezet, ook preventief. "Dat kan als een situatie uit de hand dreigt te lopen. Het gebeurt nu nog nauwelijks, terwijl we weten dat het belangrijk is om er snel en vroegtijdig bij te zijn."
Het is nog de vraag wat er precies gaat gebeuren met de structurele 12 miljoen euro. De overheid gaat daar samen met hulporganisaties en gemeenten over in gesprek. "Het geld wordt uitgekeerd aan gemeenten en zij mogen kiezen wat ze ermee doen", zegt Caminada. "De toekomst moet uitwijzen wanneer we genoeg opvangplekken hebben."
Source: Nu.nl algemeen