De wetenschapsredactie beantwoordt grote en kleine vragen die lezers bezighouden. Deze week: neemt de hoeveelheid zuurstof in de atmosfeer af?
De afgelopen halve eeuw is de wereldbevolking verdubbeld tot acht miljard mensen. En die mensen veroorzaken jaarlijks een netto-ontbossing van een gebied groter dan Nederland. Het aantal zuurstofgebruikers neemt dus toe, terwijl de producenten ervan afnemen. ‘Daalt de hoeveelheid zuurstof dan?’, vraagt lezer Cees Ouwehand zich af. Een ogenschijnlijk eenvoudige vraag, met een complex antwoord.
Ons lichaam gebruikt zuurstof om energie op te wekken door glucose te verbranden en houdt zo vitale processen in stand: van het bewegen van spieren tot het op peil houden van de lichaamstemperatuur. Restproducten van deze verbranding, waaronder koolstofdioxide (CO2), adem je uit.
Planten en bomen zetten koolstofdioxide om in suikers met behulp van licht – fotosynthese, zal menig middelbareschoolleerling weten. Bij dit proces komt zuurstof vrij, die de plant weer ‘uitademt’.
Leidt het kappen van bossen dan tot een afname van zuurstof? Kort gezegd: ja.
Maar zijn we afhankelijk van planten en bomen voor zuurstof? Dat zeker niet. Verschillende soorten plankton in de oceaan gebruiken ook fotosynthese om te overleven. Wetenschappers schatten dat ongeveer de helft van de geproduceerde zuurstof uit de oceaan komt. Mede daardoor is de hoeveelheid zuurstof in de atmosfeer al twee miljard jaar lang vrij constant: ongeveer 21 procent.
Maar een kleine jaarlijkse afname van zuurstof is er wel, al bedraagt die slechts 0,0019 procent, blijkt uit onderzoek. En niet het kappen van bomen, maar het verbranden van fossiele brandstoffen is de grootste boosdoener. Het gebruik van deze brandstoffen sinds de industriële revolutie, eind 18de eeuw, heeft geleid tot een vermindering van 0,1 procent zuurstof.
Fossiele brandstoffen zijn koolstofhoudende verbindingen, gevormd doordat resten van dieren en planten in de loop van miljoenen jaren onder hoge temperatuur in de aardkorst zijn samengedrukt. Bij verbranding bindt de koolstof (C) aan de zuurstof (O2). Er zijn te weinig planten en plankton om deze extra koolstofdioxide op te nemen. Daardoor blijft de zuurstof ‘vastzitten’ in die extra CO2 in de atmosfeer.
En dat is zorgwekkend: niet de afname van zuurstof, maar de toename van CO2. De atmosfeer bestaat naast zuurstof voor het grootste deel uit stikstof (78 procent) en in wisselende hoeveelheden waterdamp. Koolstofdioxide neemt maar 0,04 procent van de atmosfeer in, maar heeft enorme gevolgen voor bijvoorbeeld het klimaat. Een overschot van het broeikasgas draagt bij aan de klimaatopwarming. Dat is een veel groter probleem dan een heel klein beetje zuurstof minder.
En het gevoel dat je veel te weinig zuurstof hebt na een lange vergadering in een muffig zaaltje? Dat komt niet door een zuurstoftekort. Opnieuw is te veel CO2 de schuldige. Daarom zijn er vaak CO2-metertjes in vergaderruimten, zodat je op tijd een frisse neus kunt halen.
Met dank aan Ingrid Luijkx, atmosfeerwetenschapper aan de Wageningen Universiteit.
Zelf een vraag voor deze rubriek? Mail naar willenweten@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant