Steeds meer plastic verpakkingen die burgers in de prullenbak gooien, zijn goed te recyclen. Dat komt vooral door verbeterde recycletechnieken. Toch is dit nog niet terug te zien in de daadwerkelijke recyclecijfers. Wat gaat er precies mis?
is economieredacteur. Hij is specialist duurzaamheid en circulaire economie.
Dit blijkt uit onderzoek van Wageningen University & Research. De Wageningse onderzoekers namen meer dan vijfhonderd kilo huishoudelijk plasticafval onder de loep, weggegooid in vijf gemeenten verspreid over het land. Bij al die bakjes, zakjes, tuben, flesjes en andere verpakkingen beoordeelden ze de recyclebaarheid in het huidige afvalsysteem.
Vergeleken met vier jaar eerder steeg het aandeel ‘goed recyclebare’ plastic verpakkingen van 27 naar 36 procent. Dat is vooral te danken aan verbeterde recycletechnieken.
Afvalbedrijven scheiden bijvoorbeeld folies beter dan een paar jaar geleden. En waar saladebakjes en andere schalen van pet eerst standaard in een mengelmoes belandden van andere plasticsoorten voor laagwaardige toepassingen, komt een deel inmiddels terecht bij bedrijven die er opnieuw schalen van maken.
Het is alleen opvallend dat deze verbeteringen nauwelijks terug te zien zijn in de recyclecijfers. Al jaren blijft het aandeel gerecyclede plastic verpakkingen steken op iets minder dan de helft. Het spant er dan ook om of het wettelijke doel van 50 procent dit jaar wordt gehaald.
Het aandeel goed recyclebare verpakkingen staat niet gelijk aan het aandeel dat daadwerkelijk wordt gerecycled, verklaart de Wageningse onderzoeker Ingeborg Smeding. ‘Het kan zijn dat een verpakking die wij als ‘goed recyclebaar’ hebben beoordeeld, toch per ongeluk fout wordt gesorteerd en niet wordt gerecycled. Andersom worden veel verpakkingen die beperkt recyclebaar zijn, in de praktijk wel gerecycled. Het gevolg is een lagere kwaliteit van het gerecyclede materiaal.’
Volgens Maarten Bakker, die afvalsystemen onderzoekt aan de TU Delft en niet betrokken was bij dit rapport, worden positieve ontwikkelingen op het gebied van recycling weer tenietgedaan door negatieve. ‘Vervuiling, zoals vet en zand, spelen ook een rol. Als mensen verpakkingen niet in de goede bak gooien, gaat het ook niet goed. Dat geldt ook als ze verpakkingen weggooien die niet goed zijn leeggemaakt. De laatste jaren zien we vervuiling toenemen.’
Het Wageningse onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de Nederlandse vereniging voor afval- en reinigingsdiensten (NVRD) en stichting Verpact. Die stichting coördineert en betaalt de recycling van verpakkingen namens het verpakkende bedrijfsleven, zoals supermarkten en frisdrankproducenten. Zij zijn hiertoe wettelijk verplicht, onder het mom van ‘de vervuiler betaalt’.
In een reactie zegt Verpact de Wageningse studie te willen gebruiken om samen met producenten en importeurs duurzamere verpakkingen te kunnen ontwerpen. Op dat vlak valt nog veel te verbeteren.
Nog altijd bestaan veel verpakkingen die bedrijven op de markt brengen uit verschillende materialen die sorteermachines niet los kunnen trekken. Berucht is bijvoorbeeld de nauwelijks recyclebare soepzak, die uit dunne laagjes verschillende plastics en aluminium bestaat.
De Wageningse onderzoekers vonden wel voorbeelden van verpakkingen die beter recyclebaar zijn dan een paar jaar geleden, zoals tandpastatuben die geen aluminium binnenlaagje meer hebben. Maar nog altijd kan meer dan een derde van de niet-goed recyclebare verpakkingen een stuk beter recyclebaar zijn na een paar veranderingen in het ontwerp.
Volgens Smeding vergen zulke aanpassingen vaak een langdurig en ingewikkeld proces. ‘De grootste slag kan op dit moment worden gemaakt door labels en bijbehorende lijmstoffen aan te passen’, zegt ze. Zulke labels verstoren geregeld het recycleproces omdat ze van andere materialen zijn dan de verpakking zelf, zoals aluminium of papier. Een lijmsoort die makkelijker afwasbaar is kan ook helpen.
Intussen worden andere verpakkingen juist steeds complexer, ziet Bakker. ‘Om verpakkingen bijvoorbeeld beter bestand te maken tegen hitte of juist kou, mengen bedrijven allerlei materialen door elkaar. Er zijn al jaren oproepen om de industrie zo ver te krijgen dat ze bijvoorbeeld alleen nog shampooflessen maken met één materiaal, liefst ook met dezelfde kleur. Dat is nog niet gelukt.’
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant