Home

Bedrijven worden wapens in de wereldeconomie

Trumps Geo-economie

Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.

Er was een tijd waarin de westerse burger zich, soms terecht, zorgen maakte over de invloed van grote bedrijven op de politiek. Een onderneming zocht bijvoorbeeld een grote order in het buitenland, en liet een minister of premier opdraven om daar de nodige handen te gaan schudden.

Het handelsbeleid van de Amerikaanse regering-Trump is in snel tempo bezig om dat om te draaien. De politieke sturing, met name in de Verenigde Staten, van beslissingen van grote ondernemingen neemt steeds grotere vormen aan. Zie de enorme techbedrijven, waarvan aanvankelijk werd gedacht dat zij met het aantreden van de regering-Trump invloed kregen op Washington, maar het tegendeel lijkt eerder het geval.

En het is besmettelijk. Dat is te zien aan het jongste handelspact dat de VS sloten met Japan. Deel daarvan is een Japanse toezegging 550 miljard dollar in de Verenigde Staten te investeren, waarbij de besluitvorming waar dat geld naar toe gaat, grotendeels ligt bij het Witte Huis.

Ook Zuid-Korea is bezig met zo’n deal. Net als bij Japan wordt, in ruil voor een verlaging van torenhoge invoerheffingen waar de VS dit jaar op inzetten, in de VS geïnvesteerd of worden er spullen gekocht. In dit geval gaat het om 350 miljard, waarbij de handtekening overigens nog niet is gezet. Europa heeft al toegezegd meer Amerikaanse energie te kopen. Maar door wie? Het zijn bedrijven die dat moeten doen.

Nu zijn handelspacten onder Trump vloeibaar. Toezeggingen van Amerika’s partners zijn zacht en misschien wel moeilijk toetsbaar. Aan de andere kant: de praktijk van de afgelopen maanden laat zien dat de VS op hún beurt de afspraken zien als niet definitief – eerder raamovereenkomst dan verdrag. Ze kunnen zo weer worden gewijzigd, en die dreiging houdt de druk er in het buitenland op.

Bedrijven zitten daar tussenin. De VS zetten intussen het Chinese sociale mediabedrijf TikTok in als pion bij handelsonderhandelingen met China, Beijing slaat terug met een antitrustonderzoek naar Google, en trekt dat net zo makkelijk weer in als de handelsbesprekingen dat vergen. De chips van het Amerikaanse NVIDIA, belangrijk voor de AI-industrie, mogen wel/niet/wel verkocht worden in China, en China wil ze wel/niet hebben. Of ze mogen wel, maar dan krijgt de Amerikaanse regering een deel van de winst.

Zo zijn er tientallen voorbeelden. En geen van alle houden zich aan het principe van de vrije markt waaronder de wereldeconomie decennialang floreerde: dat kapitaal en bedrijvigheid de vrijheid heeft zich daar te ontplooien waar de voorwaarden het beste zijn.

Nu heeft politiek daar altijd wel een rol in gespeeld. Maar de achteruitversnelling waarin het proces zich nu bevindt is zorgwekkend. Niet alleen omdat dit welvaart kost, maar te meer vanwege de rol van regisseur van bedrijfsbeslissingen die de Amerikaanse overheid op zich neemt – en via handelsverdragen en druk exporteert naar zijn economische tegenspelers.

Zo worden economie en bedrijfsleven in toenemende mate ge-‘weaponized’ (om een Amerikaanse term te gebruiken) in de nieuwe geo-economie. De VS neigen daarbij in wezen naar het Chinese model: een vrije markt onder regie van een almachtige overheid. Dat is de belangrijkste import uit China, waar in Washington geen heffing op is.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Source: NRC

Previous

Next