Home

‘We zijn geen mensen die eerste viool willen spelen’

Violiste Jeanita en dramaturg Wout uit Amsterdam-Noord hebben twee dochters, Aafke (6) en Ida (1,5). Hun zoon Leen, stilgeboren in 2017, is nog steeds een onderdeel van hun leven.

Jeanita Vriens (42) en Wout van Tongeren (43) met op schoot dochter Ida en op de schommel dochter Aafke. We hebben allebei een persoonlijkheid om niet helemaal op de voorgrond te willen staan.”

Jeanita: „Opstaan doen we tussen 06.30 en 07.30 uur, het wisselt. Wout staat meestal vroeger op dan ik. Dan gaat hij vaak zwemmen in het kanaal hier vlakbij ons huis in Amsterdam-Noord. Dat doet-ie zomer en winter.”

Wout: „In de winter draag ik wel een wetsuit, maar tot eind oktober is dat niet nodig. Soms als je erin springt denk ik wel: waar ben je mee bezig? Maar vervolgens wordt ’t steeds lekkerder. En dan moet je er net uit zijn voordat je onderkoeld raakt. Voordat onze jongste dochter Ida (1,5) geboren werd, deed ik het vijf tot zes keer per week, nu nog een tot drie keer. In de winter begin ik met een wetsuit, en daarna zwem ik ook nog even zonder.”

Jeanita: „Hij komt altijd bibberend thuis. Dan is hij helemaal aan ’t shaken als hij aan zijn ochtendkoffie zit.”

Wout: „Het geeft wel een kick en vaak heb ik het gevoel dat ik de hele dag nog het effect voel, een soort tinteling.”

Jeanita Vriens (42) en Wout van Tongeren (43) wonen sinds 2015 in een huis met tuin in Amsterdam-Noord. „We hebben drie kinderen”, zeggen ze. Hun zoontje Leen is in 2017 na een probleemloze zwangerschap stilgeboren. Daarna is in 2018 hun oudste dochter Aafke geboren en in 2024 hun jongste dochter Ida.

Jeanita is violist in het Ragazze Quartet, Wout dramaturg bij Nationale Opera en Ballet. Haar grootste hobby is breien/haken. Wout houdt erg van tuinieren en planten opkweken. Daarnaast luisteren ze veel naar luisterboeken.

Samen verdienen ze 2,5 keer modaal.

Jeanita: „Ik heb Wout ontmoet via een celliste die met mij in het Ragazze Quartet speelde. Zij had een relatie met de beste vriend van Wout. Die dacht dat wij wel een match waren. Dus hij nam Wout mee naar een concert. Daarna kwam Wout nog een keer naar een concert en toen heeft hij me mee uit eten gevraagd.”

Wout: „Ik zag Jeanita en dacht: wat een mooie lange vrouw met krullen.”

Jeanita: „Ik vond Wout heel gevoelig en begaan met mensen en superslim. Ja, dat vond ik heel aantrekkelijk. Het duurde wel even van mijn kant voordat ik verliefd werd. Hij had een vouwfiets – dat vond ik niet sexy! We gingen een paar keer op date, maar er gebeurde niet echt iets. Dus toen heb ik gezegd dat ik ons meer als vrienden zag. Maar even later, toen we elkaar gedag gingen kussen op de wang, kuste hij met opeens op de mond.”

Wout: „Jeanita had gezegd dat als ik méér dan vriendschap wilde, ik dan ook maar initiatief moest nemen. Oké, dacht ik, misschien moet ik dat dan maar doen. Dat zoenen veranderde alles.”

Jeanita: „Toen was het aan! We zijn getrouwd in 2015. En in 2017 was ik zwanger van onze zoon Leen. Hij is de 39ste week van mijn zwangerschap stilgeboren. Dat was een donderslag bij heldere hemel. Hij was tot dan toe gezond en bewoog veel. Maar op een avond dacht ik: wat gek, ik voel ’m helemaal niet bewegen. Toen zijn we voor de zekerheid naar het ziekenhuis gegaan.”

Wout: „En toen bleek dat hij al geen hartslag meer had.”

Bevalling

Jeanita: „Leen is op 13 maart overleden. En op 15 maart moest ik bevallen van een dood kind. Ik was toen geneigd voor een keizersnede te kiezen maar dat doen ze in Nederland alleen als er gevaar is voor moeder of kind. En het herstel na keizersnede schijnt zwaarder te zijn. Achteraf blijkt dat het psychisch heel belangrijk geweest is om door die bevalling heen te gaan. Dat was een onderdeel van ons rouwproces.”

Wout: „We waren die dag heel intens samen, met elkaar en met hem. En het was ook echt een mooie dag. Toen hij net geboren was, waren we er heel vol van en heel gelukkig.”

Jeanita: „Het was voor het eerst dat we een kind op de wereld zetten. Het was een prachtig voldragen kind, maar hij leefde niet.”

Wout: „Door alle pijn en verdriet en onmacht heen voelden we ons heel erg gesteund door vrienden en familie en alle mensen in het ziekenhuis. De verloskundige is een vriendin van ons geworden.”

Jeanita: „Na de geboorte heeft hij nog een week bij ons thuis in een wieg gelegen, dezelfde waar ik en mijn moeder ook in gelegen hadden. Toen hebben we hem begraven. Er waren heel veel mensen en ik heb viool gespeeld. Uiteindelijk had ik niet liever gehad dat Leen er helemaal niet was geweest. Ik heb contact met hem gehad in mijn buik. Negen maanden lang heb ik heel veel liefde en contact gevoeld.”

Wout: „Ruim anderhalf jaar later is onze dochter Aafke geboren.”

Jeanita: „Je bent zo voorbereid en klaar voor het ouderschap – dat kun je niet stopzetten. Maar Aafke, nu 6, is geen vervanging voor Leen. We fantaseren nog steeds hoe zijn leven had kunnen zijn. En ik denk altijd: er had hier een jongetje van 8 aan de tafel moeten zitten met zijn zusjes. Ik denk eraan hoe anders het voor hen was geweest met een grote broer op te groeien. Aafke maakt tekeningen van hem met teksten als ‘Ik mis je, Leen’. Ze vertelt ook altijd zonder drama dat ze een broertje heeft dat dood is.”

Wout: „Ze weet wat een grote gebeurtenis het in ons leven is. En we gaan regelmatig naar het graf, dus ze kent die plek. Ik denk dat het net is als met een oorlogsverleden: als het niet wordt uitgesproken, gaat het meer in de weg zitten in een familie.”

Jeanita: „Als je er open over bent, kan iedereen zich uiten.”

Tweede viool

Wout: „Ik ben sinds 2017 dramaturg bij Nationale Opera en Ballet. Ik adviseer de regisseur en als er een nieuwe opera gemaakt wordt, denk ik mee met de schrijver van het libretto en de componist. Een dramaturg is een soort eerste toeschouwer, iemand die het maakproces van nabij volgt, goed luistert en meepraat: wat willen we vertellen? Soms moet je anderen herinneren aan wat ze willen. Of zeg je: volgens mij, als je ’t zo aanpakt, dan komt ’t zus of zo over op het publiek. Je moet met het team meedenken maar ook kritische afstand bewaren. En vooral niet op de stoel van de regisseur willen gaan zitten.”

Jeanita: „Ik speel sinds 2007 viool bij het Amsterdamse Ragazze Quartet, een strijkkwartet dat bestaat sinds 2001. We treden regelmatig op, repeteren veel en daarnaast is het veel plannen, overleggen, teksten schrijven. We organiseren ook muziekfestival September Me in Amersfoort, dat volgend weekend plaatsvindt. In het kwartet speel ik een begeleidende rol, een tussenstem. Niet de eerste viool.”

Wout: „We hebben allebei een persoonlijkheid om niet helemaal op de voorgrond te willen staan. Misschien is dat de reden dat die vriend ons wilde koppelen.”

Jeanita: „We zijn geen mensen die eerste viool willen spelen.”

Wout: „Als we tweede viool spelen, komen we meer tot ons recht.”

Jeanita: „Aafke zit sinds kort op vioolles, na lang zeuren. Van mij hoefde het niet, ze zat al op ballet en zwemles. Maar ze wilde het echt en ze gaat als een malle! Op Koningsdag heeft ze al 40 euro verdiend met vioolspelen op straat.”

Wat is je laatst verstuurde Tikkie

Jeanita: „Geld voor een kinderkledingkast die ik verkocht heb aan iemand hier in de buurt.”

Weekboodschappen of iedere dag naar de supermarkt?

„We wonen naast een Plus-supermarkt maar ik doe elke zaterdagochtend weekboodschappen bij de Lidl”, zegt Wout. „Dat is zes minuten fietsen, maar de Plus is duurder en ik vind Lidl een heerlijke supermarkt! Ze hebben goeie noten, goed brood en altijd weer andere producten. Nu eens hebben ze een Italiaanse week met burrata of zo, je weet nooit zeker wat er is. En ze hebben een speciale sectie met boormachines, mannenpyjama’s en tuingereedschap. We hebben er ook eens een supboard gekocht, een surfplank om staand op te peddelen.”

Wat is je laatste grootste uitgave?

Een dure schoenenkast voor in de gang, op maat online besteld. Jeanita: „Aafke doet niet mee, helaas, maar ik zie liever één paar schoenen bij de achterdeur dan zes!”

Tweedehands of liever nieuw?

Ze kopen behoorlijk veel tweedehands, zoals een grote katoenen De Waard-tent. „Ik doe ook mee aan een kledingruil hier in Noord met zestig tot zeventig vrouwen die zakken kleding bij elkaar bezorgen”, zegt Jeanita. „Je kunt eruit halen en erin doen wat je wil. Er is een speciale zak voor kinderkleding en eentje voor volwassenen.”

Hoeveel zakgeld geef je je kinderen?

Aafke krijgt 50 cent per week.

Hoe vaak ruim je het huis op?

Bijna elke dag. „Dat moet ook wel met twee kleine kinderen”, aldus Jeanita.

Wat was echt een miskoop?

Een brillenplankje in de vorm van een egelsilhouet. Het zag er leuk uit, maar Wouts bril viel er steeds vanaf.

Wie bedenkt wat je gaat eten?

Wout, want hij kookt ’t vaakst. Als Jeanita kookt, gebruikt ze Wouts weekboodschappen niet, maar koopt ze bij de Plus waar ze die dag zin in heeft.

Waar geef je met schuldgevoel geld aan uit?

„Nieuwe kleding”, zegt Jeanita.

Waar spaar je voor?

Ze sparen nergens specifiek voor, maar willen ooit op reis naar Zuid-Afrika, als de kinderen wat ouder zijn.

Beste tip voor huishouden of financiën?

Wout: „Ga naar de Lidl!”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Slim Leven

Stukken die je helpen om je leven fijner en je carrière beter te maken

Source: NRC

Previous

Next