Verslavingszorg De gemeente Amsterdam overweegt medische uitgifte van crack aan verslaafden. Deskundigen zoeken uit of gebruikers en behandelaars dat zien zitten. „Een man zei: graag, want ik heb al twaalf keer in de gevangenis gezeten door crack.”
Crackgebruikers in het Oosterpark in Amsterdam. Crackgebruik neemt in Nederland opnieuw toe.
Amsterdam overweegt een experiment met het medisch verstrekken van de zeer verslavende drug crack, die in Nederland opnieuw populairder wordt, bleek uit een recente publicatie van NRC. Komend jaar wordt een vooronderzoek gedaan. Als de resultaten positief zijn, hoopt Amsterdam in 2027 proef te draaien met crack op recept, zegt emeritus hoogleraar verslavingszorg Wim van den Brink, die bij het project betrokken is als onderzoeker.
Als een experiment in Amsterdam succesvol is, kan medische verstrekking van crack over vijf jaar ook in andere steden praktijk worden. Nederland zou dan het eerste land zijn dat crack op recept verstrekt. Crack is een bewerkte vorm van cocaïne, die knettert als je het rookt. De gemeente heeft 110.000 euro uitgetrokken voor het vooronderzoek. Initiatiefnemers zijn de belangenvereniging voor druggebruikers MDHG, en Mainline, een organisatie die de schade van drugsgebruik probeert te verminderen en zich inzet voor de gezondheid van gebruikers.
Vorig jaar organiseerde burgemeester Halsema een internationale conferentie in Amsterdam waar besproken werd „hoe en niet of” drugs verder gereguleerd kunnen worden. Ook in Zwitserland gaan stemmen op om cocaïne te reguleren, al is niet duidelijk of dat om rookbare of snuifbare coke gaat. Toen Nederland in de jaren negentig heroïne ging verstrekken aan verslaafden, was Zwitserland een voorbeeld. Dat land kampt nu met een enorme stijging van basecokegebruik – zoals crack ook wordt genoemd.
Ook in Nederland wordt crack, na een opleving in de jaren tachtig, opnieuw populair. In Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Den Haag, Eindhoven en Heerlen neemt volgens hulpverleners het aantal gebruikers toe. Deels komt dat door nieuwe groepen gebruikers, zoals Oost-Europese arbeidsmigranten en jonge Noord-Afrikanen zonder uitzicht op een asielvergunning, die op straat leven. De laatste schatting van het aantal crackverslaafden, door het Trimbos-instituut, is van 2012. Toen ging het om ruim 6.600 personen in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag.
Crackgebruikers hebben vaak veel problemen: veel van hen zijn dakloos, hebben schulden en belanden in de (kleine) criminaliteit.
Die problemen zijn voor de gemeente Amsterdam aanleiding om onderzoek te laten doen naar crackverstrekking, laat ze desgevraagd per mail weten. Dat onderzoek richt zich op „een kleine, zeer kwetsbare groep” in Amsterdam. Bewezen effectieve behandelingen om van crack af te komen zijn er bovendien nog niet, schrijft de gemeente. Crack op recept zou, zo schrijft de gemeente, kunnen zorgen voor „stabielere toegang tot een veilig product, minder afhankelijkheid van dealers, en vooral: meer contact met hulpverlening en psychosociale ondersteuning”.
Wim van den Brink, bestuursvoorzitter van Mainline, vertelt samen met Dennis Lahey, directeur van MDHG, over het onderzoek. Ze wegen hun woorden nauwkeurig in het krappe kantoortje van Lahey in het centrum van Amsterdam. Want de verstrekking van harddrugs op recept ligt gevoelig, weten ze. Ook willen ze geen valse verwachtingen wekken bij de doelgroep. „We moeten nog veel uitzoeken voordat we de tent openen en zeggen: kom maar”, zegt Van den Brink.
Voordat de onderzoekers met potentiële behandelaars, zoals verpleegkundigen en verslavingsartsen spreken, willen ze weten hoe gebruikers denken over crack op recept. Ze stellen een lijst met veertig tot vijftig vragen op, die ze komende maanden voorleggen aan 150 tot 200 gebruikers. Die vragen zijn gebaseerd op de drie groepsgesprekken die ze de afgelopen maanden hielden met in totaal ruim twintig crackrokers.
Die gesprekken waren „heel openhartig” , zegt Lahey. Gebruikers vertelden over hun gewoonten: hoe ze gebruiken, hoe vaak en wanneer. Ook deelden ze hun gedachten over crack op recept. „Een man zei: graag, want ik heb al twaalf keer in de gevangenis gezeten door crack. Was ik maar wodkaverslaafd geweest”, zegt Lahey. De man is, zoals zoveel crackgebruikers, constant op zoek naar geld om nieuw spul te kopen. Crack is na vijftien minuten uitgewerkt, kort daarna krijgt een gebruiker zin om weer te roken. Sommigen stelen om hun verslaving te bekostigen.
Een grote groep crackgebruikers heeft hun gebruik „prima onder controle”, zag Lahey in de groepsgesprekken, zij gebruiken nu al op gezette tijden, wat ook zou kunnen werken bij medische crackverstrekking. Voor enkele gebruikers is crack op recept niet weggelegd. Een vrouw die Lahey al langer kent en die ook deelnam aan de gesprekken, haalt regelmatig drie dagen door op crack, vertelt hij. „Zij zei meteen: dit is niks voor mij.”
Zilverpapier – gebruikt voor het verhitten van crack – op de grond in het Oosterpark.Foto Simon Lenskens
Het traject met heroïneverstrekking, waar Nederland in de jaren negentig mee begon, kan een blauwdruk vormen voor crackuitgifte. Gebruikers die met methadon (een sterke pijnstiller die gebruikt wordt bij verslaving aan opiaten) niet geholpen waren, konden toen voor het eerst, ter experiment, ook heroïne gebruiken bij klinieken.
Van den Brink was hoofdonderzoeker van die heroïneproef. Het werd een groot succes: criminaliteit, overlast, het aantal gebruikers en (dodelijke) overdoses namen af. In 2006 werd medische heroïne geregistreerd als geneesmiddel en het is nog steeds in verschillende steden op recept verkrijgbaar. In 2021 waren er nog zo’n vierduizend heroïnegebruikers die onder medische behandeling stonden, volgens cijfers uit de verslavingszorg. De gemiddelde leeftijd van gebruikers steeg van 32 jaar (1989) naar 51 jaar (2021).
Heroïnegebruikers rookten ook vaak crack, voor een oppepper na de verdovende werking van heroïne. Toen overwogen Amsterdam en Rotterdam al om ook crack medisch te verstrekken, maar politiek gezien lag dat te gevoelig. „Iedereen was bang, wij mochten het niet onderzoeken”, zegt Van den Brink.
Wat de medische crackverstrekking lastiger maakt dan die van heroïne, is dat het effect van crack veel korter duurt dan van heroïne. Met een shot heroïne ben je gerust vijf uur zoet, zegt Van den Brink, met een hijs crack amper een kwartier. „Daarna worden gebruikers vaak onrustig en soms achterdochtig”. Wat dit betekent voor de verstrekking weten de onderzoekers ook nog niet.
Ook is het de vraag of alle crackgebruikers in aanmerking komen voor medische verstrekking. Bij de heroïneverstrekking mochten alleen gebruikers uit Nederland langskomen, die onvoldoende baat hadden bij een methadonbehandeling. Zou de overheid besluiten om ook bij crackverstrekking alleen Nederlanders te laten meedoen, dan zou dat betekenen dat veel Oost-Europese arbeidsmigranten niet welkom zijn. Dat zou Lahey triest vinden. „Zij vormen de nieuwe sociale onderklasse.”
De onderzoekers willen ook weten onder welke omstandigheden gebruikers medische crack zouden willen roken. Heroïne op recept krijgen gebruikers alleen door de drugs af te halen in een zwaar beveiligde kliniek met poortjes en verplichting tot identificatie. Andere mogelijke locaties bij crackverstrekking zouden een gebruiksruimte, GGD-post of verslavingsinstelling kunnen zijn.
De meestgenoemde wens in de groepsgesprekken was de crack mee naar huis kunnen nemen. Bij heroïneverstrekking is dat er nooit van gekomen, omdat overheden bang waren dat de medische drugs op straat zouden belanden. „Waarom zou een drugsgebruiker dat doen”, vraagt Lahey zich af, „als je goede dope hebt?” Een tussenweg, zegt Van den Brink, zou kunnen zijn dat gebruikers alleen hun derde portie op een dag mee naar huis krijgen.
Daarnaast hunkeren crackgebruikers naar dagbesteding, zegt Lahey, omdat ze de hele dag „aan het hosselen zijn voor een bolletje”. En daarbij hoort, naast geld zoeken, ook interactie en met mensen praten. „Het hoort bij hun leven.” Als dat straks niet meer hoeft, zegt Lahey, willen ze wel wat anders te doen hebben. „Schoonmaken, prikken in het park, wat ze ook nodig hebben om de dag door te komen.”
De gemeente Amsterdam en de onderzoekers zien crackverstrekking als een mogelijkheid om weer meer in te zetten op het beperken van schade voor gebruikers en samenleving, en niet alleen maar op het terugdringen van het gebruik. Van den Brink: „Als we dat niet doen, gaan onze straten er weer uitzien zoals in de jaren tachtig.”
Source: NRC