De lezersbrieven, over vallen en opstaan in het leven, liefhebben, solliciteren met een recruiterbot en waarom ‘schizofreen’ niet als metafoor moet worden gebruikt.
Slechts 7- tot 20 procent van de Nederlanders heeft nog vertrouwen in de politiek. Maar begint dit wantrouwen niet bij onszelf? Veel Nederlanders twijfelen aan hun eigen morele keuzes: energieverbruik, zorg, gezonde leefstijl, of de vaardigheden die ze moeten ontwikkelen. Wanneer we ons eigen oordeel niet meer vertrouwen, ondermijnen we ook het vertrouwen in de overheid.
Het gevolg is een steeds dwingender beleid: meer regels, gerichte belastingen, complexe toeslagen. Deze maatregelen raken iedereen, maar sommigen voelen zich harder getroffen. Het leidt tot een neerwaartse spiraal: wantrouwen in elkaar, strengere overheid, nog meer wantrouwen.
Wat als we eerst het onderlinge vertrouwen herstellen? Door meer vertrouwen in onze eigen keuzes, kan de overheid haar controlemechanismen terugschroeven en het verloren vertrouwen van burgers terugwinnen.
Mart Boden, Amsterdam
De nieuwsberichten in de krant werken vaak deprimerend en frustrerend. Het is daarom een verademing om regelmatig de relativerende woorden van de allerjongste en de alleroudste mensen in ons land te lezen in de rubrieken ‘Dit ben ik’ en ‘100’.
De levenslessen die hierin voorbij komen lijken klein en persoonlijk van aard te zijn, maar dragen wijsheden met zich mee die voor iedereen verhelderend en ontnuchterend kunnen werken in deze wereld, die steeds sneller lijkt (door) te draaien.
Neem de quote van Owen Kremers, 10 jaar oud. Hij heeft moeite met rekenen, vooral met breuken, maar zijn optimistische redenering ‘ik probeer het en als het niet lukt, dan lukt het gewoon niet’ werkt motiverend en is laagdrempelig.
Zijn benadering werkt in een klaslokaal ook prima: wanneer iets lastig lijkt te zijn en je probeert het, dan mag ook best iets mislukken. Even vallen en met behulp van een leraar, klasgenoot of ouder weer proberen op te staan zorgt ervoor dat je op je honderdste terug kan kijken op een leven lang leren en ontwikkelen.
Mislukken hoort er dus bij, daar leer je van, en een mooie bijkomstigheid is dat je er blijkbaar heel oud mee kan worden.
Pascal Cuijpers, Herten
‘Als je partner liever met een bot praat dan met jou, dan ligt de storing waarschijnlijk dichter bij huis dan in Silicon Valley.’ Aldus Sander Duivestein in zijn opiniestuk over ‘relaties/digitale affaires met een chatbot’. Maar de ellende kan wel degelijk aan de ander en diens verslaving aan de chatbot liggen.
Momenteel ligt directe consumptie voor het oprapen. Wordt het normaal geacht (en het is abnormaal!) direct op appjes te reageren, of je nu leest, vrijt, eet of een film kijkt. Dan is liefde onmogelijk. Net als een goede opvoeding, vriendschap, aandachtig een krant of boek lezen, trouwens.
Zo belanden we bij een opmerking van Michel Houellebecq van alweer een jaar of twintig geleden: dat moderne mensen niet meer in staat zijn tot liefhebben.
Renzo Verwer, Amsterdam
Solliciteren als student voelt tegenwoordig vaak alsof je praat met een algoritme in plaats van met een werkgever. Het eerste contact is zelden met een écht mens; steeds vaker beslist een recruiterbot of je verder komt. Efficiënt, maar vooral onpersoonlijk.
Zelf ben ik al meerdere keren afgewezen zonder dat iemand mijn motivatie of kwaliteiten heeft gezien. Niet omdat ik niet geschikt ben, maar omdat ik niet in de hokjes pas die vooraf zijn ingesteld. Kan ik bijvoorbeeld maar één zaterdag per maand werken in plaats van twee? Dan verklaart de bot me direct ongeschikt. ‘Volgende!’
Zo’n systeem weet niets van wie ik ben, wat ik kan en wat ik kan bijdragen. Het reduceert een sollicitatie tot een lijstje voorwaarden, en daarmee verdwijnen motivatie, flexibiliteit en persoonlijkheid uit beeld. En precies dat zijn vaak de eigenschappen die een bedrijf verder brengen.
Daarom: breng de menselijke maat terug. Want achter elke sollicitatie zit een echt persoon, geen algoritme.
Ronald Eisberg, Dedemsvaart
In de reportage over pensioenfondsen las ik: ‘Toch voelde dat voor de Nederlanders enigszins schizofreen.’ Daarmee gebruikt u een ernstige psychiatrische aandoening als losse metafoor voor tegenstrijdigheid.
Schizofrenie is echter geen ‘gespleten persoonlijkheid’, maar een complexe psychiatrische aandoening die levens ontwricht en mededogen verdient. Het herhaaldelijk grijpen naar dit soort gemakzuchtige metaforen houdt misverstanden in stand en versterkt het stigma waar patiënten en hun families dagelijks onder lijden.
Juist van een kwaliteitskrant verwacht ik journalistieke precisie. Woorden doen ertoe, zeker in een tijd waarin de geestelijke gezondheid zo’n belangrijk maatschappelijk thema is. Vermijd daarom het misbruiken van psychiatrische aandoeningen als metaforen.
Geertje Paaij, Hoorn
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.
Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant